Posts tonen met het label kookboeken. Alle posts tonen
Posts tonen met het label kookboeken. Alle posts tonen

woensdag 8 maart 2017

Interview Lisette Kreischer over IACP-nominatie voor 'Groente uit zee' (Boekblad)

Hoe ervaren schrijvers de boekhandels, uitgevers en boekenvakorganisaties waar ze mee samenwerken? Deze week Lisette Kreischer. De Amerikaanse editie van haar Groente uit zee. Recepten en informatie over zeewier en algen – mede geschreven door Stichting Noordzeeboerderij en Marcel Schuttelaar – is genomineerd voor de internationale IACP Cookbook Awards 2017. De komende dagen wordt de winnaar bekend gemaakt.

Gefeliciteerd met de nominatie. Wat betekent de IACP Cookbook Awards 2017?
‘Hartelijk dank! We voelen ons allemaal enorm vereerd. Alleen al de nominatie voor een IACP Cookbook Awards in de categorie Food Matters is een enorme eer. De International Association of Culinary Professionals is een van de meest prestigieuze food groups in de VS.’

Wat maakt de IACP Award zo prestigieus?
‘In 1978 richtte een groep kookschooleigenaren en -instructeurs, met inbegrip van Julia Child, Jacques Pepin, en Anne Willan, de IACP op. Daarmee legden zij een basis voor eetcultuur in Amerika en daarbuiten. Over de afgelopen decennia heeft de IACP zich uitgebreid met schrijvers, fotografen, stylisten, bloggers, marketeers, voedingsdeskundigen, chef-koks, restaurateurs en ambachtelijke voedselproducenten. Het maakt de IACP tot een unieke gemeenschap, waar de leden bijeen komen om ervaringen en expertise, advies en ondersteuning te delen op een manier die tot nu toe ongekende groei en succes lijkt te kennen.’

Wat voor effect zal de nominatie (of straks de prijs) hebben op de verkoop?
‘Alleen al de nominatie schijnt naar horen zeggen al groots effect te hebben. Er is altijd veel media rondom de genomineerden en de awards in het algemeen. Voor ons is het dus een geweldige kans om het verhaal omtrent zeewier nog breder en internationaal te vertellen.’

Het kookboek is de afgelopen jaren enorm in opkomst gekomen. Zet die groei nog altijd door?
‘Naar mijn idee wel. In de tijd dat ik begon met schrijven van kookboeken bestond er nog een heel andere cultuur. Een kookboek ging langer mee en ook de manier waarop de media er aandacht aan besteden was volledig anders. Kookboeken wisselen elkaar tegenwoordig met veel grotere snelheid af en de aandacht concentreert zich vooral rondom social media. Met name Instagram is een krachtige tool om een kookboek mee te promoten. Mijn gevoel zegt echter dat hier een einde aan komt. Al zullen kookboeken nog wel een tijdje gemaakt worden, de markt zal fundamenteel veranderen. Denk aan kookvideo's en natuurkijk de kookblogs. Alles zal elkaar sneller en sneller opvolgen en ik verwacht dat veel bloggers zelf kookboeken gaan maken zonder uitgevers en vervolgens hun boek via de online kanalen zullen verkopen. Dat zie je nu al veel gebeuren. Ik blijf echter braaf bij mijn uitgever en hoop uiteraard op een duurzame toekomst voor mijn kookboeken uiteraard.’

Kun jij eigenlijk van de verkoop van je boeken leven? Of moet je er dingen naast doen?
‘Ik zou zeker van mijn kookboeken kunnen leven, maar dan zou ik de pr anders moeten aanpakken. Het gaat dan om prioriteiten stellen en in mijn geval liggen mijn prioriteiten anders. Ik heb nog een bedrijf: The Dutch Weed Burger, dat 100% plantaardig fast food produceert verrijkt met zeewier. Vanuit dit bedrijf, of beter gezegd, vanuit deze beweging, vertel ik mijn verhaal over de toekomst van de plantaardige keuken, evenals ik via mijn lezingen en mijn boeken doe. Hier ben ik fulltime mee bezig. Mijn missie is mensen inspireren tot het eten van plantaardige voeding en het leven van een Ecofabulous lifestyle. Ecofabulous staat voor genieten in stijl met respect voor mens, dier en natuur. Deze lifestyle loopt als een rode draad door mijn leven en al mijn werkzaamheden. Ik zou niet anders kunnen en willen.’

