vrijdag 15 februari 2019

Eveline Aendekerk (CPNB): 'samen op zoek naar onze toegevoegde waarde' (Bibliotheekblad)

Eveline Aendekerk liep afgelopen vrijdag stage bij Theek 5 in Oosterhout. Het bezoek volgde een week nadat de nieuwe directeur van de CPNB – aangetreden op 1 september vorig jaar – in haar nieuwjaarsspeech aankondigde om samen met bibliotheken, boekhandels en uitgevers de taak van haar organisatie scherp te krijgen. Vooruitlopend op dit traject krijgt Nederland Leest haar oude focus terug.

Eveline Aendekerk (47) was in haar jeugd vaak te vinden in de bibliotheek van Oosterhout. Minstens een keer per week, schat ze. In haar herinnering was het een gebouw met kasten en kasten vol boeken. 'Een soort bos'. Ze struinde langs de kasten, koos nieuwe boeken, stempelde die af en vertrok. 'Veel interactie op die plek was er niet. Ik wist ook zelf altijd welke boeken ik wilde. Wel ging mijn moeder, toen mijn zusje nog klein was, met haar aan een tafel puzzelen terwijl ik boeken uitzocht. Dat moet er dus ook zijn geweest.'
Afgelopen vrijdag was ze voor het eerst in dertig jaar terug in het filiaal van Theek 5. 'Want toen ik in 1989 naar Amsterdam ging om er te studeren, had ik daar mijn infrastructuur. In Oosterhout had ik niets meer te zoeken in de bibliotheek. Ik hoorde wel van Theo Peeters, die in 1988 aantrad als directeur, dat hij zich als doel had gesteld om alle grote schrijvers van Nederland uit te nodigen. Al vrij snel kwam toen Harry Mulisch. Daar had ik dus bij kunnen zijn! Maar ik kan me er niets van herinneren. Sterker: in mijn herinnering waren er nooit evenementen in de bibliotheek.'
De verandering in drie decennia kon niet groter zijn, ontdekte Aendekerk. 'Het ziet er om te beginnen niet meer uit als wat je je vroeger voorstelde bij een bibliotheek. Het is gewoon een fijne plek: een soort half café, heel open, laagdrempelig en zichtbaar opgegaan in een grotere culturele organisatie. Je loopt naadloos van de bibliotheek naar het theater en terug. Het voelt er echt dynamisch. Als een organisatie van deze tijd. En tegelijkertijd, zo verzekerde Theo me, is de collectie even groot als in mijn tijd.'
Die verbouwing – gecombineerd met een veel grotere activiteitenagenda en takenpakket – vertaalt zich in fors grotere bezoekcijfers. 'Voor de nieuwbouw, die in november 2015 klaar was, kreeg de bibliotheek per jaar zo'n 140.000 mensen over de vloer. Nu komen er 240.000 bezoekers per jaar. Dat is 100.000 meer! Gigantisch. Dat een nieuw concept qua inrichting en presentatie zo'n groot verschil kan maken. Afgelopen week werd ook de 750.000e bezoeker sinds de opening  verwelkomd.'

Wat heb je gedaan op je stage?
'Ik heb vooral heel veel met Theo gepraat – en hem ten overstaan van zijn team verwelkomd bij het genootschap ‘Vrienden van de CPNB’. Een mooi gezelschap bijzondere mensen die veel betekend hebben voor de CPNB en het vak. Daar is Theo, oud-bestuurslid van de CPNB, er absoluut een van.'

Wat heb je uit het gesprek opgestoken?
'Heel veel. Een van de punten is dat ik nu begrijp hoeveel tijd van een bibliotheekdirecteur opgaat aan het lobbyen en contact onderhouden bij de verschillende gemeenten. Theek5 is actief in en wordt gefinancierd door 8 gemeenten, en bij allemaal moet de bibliotheek voortdurend zichtbaar zijn. Gebeurt dat niet, zei Theo, dan vergeten ze je en zie je dat terug in de besluitvorming. Ik had me nooit zo helder gerealiseerd hoe kwetsbaar een bibliotheek is door de afhankelijkheid van zijn subsidiegever. Iedere wethouder in zijn werkingsgebied wil iets anders, denkt anders over de bibliotheek, vertaalt maatregelen uit Den Haag anders – en dan kan er zomaar een voor de bibliotheek zeer ingrijpend besluit worden genomen. Ik herken het overigens wel: in mijn vorige baan als directeur van Dance4life waren we ook afhankelijk van subsidies en fondsen.'

Maar je hebt vast niet alleen op zijn kantoor gezeten.
'Zeker niet. We hebben de hele bibliotheek in Oosterhout doorgelopen. Van de medewerkers was en is misschien nog bij velen het cliché: dat zijn een beetje stoffige mensen. Maar ik zag ook hier weer hoe achterhaald dat beeld is! Er werken veel jonge mensen – vooral meiden, dat dan wel – die heel actief met van alles bezig zijn. Omdat de Nationale Voorleesdagen net waren begonnen, vertelden de medewerkers wat ze allemaal deden aan voorlezen. Erg indrukwekkend. Ze zijn ook voortdurend op pad naar kinderdagverblijven, scholen en mensen thuis. Daarna zijn we nog naar de bibliotheek in Dongen gegaan, die net nieuw is en ook samen met drie andere instellingen in één gebouw zit en nu is genomineerd voor Beste Bibliotheek. Er werden daarom vrijdag een paar filmpjes opgenomen.'

Hoe zou je na je bezoek de taak van de openbare bibliotheek omschrijven?
'Ook daar hebben we lang over gepraat. De bibliotheek heeft tegenwoordig vijf wettelijke taken – waardoor de maatschappelijke rol van de organisatie veel groter is dan in de jaren tachtig. Ik vind dat heel goed. Maar bij alles loopt er voor mij als een rode draad de taalverwerving doorheen. Je moet de taal machtig zijn, wil je boeken kunnen lezen, in debat kunnen gaan of zinvolle ontmoetingen hebben.'

En hoe kan de CPNB daar bij helpen?
'Dat heb ik natuurlijk ook aan Theo gevraagd. Het opvallende was dat hij zei: daar wil ik nog even over nadenken. En hij was niet de eerste. Ik kreeg van meerdere bibliotheekdirecteuren, die ik de afgelopen maanden heb gesproken, dezelfde reactie. Er is veel waardering voor de CPNB, maar het is voor bibliotheken ook een beetje diffuus wat onze toegevoegde waarde kan zijn. Theek 5 doet bijvoorbeeld niet aan al onze campagnes mee. Deels omdat de bibliotheek daar de middelen niet voor heeft. En deels omdat de bibliotheek ook zijn eigen agenda heeft – met zes thema's per jaar. Wat kies je dan? En waarom?'

Aan welke campagnes doet Theek 5 wel mee en welke niet?
'De Voorleesdagen. Die zijn superbelangrijk voor hen. De Boekenweek natuurlijk. Ook voor de Boekenweek voor jongeren zet de bibliotheek zich steeds meer in. Maar Theek 5 deed vorig jaar bijvoorbeeld niet mee aan Nederland Leest, terwijl dat nota bene de CPNB-campagne voor bibliotheken is. En dat geldt voor meerdere bibliotheken. Ik vind dat interessant. Waarom is dat? Ik heb de indruk dat bibliotheken vooral inzetten op campagnes die inhaken op leesbevordering over de hele leeslijn van 0 tot 18 jaar, terwijl aan andere campagnes minder behoefte is.'

