woensdag 4 november 2015

Zes schrijvers op elkaar gestapeld (Athenaeum Boekhandel)

Na De tijd zelf (2011) verschijnt nu een tweede postume roman van Harry Mulisch: De ontdekking van Moskou. Anders dan het korte fragment dat de schrijver aan het einde van zijn leven nog nauwelijks had uitgewerkt, is deze meer dan tweehonderd pagina's tellende tekst ook te interpreteren als volwaardige roman. Het kan niet anders of De ontdekking van Moskou is de interessantste vondst in zijn nalatenschap. Mulisch heeft er in verschillende fases van zijn leven lange tijd aan gewerkt. Steeds lukte het hem niet om te maken wat hem voor ogen stond. Gezien het thema van de roman kon dat haast ook niet anders.

Al in 1963 produceerde De Bezige Bij een reisexemplaar van Harry Mulisch' nieuwe roman. De schrijver die zich altijd voor onsterfelijk heeft gehouden was toen halverwege de dertig. Het denkbeeld van een postuum oeuvre moet heel ver van hem af hebben gestaan. Toch is de gedachte te verleidelijk om er direct van uit te gaan dat hij daar helemaal niet mee bezig was. Waarom zou Mulisch De ontdekking van Moskou niet hebben geschreven om de bewust onvoltooid gelaten roman pas na zijn dood te laten uitgeven? De officiële aankondiging destijds zou dan alleen bedoeld zijn om het publiek vijftig jaar te laten smachten.
Laat het me uitleggen. Er is, in de kern van De ontdekking van Moskou, een schrijver die in de vijftiende eeuw meegaat op een Oostenrijkse expeditie naar de hoofdstad van het grootvorstendom Moskou. Deze roman wordt geschreven door A., die een schepping is van de schrijver Dirk Herxen. Deze laatste schrijft dan ook:

Met de vaststelling, dat dit een boek wordt over een schrijver, die het over een schrijver heeft, zal het natuurlijk een boek worden van een schrijver, die het heeft over een schrijver, die het over een schrijver heeft. Nu zijn het er weliswaar al drie, maar tegelijk met dit perspektief is een rotsvaste zekerheid ontstaan, want de eerste schrijver ben ik.

Maar dan zijn we er nog niet. Na Herxens voortijdig overlijden wordt zijn zwager J. Brugman aangewezen om het boek te voltooien. Die slaagt daar niet in, omdat hij zélf sterft, waarna zijn weduwe een zekere H.M. aanzoekt om het manuscript, met behoud van Brugmans aantekeningen, te voltooien. En dit alles is verzonnen door Harry Mulisch. Dat maakt uiteindelijk zes (!) schrijvers op elkaar gestapeld.
Wat is er dan mooier dan te veronderstellen dat Mulisch nóg een laag wilde toevoegen door zijn executeurs-testamentairs te dwingen mensen te zoeken die het nagelaten manuscript konden bezorgen? In zijn werkkamer lag een stapel van wel twaalf verschillende versies van De ontdekking van Moskou. Marita Mathijsen en Arnold Heumakers konden vandaag dus geen kant en klaar boek presenteren ter gelegenheid van Mulisch' vijfde sterfdag, maar moesten in feite zelf een boek maken, voorzien van eindnoten, nawoord en meer. Mulisch maakte ze zo volledig verantwoordelijk voor de roman waar hij zelf zijn handen van aftrok.
Helaas. Zo zit het niet. De bezorgers wijzen er op dat Mulisch zich vrolijk zou hebben gemaakt over de gang van zaken, maar de schrijver had het project toch echt het liefst tot een goed einde gebracht. Zo veel energie als hij er een hele carrière lang in had gestoken. Al in 1949, toen hij voor het eerst las over de merkwaardige vijftiende eeuwse expeditie, zag hij de potentie ervan voor een roman. Nog in 2002 hoopte hij het boek ooit te voltooien. Het was naar eigen zeggen mislukt omdat hij er te veel meningen over de actualiteit in wilde stoppen, zei hij ooit. En, zei hij later, de karakters kwamen niet tot leven. Maar het boek bleef hem dierbaar tot zijn laatste snik.
Zou het in geval van voltooiing een mooier boek zijn geworden dan het nu is – als grap die hij met zijn achtergebleven lezers heeft uitgehaald?

De ontdekking van Moskou in deze onvoltooide, geplunderde en hier en daar schetsmatige vorm is een ingenieuze puzzel. De gebeurtenissen in de ene laag spiegelen voortdurend de gebeurtenissen in een andere. Als de vijftiende eeuwse avonturiers uit Innsbruck vertrekken, reist de schrijver van het boek over deze reis naar Moskou om daar te werken én zakt de terminale zieke Herxen af naar Italië in de hoop er in de laatste dagen van zijn leven zijn boek te voltooien. En dat is dan nog een vrij eenvoudig voorbeeld van de synchroniciteit die Mulisch overal heeft aangebracht.
Die aanpak werpt zicht op het voornaamste doel dat Mulisch met het boek had: laten zien hoe proza ontstaat. Hoe toevallige omstandigheden in het schrijversleven een roman vorm geven. Hoe ieder schrijven altijd autobiografisch schrijven is. Maar ook: hoe onmogelijk het is voor een auteur om een fictieve schrijver te scheppen die afwijkt van de schrijver die hijzelf is. Dat levert fraaie passages op die niet hadden misstaan in Voer voor psychologen (1961) – hét boek van Mulisch waarin hij, in dezelfde tijd dat hij aan deze roman werkte, zijn theorieën over het schrijverschap uiteenzette. Sterker: De ontdekking van Moskou is het praktijkvoorbeeld bij dit theorieboek.
Heel mooi is dit fragment:

Ik moet oppassen, dat ik mij niet te veel vastleg. Langzamerhand heb ik geleerd, dat een mens niet vrijblijvend iets bij elkaar kan fantaseren – of nog wel fantaseren, maar niet opschrijven. Zodra iets opgeschreven is, wordt het hard als klei die niet natgehouden wordt, en dan kost het beestachtige moeite om er nog iets aan te veranderen; meestal moet het helemaal kapotgeslagen worden en je kunt opnieuw beginnen. Schrijven is blijkbaar een uitdrogingsproces; het verschil tussen het nietopgeschrevene en het opgeschrevene is dat tussen een meisje in een witte jas en het kadaver op tafel.