Is het moeilijk om iedere keer nieuwe onderwerpen voor een kookboek te bedenken? Alles lijkt er al te zijn.
‘Voor mij niet. Veel is er ook nog niet. Mijn focus, de plantaardige keuken, is pas net in opkomst. Er is nog zoveel te laten zien, proeven en beleven op dit gebied. Zoveel mensen hebben nog geen idee wat de vegan lifestyle betekent, denken dat vegetarisch eten vies is en hebben geen clue wat seitan is of dat je jezelf kunt ondersteunen met de kracht van planten. Tot die tijd schud ik kookboekideeën uit mijn mouw – haha – en blijf ik het verhaal keer op keer vertellen onder het genot van heerlijke plantaardige gerechten.’

Loop je niet snel het gevaar dat je voor kleine niches boeken maakt?
‘Iets begint vaak met een niche. Zo zijn mijn boeken ook begonnen en zullen ze nog lang blijven. Maar dankzij die niche is groei mogelijk. Je moet eerst mensen triggeren, laten zien dat iets kan en mogelijk is waardoor een verhaal uiteindelijk de massa kan bereiken. Dat zie je duidelijk nu gebeuren met vegan food. Toen ik rond 2001/2002 begon met vertellen over de kracht van de plantaardige keuken, kwam daar nog weinig over naar buiten. Inmiddels is de sojamelk doorgedrongen tot in de cappuccino en schieten de vegan eetzaakjes in de grote steden als paddenstoelen uit de grond. Het is zeker nog steeds niche, maar een veel grotere niche dan vijftien jaar geleden. Ik maak me dus niet druk, het gaat om het verhaal, om de beweging. Als dat goed is en klopt, volgt de rest vanzelf.’

Maar een kookboek over zeewier en algen?
‚Dat is zelfs dubbel niche: én plantaardig én over zeewier. Maar juist daardoor gaat het ontzettend goed. Dit boek biedt een geheel frisse kijk op onze verankerde eetcultuur die niet meer houdbaar is voor de toekomst. Met dit boek bieden we antwoorden en laten we een verfrissende nieuwe mogelijkheid zien. Door het verschaffen van goede informatie en het bieden van prikkelende recepten met mooie fotografie kun je zomaar verder doorbreken dan je in eerste instantie wellicht had gedacht. Kijk naar die IACP nominatie voor de Amerikaanse vertaling: Ocean Greens. Dat hadden we niet zien aankomen.’

Denk je dat kopers van jouw boek er ook uit koken?
‘Ik denk dat 50 % echt gaat koken uit ons boek Groente uit zee en 50 % eruit leest, geïnspireerd raakt en de volgende keer dat ze in aanraking komen met zeewier wordt herinnerd aan dat mooie verhaal dat we erin vertellen. Zeewier heeft een prachtige potentie. Ondersteunt door de kracht van andere planten kan het antwoord bieden op grote wereldse thema’s. Zeewier is een hoogwaardige eiwitbron, de teelt ervan neemt geen kostbare landbouwgrond in beslag en het verbruikt nauwelijks zoet water. Het zal nog even duren denk ik voordat alle kopers van het boek ook daadwerkelijk iedere dag met zeewier koken. En dat is ook niet per se de bedoeling van dit boek. De bedoeling is informeren, enthousiasmeren en een zaadje planten voor de toekomst.’

Je debuteerde ooit bij Artemis, nu zit je bij Kosmos. Is het voor een kookboekenauteur beter om bij een gespecialiseerde uitgever te zitten?
‘Niet per se. Het gaat vooral om de klik die je met een uitgever en het team hebt. Of je elkaar begrijpt en hetzelfde doel voor ogen hebt. Als dat snor zit, kun je vlammen! Binnenkomen bij Artemis was een zegen en een cadeautje. Het was wellicht een relatief kleinere uitgeverij, maar de power en het enthousiasme van het team waren fantastisch. Ik voel me enorm dankbaar dat ik die samenwerking heb ervaren en daar vier mooie boeken heb mogen maken. Toen Artemis opging in Ambo|Anthos en er – tot spijt van mij én de uitgever zelf – geen plaats en ruimte was voor mijn werk, waren we net klaar met het maken van Plant Power. In die tijd had Kosmos bij mij aangeklopt en kon Plant Power precies op tijd worden overgedragen. Artemis heeft dat ontzettend zorgvuldig en liefdevol gedaan. Ik kijk daar nog met een warm hart op terug.’