Hoe krijg je de toegevoegde waarde van de CPNB voor bibliotheken helder?
'Daarom gaan we op 11 en 12 februari met al onze convenantpartners de spreekwoordelijke hei op: boekhandels, uitgevers en bibliotheken. Er is zoveel veranderd de afgelopen jaren dat we opnieuw de opdracht van de CPNB scherp moeten proberen te krijgen. Het lezen heeft bijvoorbeeld meer concurrentie gekregen van andere vormen van vrije tijdsbesteding. Waar we boeken kopen verschuift van de fysieke boekhandel naar online, maar niet voor alle genres in dezelfde mate. Uitgevers kunnen hun boeken op steeds meer manieren aan de man krijgen. En bibliotheken hebben de vijf wettelijke functies gekregen. Bij hun is de verandering misschien wel het grootste – zeker als je het vergelijkt met 2001, toen de bibliotheken erbij kwamen. Dat heeft allemaal gevolg voor wat de CPNB moet doen.'

Waarom is de verandering bij bibliotheken groter dan bij het commerciële boekenvak?
'Boekhandels hebben een duidelijk doel dat onveranderd is gebleven: boeken verkopen. Bibliotheken hebben juist heel andere taken gekregen. Boekhandels zijn daarnaast afhankelijk van de markt. Dat maakt hen evengoed kwetsbaar, maar díe afhankelijkheid schept wel meer duidelijkheid op lange termijn dan de kwetsbaarheid als gevolg van financiering door de overheid. En dat is ook gebleken. Bibliotheken hebben daarom de afgelopen jaren veel tijd besteed aan het opnieuw uitvinden van zichzelf.'

Kan het zijn dat er een scheiding wordt aangebracht in wat de CPNB gaat doen: leesbevorderende campagnes voor de bibliotheek en commerciële campagnes voor de boekhandel?
'Dat zou kunnen. Dat hangt af van de uitkomst van de gesprekken. Ik denk alleen niet dat het zo zwart-wit zal zijn. Bibliotheken hebben misschien weinig aan de Kookboekencampagne, maar zeker wel aan de Boekenweek. Andersom biedt de Boekenweek voor Jongeren zeker mogelijkheden voor boekhandels.'

Is daarbij ruimte voor nieuwe campagnes?
'Ik denk niet dat iemand daar op dit moment behoefte aan heeft. We kunnen wel campagnes veranderen of samenvoegen. Of schrappen, om er daarna iets nieuws voor de in plaats te maken. Maar echt nieuwe campagnes? Je ziet in januari al én de Maand van de Spiritualiteit én de Nationale Voorleesdagen én de Poëzieweek. Vanwege de partners waarmee we samenwerken kunnen we de timing niet veranderen. Dus ik snap goed dat bibliotheken daar nu een keuze uit maken. Je kan niet alle drie tegelijk tot in de puntjes goed uitvoeren.'

Vooruitlopend op de heidagen zijn wel al een paar knopen doorgehakt. De CPNB stopt met de Airport Library.
'Ja. Een bibliotheek runnen op Schiphol om reizigers het mooiste van (literair) Nederland te laten zien, hoe mooi die ook is, dat is niet onze kerntaak. Dat kunnen anderen beter. We zijn daarom op zoek naar een nieuwe moeder voor de Airport Library. Of beter gezegd: het ministerie van OCW. Omdat zij deze bibliotheek financieren, praten zij met partijen bij wie het beheer het beste past. Geen commerciële partijen, maar organisaties die zich bemoeien met de promotie van de literatuur naar het buitenland. Het streven is om hier in de eerste helft van 2019 duidelijkheid over te verschaffen.'

En Nederland Leest krijgt zijn oorspronkelijke focus terug: iedereen leest tegelijkertijd hetzelfde boek.
'Ja. Het idee van One city, one book is in zijn simpelheid ijzersterk, maar het concept van de campagne was verwaterd. Iemand zei mij dat de actie eerder Nederland Lult was geworden. En dat past niet bij de CPNB. Wij zijn voor de promotie van het boek en het lezen, niet om debat te faciliteren. Zoals de campagne was verworden, zou je eerder denken dat een partij als De Balie die organiseert. Daarom keren we terug naar een leesbevorderingsactie rond één boek. Dat hebben we overigens eerst getoetst bij de bibliotheken, die dezelfde behoefte hadden. Waarom zouden we dan wachten om de campagne te veranderen?'

Kun je al zeggen welk boek centraal staat in Nederland Leest?
'Ik kan alleen zeggen dat de auteur van het boek helaas niet meer leeft, maar dat we daar mooie oplossingen voor hebben bedacht. Dat gaat goed komen.'
(Eerder gepubliceerd op Bibliotheekblad.nl)

Ik sprak Aendekerk ook al twee keer voor Boekblad. Zie hier en hier.

woensdag 13 februari 2019

Het jaaroverzicht van Nadine Mussert (Boekblad)

Nadine Mussert nam dit voorjaar Boekhandel van der Meer in Noordwijk over. Vier maanden later werd ze verkozen tot boekverkoper van het jaar. Hoe kijkt zij terug op 2018?

'Het is altijd mooi als er nieuwe uitgeverijen bij komen. Niet alleen Pluim, waar ik na de lancering eerlijk gezegd weinig van heb gehoord. Ik hoorde dit jaar regelmatig dat er een nieuwe uitgeverij was gestart. Wel is het voor een boekhandel fijn als ze vervolgens samenwerken zoals binnen New Book Collective, zodat we met maar één partij afspraken kunnen maken. Zeker New Book Collective doet het goed. Ze hebben inmiddels een breed aanbod – van YA tot kookboeken – waar we van alles mee kunnen. En we kunnen afspraken met hen maken over marges, activiteiten, consignatieregelingen. Nu Van der Meer na de overname een krappere kredietlimiet heeft, moeten we creatief zijn om onze voorraad op peil te houden. Met sommige uitgeverijen lukt dat beter dan met andere.'

1 maart ECI wordt Bookspot
'Daar kan ik weinig over zeggen. Met mijn zes jaar ervaring in het boekenvak heb ik het gevoel dat de boekenclub van voor mijn tijd is. Ik hoor nooit iemand zeggen dat hij daar lid van is. Het abonnementsidee van Bookspot, wat hen ondanks een nieuwe imago als online boekhandel nog altijd uniek maakt, vind ik wél interessant. Van der Meer is begin dit jaar, in samenwerking met Singel Uitgeverijen, ook begonnen met zijn eigen boekenclub. De leden krijgen zes keer per jaar een boek uit hun fondsen plus een attentie van ons en een activiteit zoals een leesclubavond of een bezoek van de auteur. De laatste titel was Foonvan Marente de Moor, die in de winkel is geweest. Ze krijgen alleen geen korting. We hebben nu twintig leden. Dat kan denk ik veel meer worden, omdat mensen nu eenmaal naar Van der Meer komen om advies van ons te krijgen. Deze boekenclub ís ons advies. We moeten er alleen meer promotie voor maken.'

30 maart Stip Media nieuwe eigenaar Boekblad
'Fijn dat Boekblad bleef bestaan. Zoals elke beroepsgroep moeten we een overkoepelend nieuwsorgaan hebben. Natuurlijk heb je ook een Facebookgroep met Libris-boekhandelaren om nieuwtjes te delen, maar Boekblad is nodig om het nieuws te verdiepen. Dan lees je ook eens meningen van anderen, zodat je je een beter beeld kunt vormen van de ontwikkelingen in het vak. Voor mezelf, als nieuwkomer, vind ik het belangrijk om te lezen waar alle collega's zoals mee bezig zijn.'