Het 'Moskou' van de titel is dan ook niet alleen de gehoopte bestemming van de expeditie. Het is ook de bestemming van iedere schrijver, maakt Mulisch op allerlei manieren aannemelijk. De stad die iedereen weliswaar kent, maar die in de vijftiende eeuw én in het midden van de koude oorlog een moeilijk bereisbare, mysterieuze plaats was, is een metafoor voor de ideale tekst die op een of andere manier al bestaat, maar tegelijk onontdekt is en zelfs met een zuivere intuïtie, grote werkkracht en intelligentie nooit helemaal bereikt wordt. Het is niet toevallig dat het 'Kremlinwatchen' op zijn hoogtepunt stond toen Mulisch dit beeld bedacht.
Het doet er dan ook niet toe dat Mulisch het boek niet af kreeg – ook als het niet de sublieme grap is die ik ervan wil maken. De ontdekking van Moskou is intrigerend genoeg. Het is waar dat het moeizaam is om een zo onafgewerkt verhaal te lezen, waar bovendien passages uit verdwenen zijn omdat Mulisch ze hergebruikte, maar de schrijver zocht zo nadrukkelijk het experiment op dat een voltooid boek niet makkelijker zou zijn geweest. Mulisch was nog niet de schrijver van toegankelijke romans als Twee vrouwen (1975), De aanslag (1982) en De ontdekking van de hemel (1992).
Bovendien: deze versie geeft de lezer optimaal de ruimte om zijn eigen interpretatie aan het boek toe te voegen. De achtste laag.
(Eerder gepubliceerd op Athenaeum Boekhandel.nl, 30 okt)

Meer Mulisch op dit blog:

maandag 2 november 2015

Nederlands populairste vlogger Enzo Knol verkoopt eigen boek alleen zelf (Boekblad)

Knolpower! van Enzo Knol is momenteel dé bestseller van FC Klap. En dat terwijl het boek alleen op de site van de vlogger te koop is. Directeur Rob Klap van de uitgeverij roept het boekenvak op met zijn allen na te denken hoe het mee kan profiteren van dit nieuwe, immens populaire medium.

Knol kondigde zijn eigen boek precies twee weken geleden in zijn 800e vlog aan. Vanaf dat moment konden de bijna een miljoen abonnees van zijn Youtube-kanaal voor 14,99 euro Knolpower! bestellen. Vorige week vrijdag presenteerde hij het boek in een sporthal in Hilversum, waar driehonderd fans een gesigneerd exemplaar konden kopen. En inmiddels zijn er meer dan 4.500 exemplaren verkocht. 'En dat is dus ook echt betaald en verstuurd', zegt Klap. 'Er is uiteraard geen recht van retour.'
Knol betrekt zijn kijkers nadrukkelijk bij het boek. In aflevering 800 bezoekt hij het kantoor van FC Klap – zo trakteert hij vormgeefster Mirjam Bakker, die allemaal opgestuurde selfies van Knol-kijkers in het omslag verwerkte, op een confettidouche. In aflevering 802 is hij met zijn vriendin en moeder bij uitgeverij Ten Brink, waar Knolpower! wordt gedrukt. In aflevering 809 heeft hij de stapel in huis en kan hij er voor het eerst door bladeren. En in aflevering 811 is de presentatie in Hilversum te zien.
FC Klap heeft het 164 pagina's tellende boek in zijn geheel gemaakt, uiteraard in nauw overleg met Knol zelf.  Van de inhoud – interviews met Knols familieleden, een fotoreportage van zijn jeugd in Assen, een spoedcursus vloggen, een overzicht van de spraakmakendste vlogs en de grootste bloopers – tot de vormgeving en productie. Alleen de verzending verzorgt Knols vaste distributiepartner, die ook zijn merchandising verstuurt.
'Wij zijn met Enzo in contact gekomen omdat wij ook het Boer zoekt vrouw-magazine hebben gemaakt', vertelt Klap. 'De producent van dat programma is verbonden aan Divimove, dat wereldwijd honderden Youtubers vertegenwoordigt. Knol was al in gesprek met een aantal andere uitgeverijen, maar was daar niet tevreden over. Divimove zei toen: ga eens met FC Klap praten. Een van de punten waarom hij niet tevreden was, was dat die uitgeverijen het boek via reguliere kanalen wilden verkopen.'
Knol wil Knolpower! per se alleen via zijn eigen site verkopen. Klap: 'Hij heeft gezegd: het kan best dat ik dan minder verkoop, maar ik wil het op dit moment graag zelf doen. Ik vermoed dat een van de redenen is dat als het boek goed loopt, hij er meer aan verdient.' Klap geeft geen details over hun financiële afspraken maar zegt wel: 'Wij hebben een verdeling gemaakt dat ook recht doet aan al ons werk. Hij krijgt daarbij per exemplaar meer dan het traditionele royaltypercentage.'
Het is niet dat Klap zelf de boekhandel wilde overslaan. 'Je verkoopt dan zeker meer. Of je dan ook meer verdient is een tweede.' Maar voor partijen als Divimove en Knol zijn de kosten voor tussenhandelaars als CB en boekhandel te hoog. 'Zij hebben rechtstreeks contact met hun doelgroep, dat bovendien volkomen gewend is online te bestellen. Zij willen, als ze bijvoorbeeld met een boek komen, dan volledig meebepalen wat een uitgever doet en daarvoor royaler gehonoreerd worden dan auteurs gewend zijn.'
Tot nu toe zijn er weinig andere Nederlandse vloggers met een boek. Klap verwijst naar Mascha Feoktistova die vorig jaar Happy life (Bertram + De Leeuw) uitbracht en daarmee 14 weken in de Bestseller 60 stond – al is dat eerder een blogger (over beauty) dan een vlogger. Maar het zal zeker niet bij Knol alleen blijven. Klap is al, via Divimove, met een aantal andere vloggers in gesprek. En ook van hun boeken is het maar de vraag of die via de boekhandel te krijgen zullen zijn.
Klap: 'Het zijn, mede door de wensen van de Youtubers, lastige boeken om goed rond te rekenen. De boekhandel zal er zelf ook over na moeten denken wat ze wil met dit hele nieuwe medium die echt een enorm bereik heeft. Het zou bijvoorbeeld leuk zijn als boeken zoals Knolpower! enige tijd na verschijnen alsnog in de boekhandel liggen. Eventueel kan dat ook via een keten die het boek wil adopteren en er dan echt mee uitpakt. Daar zijn nu trouwens met Knol nog geen afspraken over gemaakt.'
Dat er belangstelling is voor boeken van vloggers is zeker. In Engeland staat momenteel de tweede roman Girl Online: On Tour van Zoella op een. In Amerika stonden deze week drie boeken van vloggers in de top 20 – van Tyler Oakley (op 7), Dan Howell en Phil Lester (op 13) en PewDiePie (op 20). En in Nederland krijgt FC Klap dagelijks boekhandels aan de lijn die – tevergeefs – Knolpower! voor een klant proberen te bestellen. 'Dat is helaas niet voor elk boek het geval', zegt Klap.
Dat laatste neemt niet weg dat het met de boekenpoot van het mediabedrijf 'goed' gaat, aldus Klap. 'Wij hadden dit jaar een boek over John de Mol dat we konden herdrukken. En we presenteren volgende week twee nieuwe boeken: van Vincent Bijlo en Will Luikinga waar we best wat van verwachten. Maar het is soms lastig aan boeken te verdienen. Juist daarom is het ook goed om naar alternatieven te kijken zoals het maken van een boek voor Knol.'
FC Klap richt zich, als uitgever van tijdschriften en boeken, op omroepen. Het geeft vakblad Broadcast magazine uit, maakt speciale magazines voor de Top 2000 en The Voice of Holland en publiceert ieder half jaar een Z@ppelin-doeboek. Ook geeft FC Klap boeken uit van Boer Jos (van Boer zoekt vrouw), inmiddels twee Koffietijd kookboeken (een spin off van het gelijknamige RTL-programma) en een greep uit de hoogtepunten van het Radio4-programma Een goede morgen met...
Klap: 'Wij zitten in Hilversum. Dat heeft zijn voordelen. We proberen elk boek zoveel mogelijk exposure te geven via de media. Maar het is – helaas – geen gouden regel dat als een boek op tv komt het ook succesvol is. Het wisselt per uitgave, zoals dat voor iedere uitgever geldt. Ik proef ook niet echt méér concurrentie van andere uitgevers die een boek van een radio- of tv-programma willen maken. Ik denk omdat zij ook hebben ervaren dat die gouden regel niet geldt.'
(Eerder gepubliceerd op Boekblad.nl, 30 okt) 