Het bevalt je ook bij Kosmos?
‘Het was een geluk dat Kosmos al met open armen stond te wachten. De uitgeverij voelde als een mooie volgende stap. Ook deze samenwerking bleek een succes. Een grotere uitgever met veel ervaring in kookboekenland, waardoor ons nieuwste boek Groente uit zee meteen een succes werd en inmiddels in het Duits en Amerikaans is vertaald. Ik heb dankzij Kosmos veel mogen leren over het maken van boeken en voel dat mijn kennis daarin na acht (kook)boeken behoorlijk is vergroot. Kosmos richt zich natuurlijk op grotere merken, maar zien ook de kracht van de kleintjes. Mijn uitgever bij Kosmos gelooft heel sterk in mijn werk en dat is precies wat ik nodig heb. Enthousiasme, vertrouwen en een diep besef en geloof dat we samen belangrijke veranderingen kunnen bewerkstelligen.’

Wat is de belangrijkste bijdrage van de uitgever aan je boek?
‘O dat is een hele lijst! Ik heb ooit onderzocht wat ik zou moeten doen mocht ik zelf eens een boek willen uitgeven en besefte me daardoor maar weer eens hoe ontzettend fijn het kan zijn om met een uitgever te werken. Ik heb het druk met mijn bedrijf, dus minder ruimte om een doelgroep online uit te bouwen en te verkopen. Gelukkig is daar de uitgever die samen met mij zorgt voor PR en distributie. Ook mijn grammatica is maar zo zo – haha. Het is fantastisch dat ik een bestand opstuur naar de uitgever en het superstrak geredigeerd wordt. Ik leer dankzij de uitgever beter schrijven. Dat vind ik ontzettend gaaf! Onlangs redigeerde mijn allereerste uitgever (nog van Artemis) ons boek Groente uit zee en vertelde me dat ik echt was gegroeid in mijn schrijven. Daar moest ik wel even van blozen. Daarnaast triggert de uitgever mij. Hoe wil ik dat mijn verhaal overkomt en bij wie wil ik dat het belandt. Het team van de uitgever helpt me alles aan te scherpen en zijn een heel belangrijke sparringpartner in het proces.’

Is de boekhandel bij wat dus ooit begon als een niche je belangrijkste afzetkanaal?
‘Ja, zowel online als offline. Ik ben altijd ontzettend dankbaar geweest als boekhandels mijn boek willen etaleren en verkopen. Daar begint mijn verhaal. Via de boekhandels kan mijn boodschap bij mensen op de keukentafel belanden en dat is een zegen.’
(Eerder gepubliceerd op Boekblad.nl, 1 mrt)

maandag 30 september 2013

Gottmer en Unieboek|Het Spectrum zetten in op Vlaamse kookboek-bestsellers van Jeroen Meus en Pascale Naessens (Boekblad)


De tijd is rijp om Jeroen Meus in Nederland groot te maken. Dat vindt zijn Vlaamse uitgever Van Halewyck, die daarvoor met Gottmer in zee is gegaan. Met Pascale Naessens probeert ook Unieboek|Het Spectrum een Vlaamse chef te laten doorbreken.