'Begrijpelijk. Als een groot auteur als Tommy Wieringa of Paulien Cornelisse na zo veel jaar de ins en outs van het uitgeven kent, willen ze een keer helemaal hun eigen plan uitvoeren. Dat lijkt me een heerlijke uitdaging. Dat de inkoopbeurzen daardoor nog groter en voller worden – zoals op de najaarsbeurs absoluut het geval was – is dan maar zo.
Iets anders is de groei van selfpublishing onder amateurschrijvers. Wij zijn ermee gestopt om alle boeken van iedere auteur die hier aanklopt in consignatie neer te leggen. Het zijn er zoveel geworden, dat het totale aanbod dreigt te verschralen en het onze reputatie als experts over wat wel en niet de moeite waard is kan schaden. Ook moet iedere plek in de winkel wél iets opleveren. Boeken over Noordwijk nemen we nog altijd aan, maar de zoveelste roman? Het is alleen lastig dat goed uit te leggen. De amateurschrijvers zijn vaak ook klant. En ja, dat gaat weleens fout. Momenteel ligt een roman van een lokale schrijfster overal in Noordwijk, tot aan de bloemist aan toe, behalve bij ons – vermoedelijk omdat ze beledigd was nadat wij afhoudend reageerden op haar verzoek om de presentatie bij ons te houden.'

'Toen ik middenin de overname zat, leek het een grote chaos. Een vrije val, er kwam zoveel op me af. Achteraf ging het juist soepel. Het was aan het begin van een rustige tijd, we hadden de ruimte om als team op elkaar ingespeeld te raken en de beste indeling van de winkel te vinden. Ik heb daardoor echt mijn eigen stempel kunnen drukken, wat de klanten ook opvalt – ik hoor regelmatig dat er een nieuwe energie in de winkel hangt. En nu merk ik dat er in het najaar juist veel meer op me afkomt. Sinds de Kinderboekenweek is het zo druk, zeker in de weekenden is het bizar.
Het nadeel van het gekozen moment was dat ik in de rustige zomer dacht dat het kwam omdat de vorige eigenaren Peter van Blanken en Martha Baalbergen er niet meer waren. En niet aan de zomer, die voor iedereen pittig was. Omdat het weer zo mooi was, had niemand zin om naar de boekhandel te gaan. En omdat er weinig grote titels waren, had niemand een reden om te gaan. Ik had daar best moeite mee. Ik krijg altijd stress van financiële zaken. Persoonlijk, maar zeker ook als eigenaar van een boekhandel. Elke keer aan het einde van de maand verwachten zeven man personeel hun salaris. Elke maand ben ik daar weer nerveus over en kijk ik in die periode drie keer per dag op de rekening.
Toch schrik ik ook niet terug voor een gok. Toen Jimmy Nelson naar de winkel kwam, kocht ik 100 exemplaren van Homage to Humanityin. We wisten een goede deal te maken, maar toch: 100 exemplaren, terwijl Bol.com en Amazon in de onderlinge concurrentie elkaar bestoken met belachelijke kortingen. Ik hoorde van meerdere mensen: ga je die wel kwijtraken? Wij verkochten hem voor 100 euro in plaats van 125 euro. Maar dat bleek niet eens nodig. Ze gingen allemaal weg. We hebben zelfs mensen moeten teleurstellen. Ik denk dat deze activiteit daarom mijn hoogtepunt van het jaar was.'

12 juni Kobo Plus haalt top 20-uitgeverijen binnen
'Wij verkopen de Kobo-readers niet meer. Wij verkopen de Tolino, waar ik superblij mee ben. Maar het is jammer dat als Kobo met een abonnement komt, wij daar niet meteen Tolino Plus tegenover kunnen zetten. Ik hoor van Caroline Damwijk [directeur Libris Blz] dat er gesprekken zijn, ook over bijvoorbeeld de mogelijkheid om het e-boek bij het papieren boek te verkopen, maar het is nog afwachten waar dat toe leidt. Want het e-boek is belangrijk, dat bewijst de groei van Kobo Plus. Anders dan van de boekenclub hoor ik wél van mensen dat ze een Kobo Plus-abonnement hebben. Ik vraag me alleen af hoe belangrijk het e-boek precies is. Ik zie klanten met Tolino nog steeds papieren boeken kopen of weer teruggaan naar papieren boeken. Alleen tijdens vakantie is het handig. Ook voor mezelf: hoe fijn is het dan dat je ver weg toch bij een Nederlandse winkel – boekhandelvandermeer.nl! – e-boeken kunt kopen. Ik promoot de Tolino daarom niet actief. Het zwaartepunt ligt bij de winkel.'

13 juni KBb-vergadering in teken Boekenbon
'Toen werd de noodklok geluid. Ik schrok daar van. Ik was misschien naïef, maar ik wist niet dat de omzet van de boekenbon zó gekelderd was. Wij verkopen de bon goed en nemen hem vaak in. Ik vind ook dat hij moet blijven en heb daarom voor het KBb-plan gestemd. Ik snap de aantrekkingskracht van een eigen bon. Wij schrijven ook, bij wijze van Van der Meer-bon, een postkaart uit waarin de ontvanger als het ware wordt uitgenodigd om ons te bezoeken. Maar alleen als klanten er expliciet om vragen. In de Sint-periode is dat hooguit tien keer gebeurd. Ik geef dan toch de voorkeur aan de Boekenbon, ook al levert dat minder op. Het is een serviceproduct. Zodat klanten van Bruna hem hier kunnen inwisselen. Zodat je mensen die niet precies weten wat ze cadeau moeten geven, toch kunt helpen. Het scheelt daarbij dat we in Noordwijk weinig concurrentie hebben. De meeste bonnen die we innemen, hebben we zelf verkocht.'

14 juni Boekenweekthema 2019 is 'De moeder de vrouw'
'Ik dacht in eerste instantie alleen maar: leuk, daar kan ik wat mee. De vrouw als steunpilaar: van het gezin, maar net zo goed van de maatschappij of een bedrijf. Toen daarna de discussie losbarstte dacht ik: heel goed, die publiciteit. Publiciteit is altijd goed voor het boek. De ophef zelf deel ik niet. Vorige generaties zijn denk ik feministischer dan de mijne. Toen ik de boekhandel overnam, keek daar ook niemand van op. Ja, sommige noemden me een 'stoere vrouw', ook omdat ik het in mijn eentje doe. Tegen mannen zouden ze dat niet zeggen. Maar toch. Ik zag in het protest vooral nóg maar mogelijkheden om op het thema in te spelen. Inmiddels hebben we Els Kloek vastgelegd. Ook komt er een bandje liedjes spelen over moeders en oma's. En we gaan iets doen met een babyshower. Ook omdat ik tegen die tijd, eind maart, hier met een behoorlijk dikke buik rondloop.'

'Goed bedacht van Arno [Koek, md]. We hebben het idee meteen gekopieerd. Whatsapp wordt niet veel gebruikt: hooguit een keer per week, door bestaande klanten die anders zouden bellen of langskomen voor hun bestelling. Maar we hebben het ook niet echt gepromoot, buiten vermelding op de site en boekenleggers en een paar posts op Facebook. Dat is sowieso een probleem met internet. We zijn een winkel. Dáár gaat de aandacht naar uit. En we zijn maar een klein team, met weinig kennis van online. We zijn wel actief met nieuwsbrieven en sociale media. Dat werkt goed.
De verkoop via internet moet overigens wel beter. Voorafgaande aan de KBb-vergadering was ook de Libris-vergadering. Daar zei Caroline Damwijk: het gaat goed met het boek, maar de omzetstijging zit vooral online en gaat niet naar ons. We moeten daarom alles proberen om te profiteren van de groei van online. Een mooie pilot is de mogelijkheid om vanuit de winkelvoorraad te leveren. Als wij een internetbestelling krijgen, hebben we tot 16 uur de tijd om van daaruit de klant te helpen. Pas daarna gaat de bestelling naar CB. Zo kunnen we nog sneller zijn. Jammer is alleen dat we die deadline van 16 uur wel eens missen. Of dat de voorraad niet helemaal klopt, omdat sommige retouren niet automatisch worden verwerkt. Het is een kwestie van organisatie om dat goed op te pikken.
We willen zeker klanten – zeker ook uit Katwijk en Teylingen [de gemeente van Sassenheim, Voorhout en Warmond, md], die ons goed kennen maar die iets verder wonen – meer verleiden om op internet bij ons te bestellen. Daar moeten we alleen nog meer werk van maken. Tegelijk blijven we de voordelen van de winkel benadrukken. Tijdens de feestdagen spelen we in op de onzekerheid over de bezorging door PostNL. We schreven in onze nieuwsbrief: wilt u zeker zijn van uw cadeau, bestel dan bij ons.'