vrijdag 30 oktober 2015

De eerste alinea van 'Moederziel' van Krijn Peter Hesselink

Hoe makkelijk moet een schrijver het zijn lezers maken om in een verhaal te komen? Niet te makkelijk in ieder geval. Voor je het weet krijg je – zoals ik eerder dit jaar in Kwaad daglicht van Marleen Schefferlie tegenkwam – een soort monologue interieur van een meisje die er voor alle duidelijkheid bij zegt dat Marijke haar moeder is. Een grove blunder die de geloofwaardigheid van de roman direct onderuit haalt, want wie legt aan zichzelf uit: Marijke, o ja, dat is mijn moeder? Maar of de moeilijke variant van Hesselink perfect is, durf ik ook te betwijfelen.
Moederziel begint zo:

'In de weerspiegeling van de ruit zie ik een verkleumde man alleen op straat staan. Zijn ontblote bovenlijf loopt vooruit op een zonnige zomerdag. Ik voel geen behoefte mezelf in hem te herkennen. Net zomin lijkt het me nodig mijn blik te laten afdwalen naar de brochures die met hun hoekige blokletters – wat is de morningafterpil, hoe werkt de morningafterpil, wat zijn de bijwerkingen van de morningafterpil – hardnekkig proberen mijn aandacht te trekken. Gelukkig is er binnen meer te zien.'

Het kan aan mij leggen, maar volgens mij is hier te veel onduidelijk om snel genoeg grip te krijgen op de eerste alinea (waarvan ik tweederde heb geciteerd). Ik moest in de loop van zeker drie, vier bladzijdes steeds teruggaan naar deze passage. Er is dus een ruit – van wat? Een ontbloot bovenlijf loopt deze zomerdag vooruit – waarheen? Hoezo wil 'ik' zich niet in hem herkennen? Is hij soms ook verkleumd? Waar zijn die brochures? Liggen die buiten? Hoezo dan? Want kennelijk is binnen meer te zien? Et cetera. Ik voelde alleen aan dat de 'ik' dringend een morningafterpil nodig heeft (correct, zo bleek).
Het is, vrees ik, moeilijk mijn verwarring uit te leggen. Ik kan alleen hopen dat iedereen die, zonder enige kennis van plot of thematiek, deze passage leest, hem net zo mistig vind. Met iets meer detail over de situatie en de toestand van de hoofdpersoon zou het begin duidelijker zijn zonder dat je, volgens mij, afdoet aan de bevreemdende situatie die de lezer prikkelt door te lezen. Ook voor 'vooruitlopen' moet een alternatief worden bedacht: als een lezer nog zo weinig informatie heeft (het is pas de tweede zin), heb je niet meteen door dat 'vooruitlopen' niet letterlijk, maar figuurlijk is bedoeld.
Dan krijg je zoiets:

'In de weerspiegeling van de ruit zie ik een verkleumde man alleen op straat staan. Zijn ontblote bovenlijf doet vermoeden dat hij een zonnige zomerdag verwacht. Ik draag ook niet meer dan een broek, maar ik voel geen behoefte me aan hem te spiegelen. Ik wil hem niet eens zien, net zomin als de brochures die met hun hoekige blokletters – wat is de morningafterpil, hoe werkt de morningafterpil, wat zijn de bijwerkingen van de morningafterpil – hardnekkig proberen mijn aandacht te trekken. Gelukkig is er in de apotheek meer te zien.'

Ik ga natuurlijk verder dan een redacteur zou doen. Ik breng ook iets van mijn eigen stijl in. Maar het gaat om het idee: de tekst moet helderder.

Dit wil overigens niet zeggen dat Moederziel me tegenviel. Dat deed-ie niet. Hesselink schrijft toevallig net als Schefferlie in Kwaad daglicht over een gekke moeder, maar veel en veel beter. Hij weet op een heel natuurlijke en vanzelfsprekende manier haar afwijkingen te laten zien, hoe een klein jongentje – die niet beter weet – erop reageert én hoe die jongen zelf twintig jaar later in de war raakt als hij vreest zijn vriendin zwanger te hebben gemaakt. De titel vind ik bovendien zeer goed gekozen door de dubbele associatie met 'de ziel van moeder' en 'moederziel alleen'.

Zie ook:

donderdag 29 oktober 2015

Twintigjarige uitgeverij Aspekt is bijna elk jaar gegroeid (Boekblad)

Aspekt bestaat dit jaar twintig jaar. De uitgeverij viert geen feest, maar besteedt alleen aandacht aan het jubileum in haar tijdschrift Bühne.