Rond 15 oktober verschijnt Dagelijkse kost 1 van Jeroen Meus in een oplage van 12.500 exemplaren bij uitgeverij Gottmer. Eerder verschenen zijn kookboeken, waarvan in Vlaanderen zojuist het vijfde deel is uitgekomen, bij Van Gennep en Fontaine. ‘Het liep toen wel. Er gingen enkele duizenden exemplaren van over de toonbank. Maar vergeleken met de 200.000 tot 220.000 exemplaren per titel in Vlaanderen is dat belachelijk,’ zegt Lut Raymaekers van Van Halewyck.
Dat de verkoop in Nederland beter kan blijkt uit de verkopen van boekhandels in het noorden van België. Raymaekers: ‘Boekwinkels boven Antwerpen of onder Maastricht verkopen Dagelijkse kost heel vaak in Nederland. Van ’t Stad Leest in Antwerpen hoorde ik dat hij misschien wel meer exemplaren verkoopt aan Nederlanders dan aan Vlamingen. De tijd is er rijp voor: zijn dagelijkse tv-programma wordt nog beter bekeken. En de studenten hier in Leuven hebben het boek allemaal in hun kot staan. De vele Nederlandse studenten hier komen er zo ook mee in aanraking.’
Raymaekers wil niets negatiefs zeggen over Van Gennep of Fontaine – al paste Meus wellicht slecht bij het literaire fonds van de eerste. Ze praat eerder in termen van: ‘Nu is het nóg meer hens aan dek. We hebben samen met Gottmer een goed uitgewerkt communicatie- en verdeel plan gemaakt. Jeroen Meus komt daarvoor een hele dag naar Amsterdam voor interviews. Dat is echt uniek, als je weet hoe vol de agenda van die man is.’
Dagelijkse kost 1 wordt uitgegeven in de originele Vlaamse versie. Dat betekent: geschreven in de Vlaamse variant van het Nederlands. Gottmer voegt daarom een twee pagina’s tellende verklarende woordenlijst toe. Zo kan iedereen leren dat een ‘croque-monsieur’ een tosti is, ‘busseltje’ een bosje en ‘zwarte pens’ bloedworst. Maar de lijst is ook ludiek bedoeld. ‘Er staat in dat “plezant” hetzelfde betekent als “leuk”. Dat weten Nederlanders natuurlijk wel,’ aldus Raymaekers.
De bestverkopende culinaire auteur van Vlaanderen op dit moment is Pascale Naessens. Haar laatste kookboek Puur genieten en toch gezond en slank 2, op 10 september uitgekomen bij Lannoo, kwam in week 37 op nummer 1 binnen de Vlaamse verkoop top 10. De teller staat al boven de 60.000 verkochte exemplaren. ‘Zo ver zijn we in Nederland nog niet’, zegt commercieel en marketing directeur Robbert Schuurmans van Unieboek|Het Spectrum en Terra Lannoo, die ook een lagere startoplage in Nederland heeft dan Gottmer straks met Jeroen Meus.
Unieboek|Het Spectrum / Terra Lannoo bouwen geleidelijk aan de naamsbekendheid van Naessens. Schuurmans: ‘Schuurmans: ‘ Het is opvallend dat uit de GfK cijfers blijkt dat in Nederland de markt voor vrijetijds non-fictie daalt – terwijl die in Vlaanderen juist stijgt en inmiddels het grootste segment vormt van de markt. In Nederland hebben we in de afgelopen jaren de verkoop van bekende tv-chefs zien dalen. Wij denken daarom dat er op het gebied van culinair, met een geode aanpak en goede langere termijn plannen, weer ruimte is voor nieuwe namen en concepten. Daarom bouwen we ook hard aan het groter maken van bestaande namen en het introduceren van een aantal nieuwe namen: Annabel Langbein , Donna Hay, vanaf het voorjaar 2014 de Chiappa zusjes – de nieuwe Jamie Oliver, denken wij – zijn belangrijke voorbeelden. En zeker ook Pascale Naessens, mede omdat die bij onze zusteruitgeverij Lannoo zit.'
De uitgeverij is vorig jaar ‘ingestapt met deel 1 van Puur genieten,’ zegt Schuurmans. ‘Het introduceren van haar naam was toen van het grootste belang. Dit voorjaar hebben we doorgepakt en hebben we Pascale Naessens onderdeel gemaakt van Lentekriebels, de voorjaarscampagne van CPNB. Naessens heeft toen presentaties en interviews gegeven, workshops gedaan, kennisgemaakt met boekhandelaren. Dat was de kick off van de campagne voor deel twee. Dit najaar volgt een betaalde campagne in de voor de doelgroep relevante media en nog meer pers-optredens.’
Schuurmans heeft bewondering voor de ‘gimmick’ van de woordelijst bij Meus. ‘Echt leuk!’ Zelf brengt hij Naessens ongewijzigd op de Nederlandse markt. ‘Er is nog niet heel vaak een Vlaamse chef groot in Nederland doorgebroken. Ook met Piet Huysentruyt lukte het niet. Het is de hoogste tijd dat de Vlaamse culinaire kwaliteit en charme een plek krijgt! Zekere nu internationale successen wegebben is er, zoals ik net zei, ruimte voor anderen – ook en vooral uit Vlaanderen. Dat Gottmer Meus brengt, maakt het alleen maar interessanter. We kunnen elkaar versterken.’
(Eerder verschenen op Boekblad.nl, 26 sep)