2 augustus AKO neemt RDC over
'Dat zijn spannende ontwikkelingen. AKO met RDC – en ze waren dit jaar ook begonnen met campusboekhandels en de boekenafdelingen van De Bijenkorf. Daarmee ontstaat er een wel heel grote partij naast Libris Blz, waar Van der Meer bij is aangesloten. Ik heb er persoonlijk geen last van: in Noordwijk zit geen AKO. Maar zulke groepen hebben een grote invloed op het hele boekenvak. Toen Polare en Libridis vlak na elkaar verdwenen, werd CB gedwongen de kredietlimieten te verscherpen. Daar kreeg iedereen mee te maken.
In Noordwijk zit alleen een Bruna. Maar ik kan niet zeggen dat ik op de voet volg wat deze keten doet. Belangrijk is vooral dat ik de goede relatie met deze ondernemer behoud. Hij is heel actief in de winkeliersvereniging. Daar heb je wat aan. En we hebben er het meest baat bij als we samen opkomen voor het belang van het boek. Als wij lokale uitgaven inkopen, zoals ieder jaar de Noordwijkagenda, verkopen we een deel van de oplage altijd aan hem door. Er zijn nu eenmaal mensen die liever naar de Bruna gaan. Prima. Dus "de concurrent helpen", zoals een klant laatst zei? Nee, zo zie ik dat niet.'

'Dat was een groot feest natuurlijk. Dat begon al in de aanloop naar de uitreiking. Dat leefde echt in het dorp en zorgde voor een boost in de omzet. Belangrijk, omdat de zomer zo pittig was en ik toen nog echt twijfelde of het door de overname kwam. Na de uitreiking bracht het me alleen maar meer. In de eerste plaats aandacht, uit het vak en van klanten. En daar had de winkel direct baat bij. Omdat ik bekender was in het vak, waren uitgevers sneller bereid te helpen. En omdat er meer aanloop was van klanten, tot mensen uit Brabant aan toe die eens wilden komen kijken, ook meer omzet. Het is steeds drukker geworden. En in november hadden we voor het eerst een plus ten opzichte van dezelfde maand vorig jaar.'

'Toen de CPNB mailde dat zij stageplaatsen zocht, heb ik Eveline Aendekerk gelijk uitgenodigd. Wij zijn het helaas niet geworden, dus ik heb haar nog niet ontmoet. Dat komt nog wel. Als de CPNB maar doorgaat met collectieve promotie. Daar hebben wij veel aan. De Kinderboekenweek was dit jaar een groot succes. Anders dan voorgaande jaren, toen nog wel eens een klant verdwaasd was door de grote aandacht voor kinderboeken in de winkel, leek iedereen het te weten. Tegelijk is het goed dat er gesneden is in het aantal acties. Juist omdat ze collectief zijn, ben je haast verplicht om mee te doen. Neem de Maand van de Spiritualiteit. Een dag is prima. Maar een hele maand? En nog wel in januari? We hebben het essay van Daphne Deckers nog steeds liggen.
Een van de redenen om minder collectieve acties te doen, is de ruimte als individuele winkel om acties te organiseren. Dat zijn we alleen maar meer gaan doen sinds ik eigenaar van Van der Meer ben, die al een reputatie had op dit gebied. Elke zaterdag en zondag is hier iets te doen. Ook als de activiteit meer kost dan hij oplevert: het levert altijd aandacht op in de lokale media, die dat niet beschouwen als reclame maar als nieuws. Zo blijft de winkel op het netvlies. Een van de nieuwe dingen is, sinds half oktober, de mogelijkheid om hier te eten. Iedere donderdag koken we voor maximaal twintig mensen uit een recent verschenen kookboek. Na een paar keer zat het al iedere donderdag vol. En ja, dan verkopen we ook exemplaren van het kookboek van die week.'

18 september Kabinet zet btw-verhoging door
'Op 1 januari is mijn voorraad in een klap 3% minder waard. Mijn boekhouder zegt dat het om zulke kleine bedragen gaat dat ik me niets van moet aantrekken, maar ik maak me wel zorgen. Ook omdat ik zo groen ben in het vak. Wat als de media in januari een beeld schetsen dat alles zo veel duurder is geworden? Wat betekent dat voor de omzet? En wat doen uitgevers? Ze zijn al lang begonnen met de prijs verhogen. De paperback van Michelle Obama kost nu al 26,99 euro. Best veel geld, ik kan me niet voorstellen dat die na 1 januari nog duurder wordt.
Tegelijk gaat de btw op e-boeken op termijn omlaag, nu is afgesproken dat ze onder het lage tarief gaan vallen. Ook dat maakt mij nerveus. Het prijsverschil valt nu mee. Ik hoor klanten vaak genoeg zeggen: voor vijf euro meer heb ik een fijn papieren boek dat mooi in de kast staat. Maar als dat prijsverschil groeit en klanten opeens wél kiezen voor de digitale versie? Ik probeer daar nu al op in te spelen door het aanbod uit te breiden: spellen, kraamcadeautjes zoals servies en kleding. Allemaal producten waar de btw niet zo'n grote invloed heeft, omdat je met de prijs kunt variëren. Op termijn willen we naar een assortiment met 60% boeken. Nu is dat iets tussen de 70% en 80% – maar wel al gedaald.'

'En Libris Woerden sloot daarom. Dat vond ik geen goed nieuws. Het is erg als concurrentie ertoe leidt dat andere winkels moeten verdwijnen. Ik denk niet dat in Noordwijk hetzelfde kan gebeuren, ook al groeit het aantal regionale ketens. De Kler heeft nu tien vestigingen in Leiden en omgeving. Paagman is uitgebreid naar Delft. H. de Vries en Van Stockum profileren zich door de naamswijziging sterker. Maar wij hebben zo'n sterke naam in het dorp dat ik me niet kan voorstellen dat klanten ons zomaar in de steek laten als een van deze partijen hier een winkel begint.
Wel hou ik de plaatsen in de omgeving in de gaten om eventueel zelf uit te breiden. Katwijk heeft geen boekhandel. Teylingen ook niet. Als daar een pand vrij komt dat geschikt is voor een boekhandel sluit ik niet uit dat wij de stap wagen. Niet meteen, de focus ligt nu echt op deze winkel, maar tussen nu en vijf jaar gaat dat zeker spelen. En dan ligt Katwijk het meest voor de hand. Wie daar woont, gaat nu vaak eerder in Noordwijk winkelen dan in Leiden, dat groter is en waar je eerder problemen met parkeren hebt. Parkeren is absoluut geen issue in Noordwijk.'