Eigenaar Perry Pierik blikt voor het derde nummer van het 'tijdschrift voor literatuur en cultuur', dat eind volgende week verschijnt, in een column terug op twintig jaar uitgeven. Daarnaast schreef zijn auteur Bert van Nieuwenhuizen een Brief aan mijn uitgever en beschreef Sylvia Kamerbeek van de productie een dag op de uitgeverij – de dag nadat Jacoba van Tongeren werd geselecteerd door het DWDD-panel. 'Verder gaan we gewoon door', zegt Pierik. 'Vijf jaar geleden hebben we het wel gevierd, nu heb ik het te druk. Tot kerst zit er geen rustige dag meer bij.'
Na twintig jaar nadert het aantal uitgaven de tweeduizend. De Soesterberger uitgeverij Aspekt brengt jaarlijks ongeveer tweehonderd nieuwe titels en 25 herdrukken uit – die vervolgens altijd leverbaar blijven. 'In totaal zijn er zo'n 1400 à 1500 boeken van ongeveer duizend auteurs leverbaar, ik heb het niet exact bijgehouden. Alleen als een boek echt gedateerd is, omdat het bijvoorbeeld over de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2000 gaat, houden we het niet leverbaar.'
Het leeuwendeel van die titels is via printing on demand te krijgen: ongeveer tweederde, schat Pierik. Zolang er nog voorraad is of de omloopsnelheid is interessant genoeg om te herdrukken, blijft een titel regulier leverbaar. Zoals het grootste succes uit de geschiedenis van de uitgeverij: Sisi, leven en dood van Elisabeth, waarvan sinds verschijnen in 1999 50.000 exemplaren zijn verkocht. 'Er is van alles met dat boek gebeurd – tot aan speciale Bruna-editie. Maar ook de biografie van Eleonora van Aquitanië van Guus Pikkemaat is meermaals herdrukt. Ik denk dat wij de grootste biografieën-uitgeverij van Nederland zijn.'
De omzet is 'praktisch ieder jaar gegroeid, ook in de crisisjaren', zegt Pierik, die geen enkele indicatie wil geven over de hoogte van de omzet. Belangrijke tendens zijn de gestage groei in Vlaanderen, via hun verdeler Booxxe, en de verkoop via internet. 'Het meeste loopt nog wel via de boekhandel, maar toch 35 tot 40 procent via Bol. Dat is een heel fijne en makkelijke partij voor veel mensen. Wij zorgen dat we goed bij CB liggen en dan weten de klanten hun weg naar die boeken wel te vinden.'
Verwonderlijk is het niet. De on demand verkrijgbare titels waar geen overweldigende vraag meer naar is, liggen niet meer op de boekhandel. Daarbij is Aspekt actief in een aantal niches. Over een onderwerp als de Eerste en Tweede Wereldoorlog – waarover ook Pierik zelf talloze boeken voor zijn eigen bedrijf schreef – heeft de uitgeverij meer titels uitgegeven dan zelfs een in geschiedenis gespecialiseerde boekhandel op voorraad kan hebben: een stuk of vijfhonderd. Voor dit fondsonderdeel maakt Aspekt ook een eigen catalogus.
In al die jaren heeft de uitgeverij wat Pierik betreft een herkenbaar fonds gehouden. 'Ik wilde een klassiek breed fonds zoals vroeger Balans en AP of nu Prometheus/Bert Bakker: met een literaire klassieke ouderbouw, daarboven moderne auteurs en een stevig non-fictiefonds met politiek, religie, filosofie, geschiedenis en erotica. Alleen krijgt de ene fondslijn soms meer vaart dan de andere. Als je succes hebt in een genre weten andere auteurs van dat genre je eerder te vinden.'
Als een fondslijn ondergesneeuwd dreigt te raken, legt Aspekt daar meer nadruk op. 'Daarom zijn we vorig jaar met Bühne begonnen: om die literaire poot te versterken. We geven we dat heel veel aandacht via sociale media – ik denk dat geen uitgeverij zo veel met sociale media doet als wij. En nu gaat ook de erotica weer harder. Wij komen met een tijdschrift: Afrodite, en hebben tegenwoordig de Oude Hoeren [Martine & Louise Fokkens], van wie binnenkort hun vijfde boek uitkomt. Een boek van hen, Op de Wallen, brengen we zelf in het Engels als: At the Red Light District.'
Pierik betreurt het alleen dat de boekhandel de breedte van het fonds niet altijd even goed herkent en waardeert. 'Er zijn weinig onderwerpen waar wij niet iets leuks over hebben – tot theologie aan toe, we hebben heruitgaven van Herman Bavinck en nieuwe titels van Willem Ouweneel. Ik zie dat als een rijkdom, maar soms is het wel eens lastig. We lossen dat op door, vanuit een groot databestand, per boekhandel te laten zien welke titels voor die winkel onmisbaar is.'
Ook over 2015 heeft de uitgever niet te klagen. De biografie van verzetsheldin Jacoba van Tongeren, geschreven door haar neef Paul van Tongeren, is na te zijn getipt door het DWDD-panel inmiddels toe aan zijn derde druk. En wellicht de grootste klapper moet nog komen: de biografie van Ad Scheepbouwer, oud-topman van KPN, die René van Rooij heeft geschreven. 'Best bijzonder, dat boek. Ad Scheepbouwer is nooit zo scheutig geweest met interviews. Volgende maand zit hij en de auteur bij Humberto Tan op RTL4.'
(Eerder gepubliceerd op Boekblad.nl, 20 okt)

dinsdag 27 oktober 2015

Leesbaar Amsterdam tovert stadsplattegrond om in citaten-databank (Boekblad)

Een kaart van Amsterdam geheel opgebouwd uit literaire citaten. Uitgevers durfden het niet te publiceren, maar de belangstelling voor Leesbaar Amsterdam is meteen groot.