Zie ook:

maandag 9 april 2012

Will Jansen (Bouillon): ‘Ik kan redelijk leven van een oplage van 5000 exemplaren’ (Boekblad)


Will Jansen begon in 2004 met het uitgeven van Bouillon Magazine bij Komos. Toen de uitgeverij ervan af wilde, heeft Jansen het met zijn vrouw overgenomen. Met de opbrengsten van Wat zit er in uw eten? kan hij het magazine in full colour uitgeven.
‘Aanvankelijk gaf Kosmos Bouillon Magazine uit, dat ik in 2004 begon. Dat viel hen tegen. Ze misten expertise om tijdschriften uit te geven. Advertentieacquisitie, abonnementenbeheer. Toen een nieuwe directeur, die een hekel aan dit project had, ermee wilde ophouden, vond ik dat zonde. Samen met mijn vrouw heb ik het opgepakt en sindsdien is het gestaag gegroeid. Ieder nummer hebben we weer dertig, veertig, vijfenveertig abonnees erbij.
In de winkel loopt Bouillon niet. Als er een nieuw nummer uitkomt, willen boekverkopers het vorige retour sturen. Ze snappen niet dat het eerder een kookboek dan een tijdschrift is. Nu mijn dochter bij ons werkt, gaan we de boekhandel penetranter benaderen. Een boekwinkel die vijf exemplaren bestelt, hoeft er maar vier te betalen. Dat is dus 20 procent extra korting.
De oplage is 5000 exemplaren per nummer. Daar kan ik redelijk van leven. We hebben hoegenaamd geen overhead. En van een boekje over e-nummers in ons eten, dat ik in 2007 op een beurs in Monaco vond, heb ik 115.000 exemplaren verkocht. Het loopt nog altijd. Daar kan ik Bouillon in full colour van uitgeven.
Ook ga ik mee in de digitalisering. Het magazine is te downloaden en er bestaat een app van. Zo duur is dat het niet om dat te ontwikkelen. Op een vraag in de nieuwsbrief kreeg ik een paar offertes. Een whizzkid van 16 kon er één maken voor 2000 euro. Het gaat niet hard, zo’n twintig downloads per dag, maar die investering heb ik er al uit. Ik ben nu bezig met de ontwikkeling van een nieuwe, productgerichtere app.
Mijn dochter gaat ook de social media coördineren. Ik weet niet wat er uit komt, maar ik blijf denken dat Bouillon goed genoeg is voor tien- tot twaalfduizend abonnees. Daar moeten de social media bij kunnen helpen.’
(Eerder gepubliceerd in Boekblad Magazine 4, 2012 als kader bij dit artikel over kleine uitgeverijen)

Zie ook:

woensdag 16 november 2011

Het kookboek moet veranderen om te overleven in digitale tijden (Knack)


Veranderen of verdwijnen. Het kookboek mag dan populairder zijn dan ooit, het genre staat voor ingrijpende veranderingen. Oorzaak: de digitalisering.