9 november Harry Potterpop-upstore sluit jubileumjaar af
'Uitgevers verkopen steeds vaker zelf hun boeken via pop-upstores. Ik denk dat die aandacht voor de boeken ook goed voor ons is. Onze YA-leesclub is bijvoorbeeld naar de Harry Potterwinkel gegaan. Maar voor de boekhandels naast de deur is zo'n pop-upstore misschien minder leuk. Ik heb er ook moeite mee als uitgevers leveren aan andere partijen in Noordwijk. Voor de Kinderboekenweek 2017 hadden we een Superjuffie-display gekocht, waarna de supermarkt mocht stunten met een andere editie. Dit jaar lag hier recht tegenover bij de Action de oudere druk van een reisgidsenserie tegen fors lagere prijs. Ik begrijp dat uitgeverijen wel moeten als de boekhandel niet genoeg heeft ingekocht. Maar leg het allemaal maar uit aan je klanten. Lastig.
Ik vind het wel een voordeel dat ik nu verantwoordelijk ben voor de inkoop. Peter en Martha kenden het spelletje met de uitgever goed en dachten daarom misschien makkelijker: laat maar zitten. Zij kenden de grenzen. Ik niet, ik ben megagroen in dat onderhandelen, en ik zeg daarom misschien wél: voorlopig koop ik even niets in van die of die uitgeverij. Wellicht kan ik zo de grenzen oprekken. Want er zijn best mogelijkheden. Ik heb van sommige uitgeverijen minder ingekocht omdat er minder makkelijk afspraken te maken waren – wat door de krappere kredietlimiet moest – en dan merk je dat dat toch wordt opgemerkt. Een aantal van hen heeft me dit najaar opgebeld om alsnog te proberen tot zaken te komen.'
(Eerder gepubliceerd in Boekblad magazine, dec 2018)

dinsdag 12 februari 2019

Hans Gaarlandt begint sprekersbureau voor non-fictieauteurs (Boekblad)

Hans Gaarlandt, voormalig marketingmanager van uitgeverij Balans, is per 1 februari zijn eigen sprekersbureau begonnen: Auteurs & Sprekers (A&S).

Auteurs & Sprekers richt zich primair op de professionele markt. De auteursstal richt zich daarom op onderwerpen die in het bedrijfsleven actueel zijn, vertelt Gaarlandt: van diversiteit en duurzaamheid tot creativiteit en innovatie. Juist omdat alle sprekers ook schrijvers zijn, onderscheidt het bureau zich van de concurrentie. 'Mijn niche is storytelling. Al mijn sprekers hebben een verhaal te vertellen, dat zij kunnen uitragen – niet alleen in lezingen, maar ook in workshops en masterclasses.' 
In de stal zitten momenteel een twintigtal auteurs. Daar zitten veel auteurs van Balans tussen, zoals Ad van Liempt, René Kahn, Alexander Rinnooy Kan en Gerard Spong. Maar zeker niet uitsluitend. Gaarlandt wijst op advocate Marry de Gaay Fortman en ondernemers Ynzo van Zanten en Geert Kloppenburg. Uiteindelijk denkt hij zo'n honderd tot tweehonderd auteurs nodig te hebben om voldoende schaalgrootte te hebben om een goede gesprekspartner voor het bedrijfsleven te zijn.
'Bij Balans merkte ik dat een uitgeverij zich begrijpelijkerwijs richt op haar kerntaak: auteursvinden, boeken maken, boeken promoten en verkopen', vertelt Gaarlandt die altijd al zelfstandig wilde ondernemen. 'Het organiseren van lezingen en andere activiteiten buiten het boekhandelskanaal kost manuren die – zelfs voor grotere uitgeverijen – lastig te vinden zijn. Zelfs boekhandelslezingen. Je kon in de catalogus zetten: "auteurs beschikbaar voor lezingen", maak pas als je erop gaat duwen, happen in de praktijk meer boekhandels toe.' 
Tegelijk is de belangstelling alleen maar toegenomen voor andere manieren om informatie te consumeren dan via een boek. Kijk naar de groeiende populariteit van audioboeken en podcasts, maar ook hechten steeds meer mensen waarde aan een live bijgewoond evenement als tegenwicht van de overvloed aan digitale informatie en belevenissen. 'Ook in het bedrijfsleven is daar veel vraag naar aan. Daar werken niet per se echte lezers. En daarom moet je hen anders bereiken om aan hun behoefte aan informatie te voldoen.'
Auteurs & Sprekers wil daarbij nadrukkelijk samenwerken met uitgeverijen, omdat die een evident belang hebben bij optredens van hun auteurs. Namelijk: boekverkoop na of bij de lezing. Andersom wil Gaarlandt zijn netwerk in de uitgeverijwereld gebruiken om ideeën voor boeken vanuit het bedrijfsleven onder te kunnen brengen. 'Als ik merk in gesprekken met marketeers dat er behoefte is om hun verhaal te vertellen, kan ik voor hun corporate biographiesof iets dergelijks de juiste uitgeverij vinden.' 
Voor boekhandels verandert er ondertussen niets. Een enkele is door Gaarlandt benaderd omdat zij een aanvraag hadden ingediend voor een auteursbezoek van Ad van Liempt, naar aanleiding van zijn in mei te verschijnen boek Gemmeker. Commandant van Kamp Westerbork. Die contacten lopen nu via hem. Maar: van Liempt is de uitzondering. Alleen voor hem organiseert Auteurs & sprekers boekhandelslezingen. 'Hij heeft mij gevraagd om hem exclusief te vertegenwoordigen. Dat doe ik graag voor Ad.'
(Eerder gepubliceerd op Boekblad.nl, 6 feb)

zondag 10 februari 2019

Interview: Christiaan van Minnen van Index Poetry Books over de poëzieboekhandel in de Poëzieweek (Boekblad)

Christiaan van Minnen en Anne ter Beek openden afgelopen voorjaar in Leiden een poëzieboekhandel. De poëzieweek 2019 is de eerste voor Index Poetry Books, die inmiddels levensvatbaar is gebleken – toch geen evidentie voor een speciaalzaak in wat iedereen een moeilijk verkoopbaar genre noemt. 'Er zijn dagen waarop we voor meer dan 1000 euro poëzie verkopen.'

Hoe was je week?
'Hard werken. Vorige week schreven we ons namens [library supplier] Index Books, ons andere bedrijf, in op twee grote aanbestedingen. Dat zijn enorme exercities. Voor een grote Hogeschool die wij beleveren, hebben we een nieuw online bestelsysteem gemaakt. Die heb ik op Gedichtendag om vijf uur 's ochtends live gezet. Erg stressvol allemaal, maar gelukkig ging er niets mis. Dan is het heerlijk om daarna tijdens een poëzielunch heerlijk aan een lange tafel, met een broodje en een drankje, te kunnen luisteren naar poëzie. Zeker als er zo veel meer ontzettend geïnteresseerde mensen op af komen als we hadden verwacht.'

Wat hadden jullie georganiseerd op Gedichtendag?
'Wij hadden Vicky Francken te gast, de dichter van het poëziegeschenk van uitgeverij crU. Zij was hier samen met debutant Peter Prins en hun uitgever Nanne Nauta. Een mooie combinatie van een jonge gearriveerde dichteres en oudere mannelijke debutant – die bovendien werkt bij onze collega-poëzieboekhandel Perdu in Amsterdam, met wie wij hopelijk gaan samenwerken. Wij willen voor hun buitenlandse bundels inkopen. Wij kunnen die bundels mee laten sturen door de importeurs waar ons andere bedrijf toch al veel boeken besteld. Het hebben er bijna geen extra kosten aan, terwijl zij dan mooiere condities kunnen krijgen. En je moet het in de poëzie toch een beetje samen doen.'

Is de Poëzieweek voor Index Poetry Books hét hoogtepunt van het jaar?
'Een van de hoogtepunten, zou ik zeggen. We gaan in Leiden ook een festival opzetten met [het artistieke collectief] Fields of Wonder rond Midzomernacht. En de Poëzieweek van volgend jaar moet nog mooier worden. We willen dan een stadsbreed poëziefestival organiseren. Dat zit nog in de verkennende fase, maar veel neuzen zijn al de goede kant op gedraaid. Mijn droom is om ooit de grote openingsavond van de Poëzieweek, die steeds in Antwerpen plaatsvindt, naar Leiden te halen.'

Is het commercieel de belangrijkste week van het jaar?
'We hadden een evenement. Dat betekent altijd: veel mensen over de vloer. En veel mensen over de vloer betekent: veel verkoop. Ook de twee geschenken – van de CPNB en van uitgeverij crU – trekt mensen. Al kregen we het geschenk van Lanoye pas vrijdag binnen.'