Het idee is van schrijver Erik Nieuwenhuis, die ooit een vergelijkbare kaart zag van het centrum van Sint-Petersburg, waarbij iedere lijn van een straat, rivier of park was vervangen door een citaat over die plek. Samen met zijn collega Louis Stiller zocht hij citaten over Amsterdam. Yolanda Huntelaar, die eerder boeken als De grote Van Gogh Atlas verzorgde, tekende voor de vormgeving.
Aanvankelijk zocht het drietal een uitgever voor Leesbaar Amsterdam. 'Maar wij kwamen erachter dat een uitgever toch wat terugschrikt voor het publiceren van een kaart,' vertelt Stiller. 'Zeker zo'n bijzondere en vernieuwende kaart als deze. Uitgevers geven boeken uit, in zo'n kaarten- en postermarkt zijn ze gewoon minder thuis. Toen besloten we de kaart zelf uit te geven.'
De kaart is op voorraad verkrijgbaar in drie vormen: een plano kaart op A0-formaat (24,50 euro), een opvouwbare kaart op A1-formaat in een luxe doos (14,50 euro) en een boekje met deelkaarten (19,50 euro). Alle producten zijn voorzien van een auteurs-, locatie- en straatnamenregister. Daarnaast is de kaart te bestellen op behangformaat van 3,5 bij 2,5 meter (479 euro) en zijn speciale verzoeken mogelijk.
De oplage van de drie kaarten is bij elkaar ongeveer 3000. Stiller: 'Dat is een flinke investering, ook omdat voor iedere kaart doosjes, stickers enzovoort nodig zijn. Dat heeft ons heel want slapeloze nachten bezorgd. We moeten ongeveer de helft verkopen om uit de kosten te komen. Daarna maken we een lichte winst en zien we iets terug van de duizenden uren die we erin hebben gestoken.'
Zo bekeken blijft het een hobbyproject. Bijna vier jaar werk zit er in Leesbaar Amsterdam. 'Citaten over de Dam of het Stationsplein vindt je natuurlijk zo, maar als je diep in Zuid of Oost naar een goed citaat zoekt, ben je daar soms dagen mee bezig.' De bedoeling was immers dat een citaat echt over die plek ging. 'En anders hebben we het opgelost met liedjes, andere citaten over Amsterdam of typisch Amsterdamse woorden als patjepeeër en kassiewijle.'
Nescio wordt het meest geciteerd – uiteraard ontbreekt zijn beroemde zin over de Sarpathistraat niet – gevolgd door A.F.Th. van der Heijden en Theo Thijssen. Deze zin van Harry Mulisch slingert precies over de straten die hij noemt: 'Holderdebolder het Rokin op, de Munt over, via het Rembrandtsplein naar de Wibautstraat' – inclusief de foutieve s in Rembrandtsplein.
De kaarten zijn te krijgen op de site van Leesbaar Amsterdam en bij een reeks winkels en instellingen in Amsterdam, die daar worden opgesomd. 'Maar we worden steeds meer benaderd door winkels van buiten Amsterdam die hem ook willen verkopen', zegt Stiller. 'In eerste instantie plekken vlak buiten de stad: Purmerend of Haarlem. Er zijn natuurlijk genoeg mensen die iets met Amsterdam of literatuur hebben.'
Hoe de verkoop loopt, kan Stiller nog niet zeggen. De kaarten zijn pas afgelopen zondag in de Openbare Bibliotheek Amsterdam gepresenteerd – met onder meer een literaire citatenquiz, gewonnen door schrijver Richard de Nooy. 'Tot nu toe gaat het wel goed. De kaarten zijn ruim ingekocht en een van ons drieën gaat dagelijks met een volgeladen bakfiets naar het postkantoor.'
Op dit moment hebben de makers geen plannen voor evenementen of acties. Maar het is duidelijk dat er met een dergelijk tijdloos product nog genoeg mogelijkheden liggen. Mogelijk kan ook een marketeer met kennis van de cadeaumarkt veel voor het product betekenen. 'We proberen het eerst op eigen kracht. Wij hebben wel enige ervaring met uitgeven. Maar als we uitgepuft zijn denken we er verder over na.'
Zeker is nu alleen dat er een vervolg komt: Leesbaar Nederland. Een kaart die iets makkelijker is te maken omdat hij minder gedetailleerd is. Stiller: 'Mogelijk is die dan al eind volgend jaar klaar. En daarna hopen we meer producten – kaarten van verschillende steden – te maken. We willen met organisaties als de CPNB en Nederlands Letterenfonds praten om te kijken of en hoe we dat met hen kunnen opzetten.'
(Eerder gepubliceerd op Boekblad.nl, 22 okt)

Zie ook:

maandag 26 oktober 2015

Boek MH17 komt bij voldoende vraag in de verkoop (Boekblad)

Als er genoeg belangstelling voor is, is de Onderzoeksraad voor Veiligheid bereid een boek over het onderzoek naar de ramp van de MH17 voor de verkoop beschikbaar te stellen. Aanvankelijk is het alleen gemaakt voor de nabestaanden.

Dat zegt woordvoerder Wim van der Weegen van de Onderzoeksraad. MH17 - Onderzoek, feiten, verhalen is geschreven om tegemoet te komen aan vragen van nabestaanden. 'Tijdens het onderzoek hebben we niets naar buiten gebracht, ook niet aan nabestaanden. Zo proberen we voor hen inzichtelijk te maken hoe het onderzoek is verlopen', legt Van der Weegen uit. 
Auteur van het 288 pagina's tellende boek is journalist en schrijfster Miek Smilde, die daarvoor meer dan veertig gesprekken voerde met raadsleden en medewerkers van de Onderzoeksraad en toegang kreeg tot vergadernotulen en interne bijeenkomsten. Zij kon zo van binnenuit een spannende, intieme reconstructie schrijven over de manier waarop de Onderzoeksraad, vanaf het moment dat zij het nieuws hoorde, te werk is gegaan.
Smilde schreef het boek tussen 1 maart en 17 juli 'in een snelkookpan', zegt ze in de Volkskrant, die vanmorgen het bestaan van het boek naar buiten bracht. Het boek met isbn 978 90 450 3121 7 is geproduceerd door Atlas Contact en ook beschikbaar in een Engelse vertaling. De gecombineerde oplage bedraagt 4.000 exemplaren.
Het boek is uitgedeeld op de nabestaandebijeenkomst op 13 oktober, waar de Onderzoekraad de conclusies van haar werk presenteerden. Wie daar niet bij aanwezig was, kreeg het nagestuurd. Het boek is echter niet geheim of exclusief, zegt Van der Weegen. Iedere journalist die er nadien naar vroeg kreeg een pdf gemaild. Ook ondergetekende beschikt inmiddels over het bestand.
Vooralsnog zijn er geen plannen het boek verkoopbaar te stellen. Daarvoor kreeg de Onderzoeksraad er tot nu toe te weinig vraag naar. Maar Van der Weegen beseft dat nu het bestaan van het boek in de krant heeft gestaan, de belangstelling mogelijk groeit. Een goede indicatie zou wellicht de prijs zijn van een tweedehands exemplaar, maar dat wordt nog niet aangeboden op Boekwinkeltjes.nl of Antiqbook.
De Onderzoeksraad is bij Atlas Contact uitgekomen nadat het in het voorjaar een drietal algemene uitgeverijen van non-fictie om een offerte vroeg. Deze uitgeverij kwam het beste uit de bus op grond van het gevraagde bedrag, de productietijd en andere voorwaarden. Zo moest het boek per se tegelijk klaar zijn met het officiële onderzoeksrapport.
'Wij hebben behalve de productie een lichte redactieronde gedaan', vertelt redacteur Bertram Mourits. 'Niets inhoudelijk – daarvoor was de Onderzoeksraad verantwoordelijk. We hebben gekeken of de zinnen fatsoenlijk en goed lopen. We maken wel vaker boeken in opdracht, specials voor bedrijven en zo, maar dit is natuurlijk wat bijzonderder.'
Behalve het officiële onderzoeksrapport – te downloaden op de site van de Onderzoeksraad voor Veiligheid – zijn inmiddels meerdere MH17-titels beschikbaar. Elsevier maakte vorig jaar een special die nog altijd te koop is. Joost Niemöller schreef MH17 de doofpotdeal (Van Praag). Volgende maand verschijnt MH17 – De thuisreis van Lex Meulenbroek en Paul Poley (Thoeris).
(Eerder gepubliceerd op Boekblad.nl, 23 okt)