Al jaren groeit de belangstelling voor kookboeken in Nederland en Vlaanderen. Omdat het publiek kritisch is gaan nadenken over eten. Omdat kookboeken in dertig jaar zijn veranderd van eenvoudige receptenboeken tot schitterende kunstboeken. En omdat de televisie – vooral in Vlaanderen – van de kok een beroemdheid heeft gemaakt. Op de afgelopen boekenbeurs was zelfs een op de vier verkochte boeken een kookboek. Maar hoe lang houdt het succes van kookboeken aan?
De Vlaamse foodfotograaf en culinaire uitgever Tony Le Duc was gisteren op een symposium over de toekomst van het kookboek in Amsterdam somber: ‘Binnen drie jaar zijn alle boekjes van tien, vijftien euro – het grootste deel van de markt – verdwenen. Ze zijn ingehaald door apps. Nu al zie je de markt voor apps in Amerika exponentieel groeien.’ En anders zoekt het publiek recepten wel op internet. Google heeft in Amerika al Recipe View gelanceerd om de vindbaarheid van gerechten te vergroten.
Wat kunnen uitgevers daaraan doen? Le Duc zelf wil zich specialiseren in drie soorten kookboeken die volgens hem ook in de toekomst in papieren vorm zullen blijven voortbestaan. Ten eerste: basiskookboeken, die technieken en basisrecepten uitleggen. Ten tweede: tijdsdocumenten, waarin een chef en zijn recepten, invloeden en filosofie centraal staat. ‘Boeken van Pierre Wynants zijn daarom cultuurgeschiedenis geworden.’ En ten derde: mooi vormgegeven boeken, waarmee je als een kunstboek kunt pronken.
In het verlengde daarvan geloofde kookboekenschrijfster Annette van Ruitenberg in de toekomst voor ‘culicoaches’. Van beroemde chefs die je laten ervaren hoe zij kerst vieren of je in gelegenheid stellen voor een schappelijke prijs de sfeer van hun toprestaurants na te voelen, tot kookboekenschrijvers in kranten en tijdschriften met een eigen, unieke invalshoek – allemaal kunnen zij een publiek aan zich blijven binden. Gebruik van social media is daarbij onontbeerlijk om hun lezers vast te houden.
Andere uitgevers daarentegen vinden dat je het beste de digitalisering kunt omarmen. De twee eigenaren van de culinaire uitgeverij Snor kondigden gisteren een app aan waarmee je alle recepten van alle kookboeken kunt vinden en à la iTunes per gerecht kunt afrekenen. Dat betekent voor de consument: gegarandeerde kwaliteit, makkelijk zoeken en eenmaal gevonden en betaald, kun je de gerechten in je persoonlijke ‘playlist’ zetten. Snor heeft subsidie gekregen om het platform uit te bouwen.
Om de daad bij het woord te voegen had de organisatie van het symposium ook zelf een gratis app voor de iPad gemaakt. Zij kenden een peulvruchtenlevarancier die ‘iets’ met een app wilde. Daarop verzamelden ze gerechten met peulvruchten uit alle boeken die de afgelopen jaren waren genomineerd voor de titel Kookboek van het jaar. Per gerecht staat informatie over de kok of de auteur en een link waarmee je diens boek direct kunt bestellen. Voor wie zelf wil kijken: zoek op ‘De lekkerste bonengerechten app’.
Het symposium over de toekomst van het kookboek was ook georganiseerd in het kader van de uitreiking van de Nederlandse prijzen voor kookboek van het jaar 2011. De hoofdprijs in de categorie oorspronkelijk Nederlandstalig ging naar het in eigen beheer uitgegeven ‘Kookkaravaan’ van Yassine Nassir, Annelies Dollekamp en Marcel van Silfhout, over de Marokkaanse keuken. In de categorie ‘het beste initiatief’ won een in Vlaanderen uitgegeven titel: ‘Autisme en koken’ van Karen den Dekker, uitgegeven door Garant.

(Gepubliceerd in Knack, 15 november 2011)

maandag 7 november 2011

Tony Le Duc: ‘Er gaan klappen vallen bij Vlaamse kookboekenuitgevers’ (Boekblad)