Het officiële poëzieweekgeschenk kwam ná Gedichtendag binnen?
'Ja. Wij raakten verstrikt in het web van formulieren om lid te kunnen worden van de Koninklijke Boekverkopersbond, wat een voorwaarde is om de geschenken van de CPNB in te kopen. We hadden daar eerder aan kunnen beginnen, maar we verkeken ons op de complexiteit van de procedure. Maar goed, die horde is nu genomen – ook belangrijk om de Boekenbon te kunnen verkopen en innemen – en voor iedereen die donderdag poëzie kocht, hebben we het geschenk van Lanoye later apart gelegd.'

Is Index Poetry Books inmiddels levensvatbaar gebleken?
'Dat was het al vanaf het begin. We hebben immers gezegd: ook al komt er vijf jaar lang niemand een bundel kopen, dan blijft de winkel open. We vinden het leuk en belangrijk dat deze poëziewinkel er is en we kunnen hem financieren met de winst uit ons andere bedrijf. Bovendien kunnen we door onderlinge relatie de kosten laag houden.'

Hoe houden jullie de kosten laag?
'Ik had het al over de distributiekosten. De vaak dunne poëziebundels kunnen mee met de leveringen die we toch al krijgen. Maar ook personeelkosten zijn beperkt. We hebben maar twee dagen een betaalde kracht, die tegelijkertijd belangrijk werk verricht om de webwinkel te verrijken en zo steeds aantrekkelijker te maken. De rest van de tijd staat het personeel van ons andere bedrijf hier per toerbeurt.Het is heel makkelijk om bijvoorbeeld een stapel reclameringen van bestellingen hier achter de computer te doen. Zo rustig is het wel. En als het te druk wordt, kan dat alleen maar omdat de omzet van de winkel zo aantrekt. Dus ook dan wordt de inzet van het personeel terugverdiend.'

En de inkomsten zijn groter dan de uitgaven?
'Ja. De cijfers over 2018 zijn echt heel mooi. Er is een duidelijk opgaande lijn. Zeker in december. Poëziebundels zijn geweldige cadeaus. Als je iemand een roman geeft, zadel je hem op met een verplichting. De volgende keer wil je immers weten wat hij of zij van het boek vond. En dan moet die persoon hem helemaal hebben gelezen. Maar een bundel kun je altijd even oppakken, hier en daar wat lezen, kijken of je het mooi vindt. En als je het mooi vindt, kun je er altijd weer naar terugkeren. Terwijl: wie gaat een roman herlezen?'

Welke concrete cijfers horen hierbij?
'Er zijn inmiddels dagen waarop we voor meer dan 1000 euro poëzie verkopen. Dat vind ik heel wat, ook omdat poëzie zelden duur is. Ook buitenlandse poëzie niet. Anders dan reguliere boekhandels reken wij precies de prijs in ponden of dollars om en verhogen die alleen met 9% btw. Andere winkels verhogen de prijs meer, lijkt het. Er is in ieder geval geen transparantie over hun verkoopprijzen. En dan kun je voor 30 euro al met drie bundeltjes naar huis gaan. Ik vind dat heel belangrijk: om poëzie zo aantrekkelijk te maken voor studenten.'
(Eerder gepubliceerd op Boekblad.nl, 3 feb)

Zie ook:

vrijdag 8 februari 2019

Van Gogh Museum vernieuwt eigen boekhandel (Boekblad)

Het Van Gogh Museum heeft de eigen boekwinkel, sinds 2013 gevestigd op de bovenste verdieping van het Amsterdamse museum, vernieuwd. De boekwinkel ging vorige week officieel open.

Reden voor het grondig redesign is de wens van het Van Gogh Museum om deze beter te laten aansluiten op de beleving van het museumbezoek, legt Peter Dusch, manager retaii van het Van Gogh Museum, uit. 'In het nieuwe ontwerp is connectie gemaakt met het museum en Van Gogh de kunstenaar. Diverse schetsen en elementen uit werken van Vincent zijn doorvertaald naar het ontwerp van de winkel.'
Uitgangspunt van het nieuwe design is Van Goghs schilderij De slaapkamer. 'Dit zie je terug in het ontwerp van diverse meubels, zoals de felgele leestafel, en in het uitgesproken kleurgebruik. Dat was eerder wat donker, nu wordt veel gebruik gemaakt van geel en lichtblauw. Omdat de kasten en boekentafels wit zijn gemaakt, komen de boeken extra goed uit.'
Ook zijn een aantal elementen toegevoegd. Dusch noemt een ateliekhoek: een wand met schetsen en een penselenplafond alsmede een schildersezel waar bezoeker zelf aan de slag kan. Ook is er een zitje met twee grote fauteuils ontworpen door Gerrit Rietveld, die ook het museum heeft ontworpen. En er is een raam toegevoegd, van waar je uitkijkt over het Museumplein en de museumbibliotheek.
De boekwinkel is gelijk gebleven in oppervlakte. 'Door het gebruik van lichte kleuren lijkt het verkoopoppervlak wel een stuk groter', zegt Dusch. Het assortiment is wel iets vergroot – met ongeveer 10%. 'Wij wilden vooral verbreden op het gebied van kunstenaars uit dezelfde periode van Van Gogh. Hier was en is veel vraag naar.' In totaal staan er zo'n 500 titels, waarvan 15% Nederlandstalig.
Het assortiment, gericht op leven en werk Van Gogh en zijn tijdgenoten, moet iedere museumbezoeker aanspreken: 'van de kunstliefhebber en kenner tot aan de "lichtere" bezoeker. Dit varieert van algemene boeken over kunst en kunststromingen tot kinderboeken. Van catalogi tot boeken om zelf mee aan de slag te gaan thuis. Sommige zijn laagdrempelig, andere juist wetenschappelijk van aard.'
Met het grotere aanbod is de winkel ook meer boekwinkel geworden – en het onderscheid met de algemene museumwinkel op de begane grond groter geworden. Het randassortiment is namelijk gelijk gebleven. 'De verhouding boeken – andere producten is 70-30%. Dat lijkt nog steeds vrij veel "andere producten", maar hiervan is ongeveer de helft postkaarten, die je in de winkel terugvindt in een overzichtelijke wand', aldus Dusch.
Hoeveel van de 2,2 miljoen bezoekers die het Van Gogh Museum jaarlijks trekt, ook de boekhandel bezoekt, kan de manager retail niet zeggen: dat meet het museum niet. De omzet die de winkel draait, houdt hij voor zich. Wel is er met de vernieuwing van de winkel ook de zichtbaarheid en toegankelijkheid van de winkel vergroot. Dat uit zich onder meer in een aangepaste entree en nieuwe signing aan de buitenzijde van de winkel.
Dusch: 'In de winkel hebben wij de signing geoptimaliseerd om de bezoeker beter te helpen in het maken van een keuze. We hebben gekozen voor een andere indeling in categorieën die beter aansluiten op de verwachting van de bezoeker met een duidelijke navigatie daarboven. We hebben goed gekeken naar succesvolle boekwinkels, binnen en buiten musea en ons verdiept in onze bezoeker. Net als in andere winkels proberen we de klant optimaal te bedienen.'
Ook neemt de boekwinkel actiever dan voorheen de klant bij de hand. 'We geven aankoopsuggesties in de boekwinkel om onze bezoekers te helpen tijdens het keuzeproces. Dit zie je terug in bijvoorbeeld een top 3 en aanbevolen titels. Deze titels krijgen extra aandacht in de vorm van signing die onder meer een korte recensie bevat. Ook bezoekers met een korte bezoektijd kunnen zo makkelijk navigeren en eventueel een keuze maken voor een bepaalde titel.'
(Eerder gepubliceerd op Boekblad.nl, 4 feb)

dinsdag 5 februari 2019

KVB seminar: Benut de kracht van het netwerk

Benut de kracht van het netwerk. Dat was de boodschap die de sprekers op het jaarlijkse seminar van KVB Boekwerk het gehoor voorhielden, dat het Compagnietheater in Amsterdam op 17 januari jl. gemakkelijk vulde. Benut het om te kunnen groeien en innoveren.