zondag 25 oktober 2015

De Bezige Bij acquireert backlist van Svetlana Alexijevitsj (Boekblad)

De Bezige Bij heeft de rechten verworven op nagenoeg de belangrijkste non-fictieboeken van Nobelprijswinnares Svetlana Alexijevitsj. De uitgeverij vindt kritiek dat Het einde van de Rode mens te lang niet leverbaar was onterecht. Het boek verkoopt nu goed.

De backlist bestaat uit in totaal vier titels. Als eerste verschijnt komend voorjaar De oorlog heeft geen vrouwelijk gezicht, Alexijevitsj' debuut uit 1985 dat haar direct enkele belangrijke prijzen in de Sovjet-Unie opleverde. Daarin vertellen vrouwen uit het Rode Leger over hun ontberingen tijdens de Tweede Wereldoorlog.
'Dat is het boek dat alom wordt gezien als haar doorbraak. Dat laten we nu vertalen – door Jan Robert Braat, die ook Het einde van de Rode mens heeft gedaan', zegt hoofdredacteur non-fictie Haye Koningsveld.
De Bezige Bij hoopt de schrijfster bij de uitgave van haar debuut naar Nederland te halen. 'Zij verblijft in maart/april een maand in Berlijn. We zijn met haar in gesprek om haar dan uit te nodigen', aldus Koningsveld. 'Dit najaar gaat niet meer lukken. Ze zit volledig volgeboekt – onder andere met een reisje naar Stockholm.'
Hoe het uitgeefprogramma er daarna uitziet, kan Koningsveld nog niet zeggen. 'We zijn bezig het plan te vervolmaken. Het kan zijn dat we al snel Wij houden van Tsjernobyl brengen, dat al in het Nederlands is vertaald [in 2005 verschenen bij Mets & Schilt, md].'
Behalve de twee al genoemde titels kocht De Bezige Bij Laatste getuigen (1985), een boek met getuigenissen van Sovjetburgers die de Tweede Wereldoorlog als kind meemaakten, en Zinkjongens (1991) over de Sovjet-Afghaanse oorlog.. Het ook in het Nederlands verschenen In de ban van de dood, in 1995 uitgekomen bij Pegaus, is niet bij de deal betrokken.
Koningsveld: 'Een substantieel deel van dat boek is later opgegaan in Het einde van de Rode mens. Het is in het Russisch ook niet verkrijgbaar. We wachten bericht af van de agent over de wenselijkheid van het opnieuw uitgeven van deze titel.'
Het moge duidelijk zijn dat de Nobelprijs de prijs voor de rechten flink heeft doen stijgen. 'Als ik de boeken drie jaar geleden had gekocht, had ik ze voor een percentage kunnen krijgen van wat ik nu heb betaald. Een bedrag van vijf cijfers is dat. Het scheelde wel dat wij ons committeren aan vier titels tegelijk. Dat vinden de auteur en haar agent ook belangrijk.'
De uitgeverij is blij met de belangstelling voor de Nobelprijswinnares. 'Je weet het met een Nobelprijs nooit,' zegt Koningsveld, 'maar een minder bekende auteur maakt natuurlijk nieuwsgierig. We hadden zo'n 4000 exemplaren van haar boek verkocht, maar nu zitten we al bijna op 15.000. Deze week [= inmiddels vorige week, md] komt weer een nieuwe druk van de gebonden uitgave en de paperback.'
Vanuit de boekhandel klonk kritiek dat het boek te lang niet leverbaar was. Koningsveld vindt dat niet terecht. 'Wij hebben enorm ons best gedaan. Iedereen weet dat een gebonden uitgave meer tijd kost, daarom zijn we ook direct met een paperback gekomen en die was er echt heel snel.'
(Eerder gepubliceerd op Boekblad.nl, 22 okt)

Zie ook: 

zaterdag 24 oktober 2015

Van der Pluijm: 'Atlas Contact wil auteurs ook afzonderlijke diensten leveren' (Boekblad)

Atlas Contact is bezig de uitgeverij zo in te richten dat het auteurs ook afzonderlijke diensten kan leveren. Dat zegt directeur/uitgever Mizzi van der Pluijm in reactie op het besluit van haar sterauteur Paulien Cornelisse om haar volgendeboek in eigen beheer uit te geven.