De kookboekenhype in Vlaanderen nadert zijn einde. Wie als kookboekenuitgever wil overleven moet nieuwe tv-blockbusters hebben of kunstkookboeken maken. Dat zegt uitgever Tony Le Duc van Minestrone Culinaire Uitgeverij.
Een kwart van de verkochte boeken op de Boekenbeurs is deze weken een kookboek. In de Vlaamse top 100 stonden vorige week vier kookboeken: twee keer Jeroen Meus en een keer Piet Huysentruyt en Pascale Naessens. Maar de hype loopt op zijn einde. Dat hoort kookboekenuitgever Tony Le Duc van zijn collega’s. ‘Ze merken het nu al, maar volgend jaar gaan er echt klappen vallen. De uitgevers met een groot fonds geven minder nieuwe auteurs een kans. Maar vooral bij uitgeverijen met af en toe een kookboek, zoals Borgerhoff & Lamberigts, gaan klappen vallen.’
De hype is ontstaan door de tv. De grote zenders VRT en VTM zenden dagelijks kookprogramma’s uit. Er is met Njam! zelfs een (digitale) 24-uurszender over koken gekomen. Het publiek wilde en masse de boeken van de Bekende Vlamingen geworden koks – liefst met handtekening, getuige de lange rijen op de Boekenbeurs. ‘Uitgevers zijn er toen massaal op het kookboek gekomen. Toen ik in 2004 begon als uitgever, was er nog ruimte voor mij. Nu zou dat niet meer kunnen. Maar kookboeken zijn geen verzamelproduct. Je hebt er tien, twintig, dertig en dan heb je er wel genoeg.’
Kookboekenuitgevers zullen ook niet terugvallen op een ‘normaal’ niveau, voorspelt Le Duc. ‘De boeken onder de vijftien euro zijn binnen drie jaar vervangen door iPad-apps en recepten die online zijn geraadpleegd. Dat is een flink stuk van de markt. Het enige wat blijft zijn boeken rond tv-figuren, maar dat zijn er per definitie nog maar een paar. En boeken die eigenlijk kunstboeken zijn, boeken waarmee je kunt pronken op de salontafel. Dat zie je bijvoorbeeld aan resturantboeken: 80 procent zijn alleen maar luxe visitekaartjes van de kok, alleen die boeken die een bijzonder document zijn geworden, op mooi papier gedrukt, met veel zorg vormgegeven, verkoop je ook elders.’
Zelf legde Le Duc zich vanaf het begin al toe op boeken met een blijvende waarde. Vanaf 2004 was dat de trilogie De basis, Het product, het gerecht, uitgeven onder de naam Homarus, waarvan er in vier talen inmiddels 290.000 exemplaren zijn verkocht. En sinds 2008 maakt hij onder de naam Minestrone uitgaven met een hoog kunstboek-gehalte. Bijvoorbeeld het magazine Kook ze, waarvan zeven delen zijn verschenen. ‘Het laatste deel heet “Kook ze niet”. Het gaat over allerlei andere technieken dan koken: van conserven opentrekken tot marineren. En het is een knipoog naar het overaanbod van kookboeken.’
Groot is de markt niet voor de producten van Minestrone. ‘Van Kook ze heb ik de oplage omlaag gebracht: van 4500 naar 3500 exemplaren nu. Na een jaar heb ik daarvan 3000 verkocht. Ook op de Boekenbeurs verkoop ik die niet echt – eerder online, waar de belangstelling na de media-aandacht die ik gelukkig veel krijg meteen te merken is. Ik kan dat financieren door commerciële producten te maken zoals een kookboek voor KitchenAid. Volgens mijn principes, maar wel met een startoplage van 120.000 exemplaren in zestien talen. En als ik rond kan komen, is het voor mij ook genoeg.’
Juist om zich nog meer als een kunstkookboekenuitgeverij te gaan profileren, is Le Duc nu een vennootschap aangegaan met de driesterrenkok Sergio Herman. Het luxe boek met audio device Sergiology – ‘zoiets is nog nooit eerder gedaan’ – is het voorbeeld van wat hem voor ogen staat: bijzondere boeken voor echte liefhebbers. Bij de presentatie van Sergiology bleek meteen dat er een markt voor is: de aanwezige journalisten en genodigden op de persconferentie kregen exclusieve voorrang om een boek-op-nummer te bestellen (na aanbetaling van een voorschot van 65 euro). Zij maakten daar massaal gebruik van.

(Gepubliceerd in Boekblad, 7 november 2011. Het is ook hier te lezen, op de nieuwspagina van de brancheorganisatie Boek.be)