Het Nederlandse boekenvak heeft van oudsher een sterk netwerk. Kijk maar naar de organisator van het seminar: KVB Boekwerk wordt gedragen en gevoed door een hechte club van relevante boekenvakorganisaties, die elkaar zeer geregeld spreken. Het zou niet hebben bestaan zonder dat netwerk. Er zijn ook mensen die beweren dat de boekenmarkt in Nederland dankzij de bestaande infrastructuur – van CB tot CPNB – in deze tijden van digitalisering, economische crisis en ontlezing veel beter overeind houdt dan in andere landen.
 Ook in de komende jaren is het cruciaal als iedereen in het boekenvak elkaar helpt en inspireert, legde programmaleider Jurriaan Rammeloo van KVB Boekwerk in zijn inleiding uit. Recent onderzoek van FutureConsult wees uit dat ondernemers in het boek een sterk gevoel van urgentie hebben dat innovatie nodig is. Meer dan de helft van hen denkt dat het vak over vijf jaar anders is georganiseerd. Zij zoeken de oplossing in nieuwe doelgroepen, diensten en producten. Maar is dat genoeg? Ook vinden zij de innovatie in het boekenvak te vaak reactief. En is dát genoeg?

Als eerste spreker vertelde directeur commercie Oscar Hundman van Bol.com hoe de webwinkel het netwerk binnen het bedrijf heeft georganiseerd. Anderhalf jaar geleden bleek dat de 1500 medewerkers – gemiddeld 34 jaar oud en begiftigd met capaciteiten die maakt dat iedereen in de groeiende it- en e-commercemarkt om de twee weken door headhunters worden benaderd – weliswaar 'gigantisch goede' scores geven aan hun tevredenheid, maar dat het management toch grote frustraties had over de manier van werken. Conclusie: het interne netwerk functioneerde niet optimaal.
Bol.com heeft daarop de organisatie omgegooid. De webshop is opgedeeld in 42 winkels (waarvan vijf in het cluster 'lezen en leren'). Iedere winkel wordt gerund door een cross-functioneel teams van acht mensen dat geheel zelfstandig verantwoordelijk is voor klanttevredenheid, omzet en rendement. Ieder wordt daarom geacht naast zijn functie, waarvoor vakmanschap de eerste vereiste is, de noodzakelijke rollen te pakken. Ieder probleem waar het team op stuit, geldt als een 'spark', dat zo snel mogelijk moet worden opgelost. Lukt dat niet, dan helpt het cross-functionele team erboven – dat van het cluster, en daarboven het management. Dat schiep een 'vliegwiel naar succes'.
Maar Bol.com heeft niet alleen intern een netwerk, vulde Annet Scheermeijer, hoofd sourcing & merchandising van het cluster lezen & leren, aan. Het bedrijf dat tot Hundmans en haar spijt nog te vaak wordt gezien als vijand van het vak, wil juist maximaal met de hele branche samenwerken om de markt te laten groeien. Daarom werkt het met onder meer uitgevers (e-boekabonnementsdienst Kobo Plus) en boekhandels (tientallen verkopen via Bol.com). En dat wordt nog meer. Het bedrijf gaat de 1500 grootste partners een accountmanager toewijzen om ze te helpen. Daar zitten zeker boekbedrijven bij.

Ook Dominique Tang en Mark Schoones van online uitgever en contentmarketeer Wayne Parker Kent legden een intern netwerk bloot: hoe zij op basis van een individuele opdracht van een klant content maken die ze zo breed mogelijk proberen te benutten. Nadat business developer Tang de geschiedenis van het in 2010 opgerichte bedrijf had geschetst, verduidelijkte creatief directeur Schoones wat hij daarmee bedoelde aan de hand van de vier fases van 'het verhaal': research, productie, distributie en promotie. 'En is een verhaal niet in wezen hetzelfde als een boek?', aldus Schoones. 
In kern kwam zijn betoog neer op: denk niet exclusief. Maak niet één verhaal voor één medium voor één doelgroep. Denk integendeel zo wijd mogelijk. Een verhaal kun je op zoveel manieren verpakken: van video en podcast tot geschreven tekst of fotoserie. En vervolgens op zoveel manieren verspreiden: van sociale media tot online displays in winkels. Daarbij begint de promotie al bij het begin: door de auteur de ambassadeur van het verhaal te maken, die via zijn eigen sociale mediakanalen het publiek meeneemt.

Senior creative consultant Marco Moralesvan adviesbureau Mirabeau verschoof daarop de focus naar de retail. Meer dan vroeger, betoogde hij, moeten boekhandelaren een netwerk creëren om hun klanten te bedienen. Ooit was het simpel: wie om wat voor reden ook een boek nodig had, ging naar de boekhandel. Maar sinds iedereen een digitaal leven volledig heeft geïntegreerd in zijn fysieke leven, is die 'wat voor reden ook' de kern geworden. Mensen zijn, vaak via de communities waarin ze zich begeven, op zoek naar ervaringen. Een fysieke boekhandel moet dáár op aansluiten om relevant te blijven. Anders haalt de klant zijn boek wel elders. Net zo makkelijk.
Dat gaat niet zonder netwerk. Een boekhandel kan, mede omdat het boek een product is waarbij de klant een hoge betrokkenheid heeft, heel goed ervaringen scheppen. Morales gaf daar mooie voorbeelden van uit met name Japan, zoals een boekhandel die een B&B exploiteert en daar boeken neerlegt die bij de gast passen. Maar heeft de boekhandel de juiste kennis om die ervaringen de kracht te geven die het moet hebben? Nee, daar zijn specialisten voor. Ga daarom voor echt goede leesstoelen naar een meubelzaak. Ga voor een echt 'instagrammable' winkel te rade bij een sociale media-expert. En zo verder.

Ook een schrijver heeft een netwerk nodig, legde auteur Aaf Brandt Corstius indirect uit in haar puntige en treffend geïllustreerde lezing. Het cliché wil dat een auteur zich heeft teruggetrokken op zijn zolderkamer: om te kunnen schrijven. Misschien dat je de leveranciers van het boek daarom zo zelden hoort in discussies over innovatie. Maar zij onderstreepte dat dat cliché helemaal niet kán bestaan. Auteurs hebben anderen nodig om te kunnen overleven als auteur in plaats van dat ze hun boeken slechts als hobby schrijven terwijl ze hun brood verdienen als leraar of ambtenaar.
Schrijvers, vertelde zij, willen allemaal al eeuwen 'poen, plezier en prestige'. In die volgorde, maar juist de poen komt niet vanzelf. Daarom wordt ze zo treurig van foto's op sociale media waarin auteurscontracten worden getekend. Nee, zou ze willen terugroepen, dit is niet het begin van een glanzende carrière. Ook optredens op tv – zelfs bij De Wereld Draait Door – helpen amper, om nog maar te zwijgen van signeersessies. Schrijvers hebben domweg andere inkomstenbronnen nodig, die aansluiten bij het eigenlijk werk. Voor haar is dat: optreden. Maar dat lukt het beste als je een goed netwerk binnen en buiten het vak hebt.
Zo bleek: zelfs de groep van wie iedereen denkt dat ze het helemaal alleen doen, put kracht uit een netwerk. Dat kon niet anders dan inspirerend zijn voor het uit alle geledingen van het boekenvak afkomstige publiek om nieuwe samenwerkingen aan te gaan.
(Eerder gepubliceerd op de websites van KVB Boekwerk en Boekblad)

donderdag 31 januari 2019

Interview Tom Lanoye over het Poëzieweekgeschenk en de openbare bibliotheek (Bibliotheekblad)

foto: Arthur Los
Zonder de bibliotheek was hij niet geworden wie hij was. Tom Lanoye, die dit jaar het geschenk voor de Poëzieweek schreef, is glashelder over het belang van de bibliotheek in zijn leven. Een gesprek over bibliotheken, poëzie en het thema van de Poëzieweek 2019: vrijheid.