Het spijt Van der Pluijm dat Paulien Cornelisse De verwarde cavia niet bij Atlas Contact uitbrengt, laat ze per e-mail weten. 'We geven haar boeken met veel plezier uit. Ze is een goede schrijfster, met een groot talent, ze ziet de wereld op een bijzondere manier en kan je met haar teksten betoveren. Ik zie nog steeds mensen met haar boeken in de tram, ze heeft echt iets bijzonders bereikt. Wij zouden ook haar nieuwe boek graag hebben uitgegeven. Ik heb altijd genoten van de columns [toen het feuilleton in NRC Handelsblad verscheen, md].'
Desalniettemin gunt ze haar auteur het avontuur. Van der Pluijm reageert allerminst verbitterd in termen van: eerst hebben wij haar groot gemaakt en nu dit. 'Ik begrijp dat nieuwe technische mogelijkheden kansen bieden aan schrijvers om zelf elk aspect van een uitgave te beheersen. En dat Paulien dat wil proberen begrijp ik goed.' Ze denkt ook niet dat Cornelisse nu voorgoed de uitgeverij heeft verlaten, al moet blijken of de uitgave in eigen beheer eenmalig is. 'Dat is niet aan mij om te beoordelen maar aan Paulien.'
Er zijn andere auteurs geweest die zelf een boek hebben uitgegeven en daar doodmoe van zijn geworden, heeft Van der Pluijm eerder tegen Cornelisse gezegd. Ze wil niet on the record vertellen wie dat waren. 'Zij hebben het bij een keer gelaten omdat ze het veel te veel werk vonden. Maar hun ervaring was wel dat het heel prettig was alles zelf een keer gedaan te hebben en dat dat een enorme bevrediging opleverde. En ik denk dat Paulien het heel goed gaat doen als uitgeefster.'
Het is opvallend dat een zo succesvol auteur van uitgerekend Atlas Contact haar eigen weg gaat. Van der Pluijm heeft in het verleden herhaaldelijk in opinieartikelen gehamerd op het belang van een uitgeverij. 'Paulien wil het graag zelf doen, dat verandert mijn ideeën over het nut van de uitgeverij niet', blijft ze nuchter. 'Een uitgeverij kan ervoor zorgen dat er zo goed mogelijk wordt gewerkt, op elk gebied – redactie, productie, marketing & sales – maar je kunt geen successen afdwingen. Je moet zorgen dat alle ballen voor het doel liggen, of ze er uiteindelijk ook ingaan is toch afhankelijk van andere factoren.'
Eerder lijkt de alleengang van Cornelisse Van der Pluijm aan het denken te hebben gezet. De schrijfster wilde afzonderlijke diensten, zoals verkoop, van de uitgeverij afnemen. Dat bleek niet mogelijk. Maar, zegt Van der Pluijm nu: 'wij zijn bezig de uitgeverij zodanig in te richten dat we, als schrijvers dat willen, afzonderlijke diensten kunnen leveren. Paulien was al verder met haar ideeën dan wij op dat moment. Tot mijn spijt, omdat ik het belangrijk vind onze auteurs die diensten te kunnen verlenen waar ze behoefte aan hebben. We willen zo georganiseerd zijn dat we schrijvers verschillende keuzemogelijkheden kunnen bieden.'
(Eerder gepubliceerd op Boekblad.nl, 21 okt)

vrijdag 23 oktober 2015

Paulien Cornelisse geeft 'De verwarde cavia' zelf uit (Boekblad)

Paulien Cornelisse geeft haar volgende boek zelf uit. De roman De verwarde cavia verschijnt in april volgend jaar.

De bestsellerauteur publiceerde de taalboeken Taal is zeg maar echt mijn ding en En dan nog iets bij Atlas Contact. Dit keer doet ze alles zelf: van het zoeken van een drukker tot het overleg met distributeur CB. Wel neemt ze een aantal diensten van freelancers af. Harminke Medendorp doet de redactie, Sander Pinkse zet en geeft het boek samen met Cornelisse zelf vorm, Ruth Bergmans verzorgt de pr en marketing en New Book Collective van Maarten Richel regelt de sales.
Cornelisse besloot haar boek te proberen zelf uit te geven omdat ze voor haar theatervoorstellingen van oudsher eindverantwoordelijke is. 'In mijn huidige voorstelling komt een microscoop voor', vertelt ze. 'Een lastig instrument om theatraal in te zetten. Ik vind het dan leuk om uit te zoeken: welke microscoop moet ik hebben? Om daarover te praten met Nikon. Verschillende uit te proberen. Enzovoort. Daarom dacht ik: misschien vind ik het ook leuk om zelf boeken uit te geven.'
Daar kwam bij dat ze zich bezwaard voelt om Atlas Contact allerlei wensen voor te leggen. 'Stel, ik wil een bepaalde papiersoort voor het omslag. Dan staat de uitgeverij zeker open om daarover te praten. Maar omdat ik dan technisch gezien hun geld aan het uitgeven ben, denk ik: o, help, ik ben een diva, die eist dat het dat materiaal móét worden. Daar voel ik me niet prettig bij. Als ik zelf kan beslissen en financieel verantwoordelijk ben, heb ik daar geen last van.'
De eerste optie was diensten afnemen van Atlas Contact. Dat bleek lastig omdat alle diensten in een uitgeverij zo met elkaar zijn verweven dat de schrijfster niet bijvoorbeeld alleen verkoopdiensten kon afnemen. Cornelisse: 'Want hoeveel kost zoiets dan? Dan moest ik het maar helemaal zelf doen. Daarom heb ik ook geen uitgeverijnaam op het omslag gezet, zoals anderen die hun boek zelf uitgeven. Dat leek me raar. Het idee is juist dat ik het zónder uitgeverij doe.'
Geld speelde nadrukkelijk geen rol. Bij een 'fikse oplage' verdient de schrijfster meer nu ze De verwarde cavia zelf uitgeeft, zo erkent ze, maar het moet maar blijken hoeveel exemplaren ze verkoopt. 'Zoals ik het nu heb begroot, denk ik niet: wat een fantastische deal.' Ze kan niet zeggen bij welke oplage ze uit de kosten is en bij welke ze meer verdient dan bij een reguliere uitgave. 
Hoewel het werk nog lang niet af is, heeft Cornelisse al 'honderden kleine beslissingen' moeten nemen. Tot aan die van de specifieke kleur inkt voor de aanbiedingsbrochure. Weinig werk was het zeker niet. 'Ik heb net zeshonderd A4-enveloppen geadresseerd, evenveel brieven aan boekhandels ondertekend waarin ik uitleg waarom ik dit doe, voor zover ik de persoon kende een aanhef toegevoegd, en alles gisteren in grote tassen van de Action naar het postkantoor gebracht.'
De freelancers vond Cornelisse via via, al had ze sommigen wel eens ontmoet. Bergmans ging direct op het verzoek in. Ze vindt de samenwerking met de schrijfster 'heel erg leuk'. Cornelisse is 'makkelijk om mee te werken. Je kan tegen haar zeggen: heb je erover nagedacht dat het ook zo kan? En ze stelt zich echt op als een uitgever. Ze is de spreadsheet-koningin. Ze weet precies hoe ze alles moet berekenen en vastleggen. Ze heeft bijna nog strakkere schema's dan de uitgevers waar ik mee werk.' 
Voor Medendorp was het niet de eerste bestsellerschrijver die haar rechtstreeks inhuurde, maar wel de eerste die eigen werk ook zelf uitgeeft. 'Doorgaans heb ik er een hard hoofd in als schrijvers zelf willen uitgeven, want er komt ongelooflijk veel bij kijken', zegt ze. 'Maar Paulien heeft duidelijk ervaring als creatief ondernemer en haar plezier is aanstekelijk. Voor de relatie schrijver-redacteur maakt de manier van uitgeven trouwens weinig verschil. Het doel blijft: het boek moet zijn perfecte vorm vinden.'
De verwarde cavia beschrijft de kantooravonturen van een cavia die op de afdeling communicatie heel wat te stellen heeft met collega's, zoals Stella van HR en Harm-Jan van IT. Het boek is in 2013 ontstaan als feuilleton voor NRC Handelsblad, geschreven onder het pseudoniem J. Waterlander, en later voortgezet op Deverwardecavia.nl. Voor het boek werkt Cornelisse nog aan een bewerking, zodat de losse scènes een sterkere overkoepelende spanningsboog hebben gekregen – inclusief kantoorliefde. 
De verwarde cavia zal 160 bladzijden tellen en 14,99 euro kosten. Het boek wordt gepromoot met onder meer interviews in de media, een social media-campagne en een boekhandelstournee. Een optreden in De Wereld Draait Door is al vastgelegd. Cornelisse schuift al regelmatig aan in dit programma, waarvoor ze ook enige tijd samen met Arjen Lubach een taalrubriek verzorgde. 'Hopelijk vinden boekhandels het niet lastig dat ze nu moeten inkopen bij iemand die maar een boek aanbiedt', zegt Cornelisse.
Zou Cornelisse het andere schrijvers al aanraden om in eigen beheer te gaan uitgeven? Er zijn geen andere goedverkopende Nederlandse auteurs bekend die in eigen beheer gingen uitgeven. Fokke & Sukke-tekenaar Jean-Marc van Tol die Catullus oprichtte – alleen hij komt in de buurt. 'Ik denk dat meer het kunnen, maar je moet het wel leuk vinden om praktische dingen te regelen. Véél praktische dingen. Misschien lig ik in april ook wel doodvermoeid onder de tafel.'
(Eerder gepubliceerd op Boekblad.nl, 20 okt)

Zie ook:
- Zelfstandige redacteuren bieden hun diensten aan (deel 1, deel 2, deel 3)

donderdag 22 oktober 2015

De Nederlandse Boekengids: tweemaandelijks blad voor serieuze non-fictie (Boekblad)

Een nieuw tijdschrift wil de spotlight richten op het serieuze non-fictieboek in de volle breedte. De Nederlandse Boekengids wil het gat opvullen dat het einde van De Academische Boekengids en de koerswijziging van De Gids laten vallen.

De Nederlandse Boekengids presenteert op 6 november in Spui25 zijn nulnummer. Het veertig pagina's tellende tijdschrift bevat essays in de vorm van recensies van onder meer Willem Otterspeer, Maxim Februari en René van Stipriaan. Hans Goedkoop en Robbert Dijkgraaf worden geïnterviewd over hun visie op het onder de aandacht brengen van wetenschappelijk onderzoek bij het grote publiek. Als tenminste 3000 mensen een abonnement à 30 euro nemen, zal de redactie in 2016 een jaargang van zes nummers maken. Daar zullen auteurs zo uiteenlopend als Auke van der Woud, Tijs Goldschmidt en Bert Keizer aan meewerken.
Dat vertelt initiatiefnemer en hoofdredacteur Merlijn Olnon. De manager academische boeken van Athenaeum Boekhandel en redacteur van De Gids zet De Nederlandse Boekengids op samen met Esther Wils (oud-secretaris en redacteur van De Gids) en Amsterdam University Press. Acht pagina's advertenties – volgens Olnon alle van uitgeverijen van serieuze non-fictie, zoals De Bezige Bij en Boom – en een investering  van AUP maken het mogelijk om dit nulnummer te maken. Zelf werken Olnon en Wils nog voor niets, de auteurs krijgen een bescheiden honorarium.
De oplage van het nulnummer – met hetzelfde papiersoort en formaat als De Gids – bedraagt 20.000 exemplaren. Dat wordt onder meer verspreid door de Universiteitsvereniging van de Universiteit van Amsterdam: de 8.000 betalende leden van het alumniblad krijgen exemplaren thuisgestuurd. Ook boekhandels kunnen vanaf deze week tegen boekhandelskorting exemplaren aanvragen om te verkopen. 'We willen het in principe niet gratis weggeven, maar het juist bij díe mensen krijgen van wie de boekhandelaar al weet dat het voor hen geknipt is. Dat kan je bereiken door het te verkopen: voor 4,95 euro plus een gratis doorgeefexemplaar,' zegt Olnon.
Of het gaat lukken om nog voor het einde van het jaar 3000 abonnees te werven, vindt Olnon een uitdaging. 'Het nulnummer was eigenlijk een maand eerder gepland, maar zo'n vertraging is een consequentie van het feit dat we het budget expres laag hebben gehouden. De site www.nederlandseboekengids.nl is vrijwel klaar.' Maar de redactie gebruikt alle mogelijke netwerken: de auteurs worden ingezet om het blad onder hun relaties te promoten, de presentatie wordt aangekondigd in de Spui25-nieuwsbrief, en er zijn barter-deals met De Gids en 360 Magazine. 
In ieder geval is Olnon ervan overtuigd dat De Nederlandse Boekengids een lacune opvult. 'De Academische Boekengids bracht ook essays in de vorm van recensies van wetenschappelijke non-fictie. Maar die bestaat niet meer. Bovendien verhield men zich eigenlijk alleen tot de wetenschappelijke actualiteit. Dat kan breder. Tegelijk gaat De Gids zich veel sterker toeleggen op literatuur en kunstkritiek. Het wordt echt een literair tijdschrift. En ook de boekenbijlagen in de kranten gaan steeds meer over literatuur. Wij vullen dat gat tussen boeken- en wetenschapsbijlage.'
De Academische Boekengids, uitgegeven door AUP, verdween in 2013 na 97 afleveringen (die allemaal nog online zijn te raadplegen). Het blad dat ooit door tien wetenschappelijke instellingen werd gedragen, legt Olnon uit, werd toen nog maar door 'drie of vier' instituten gefinancierd. Daardoor werd drukken en verspreiden van 65.000 exemplaren te begrotelijk. 'Het was bovendien slecht zichtbaar. Het werd gratis verspreid onder universiteiten, de losse verkoop was hoogstens een paar honderd stuk. Wij willen dat anders doen, wij beginnen juist bij het publiek.'
(Eerder gepubliceerd op Boekblad.nl, 16 okt)