Het absurdistische verhaal 'Het boek' uit zijn prozadebuut Een slagerszoon met een brilletje (1985) is autobiografischer dan je zou denken, vertelt Tom Lanoye. Het gaat over Achille van den Branden: de alleslezer die voor zijn vijftigste alle boeken van de wereld heeft kunnen afvinken – behalve het boek over zijn eigen leven. Als hij negen jaar oud is, heeft hij alle boeken op de jeugdafdeling van de bibliotheek gelezen. Hij vraagt dan aan de bibliothecaris of hij boeken voor volwassenen mag lezen.
'Dat vroeg ik op die leeftijd ook. Ik ben de bibliothecaris in Sint-Niklaas – een geweldig sfeervolle bibliotheek, een voormalige gevangenis – eeuwig dankbaar dat hij me toestemming gaf. We hadden thuis weinig boeken. De Feniks-reeks, een soort ECI avant la lettre met Nobelprijswinnaars, dat was het wel. Dus toen ik alle boeken voor mijn leeftijd had gelezen, was ik blij dat ik bij de afdeling voor volwassenen tenminste iets te lezen hád. Ik heb daar enorm veel aan gehad, zoals later als student ook aan de faculteitsbibliotheek van de Universiteit Gent.'

Vanzelfsprekend werd de auteur van Wij – vrij?, het geschenk van de Poëzieweek 2019, ambassadeur van de campagne #bibvooriedereen – de handtekeningenactie waarmee de Vlaamse Vereniging voor Bibliotheek, Archief & Documentatie (VVBAD) vorig jaar protesteerde tegen de afschaffing van de gemeentelijke verplichting om een bibliotheek te hebben. 'Mijn hart bloedt, mijn verstand staat stil en mijn lijf klapt uit elkaar van woede als ik eraan denk dat zoiets mogelijk is in Vlaanderen', fulmineert hij ook nu.
Het Vlaams-nationalisme is historisch gegroeid uit de taalstrijd, licht hij toe. Het ging hen, net als de christendemocraten en sociaaldemocraten, op hun manier om de ontvoogding en verheffing van het volk. 'En nu zegt een regering onder leiding een zich cultuurflamingant noemende minister-president: bibliotheken kunnen best verdwijnen. Omdat kunst alleen wordt gezien als entertainment. Omdat ze denken dat alle gezinnen toch voldoende geld hebben om alles te downloaden. Het is een parvenu beslissing, door en door.'
Het idee dat dreiging van sluiting bibliotheken verplicht mee te gaan met hun tijd, wijst Lanoye stellig af. 'Dat kun je toch ook afdwingen door een paar keer per jaar met de bibliothecarissen om tafel te gaan zitten, hen het beleid laten uitleggen en kritisch bevragen? En ook zonder de dreiging hebben bibliotheken meer functies gekregen dan alleen het uitlenen van boeken. Kijk naar De Krook in Gent of, in Nederland, de OBA. Er zijn zaaltjes voor lezingen, er zijn exposities, er is ruimte om te studeren.'
Nu het decreet ondanks handtekeningen van 56.841 burgers en 223 steden en gemeenten nog altijd niet van tafel is, roept Lanoye op tot hardere actie. 'Bibliotheken zijn veel te braaf. Ze zouden, als in de toekomst één bibliotheek wordt gesloten, collectief moeten besluiten dicht te gaan. Het bijltje erbij neer gooien. Misschien zullen politici blij zijn dat bibliotheken zichzelf opdoeken. Waarschijnlijker echter wordt in een keer zichtbaar wat de samenleving mist als bibliotheken niet langer informeren en opvoeden.'

In de tijd dat Een slagerszoon met een brilletje verscheen, stond Lanoye vooral bekend als dichter. Hij toerde met James Bordello door Nederland en Vlaanderen als 'de Twee Laatste Grote Poëtische Beloften Van  Net Voor De Derde Wereldoorlog'. Hij had gedichten als Gent-Wevelgem en Neon – een elegisch rockgedicht in eigen beheer en bundels als In de piste en Bagger bij reguliere uitgevers uitgegeven. Maar na zijn bundel Hanestaart (1990) concentreerde hij zich steeds meer op proza en theater.
Dus waarom deze Vlaamse schrijver vragen voor het geschenk van de Poëzieweek in plaats van een 'fulltime eerstelijnsdichter', zoals Lanoye het noemt? Dat komt door de gedachte achter de Poëzieweek: een evenement om het genre voor het voetlicht te zetten. 'En dát kan ik goed. Ik kan optreden en zo een ijsbreker zijn voor deze dichters en ze bij een groter publiek bekend te maken. Het is net als met de Boekenweek, waarvoor ik in 2012 het geschenk schreef, en dat nu naam begint te krijgen in Vlaanderen. En mijn voorgangers waren ook literaire veelvraten: Anna Enquist, Ilja Leonard Pfeijfer, Stefan Hertmans…'
Daarbij schreef Lanoye wel degelijk poëzie. Maar: 'veel toegepaste poëzie, die daarom een beetje onder de radar is gebleven'. Hij verwijst naar toneelstukken als Atropa en Hamlet versus Hamlet, die zijn geschreven in respectievelijk alexandrijnen en vijfvoetige jamben. Of zijn bewerkingen van gedichten uit de Eerste Wereldoorlog: de bundels Niemands land en Overkant met, in de eerste, klassieke gedichten en, in de tweede, modernistische gedichten. Ook was hij van 2003 tot 2005 de eerste stadsdichter van Antwerpen.
'Ik had nooit echt de lust om een bundel te maken', zegt Lanoye. 'Hanestaart was ook een grote bundel vol liefdesgedichten, geschreven toen ik net mijn man had leren kennen. Misschien ben ik sindsdien niet genoeg verliefd geweest! Maar serieus: poëzie is zo belangrijk dat je er goed voor moet gaan zitten, terwijl de kern van mijn kunst is om ook het podium op te gaan met mijn teksten. Ik ben soms te veel een acteur. Ik heb daarom een project nodig – en een deadline – om echt tot dichten te komen.'

De Poëzieweek vindt Lanoye een zeer waardevolle campagne. Van het geschenk tot alle projecten en evenementen die eind januari plaatsvinden: dat was er niet toen hij zijn entree in de letteren maakte. Grote avonden in Antwerpen, schoolprojecten rond slam poetry, gedichtenwedstrijden voor het grote publiek. Het maakt poëzie zichtbaar. 'Het is ook een mooi fenomeen dat dichters tegenwoordig weer fysiek aanwezig zijn. Juist in de tijd van Youtube en Spotify is de live-ervaring van groter belang geworden.'
Hij ging met alle plezier in op het aanbod van de CPNB om de geschenkbundel te schrijven – nota bene in het jaar waarin Lanoye zijn 60e verjaardag met speciale uitgave en een tournee viert. Ook door het thema van 2019: vrijheid. 'Als projectfucker hou ik van spelregels. Vrijheid is dan heerlijk paradoxaal. Dat begint immers bij de dichterlijke vrijheid om het begrip op alle mogelijke manieren in te vullen, maar ook een breed palet aan technieken en onderwerpen te hanteren.'
Vrij – wij? werd zo een verrassende staalkaart van Lanoye's kunnen als dichter. De bundel van zestien pagina's telt zes gedichten: van het programmatorische 'Zonder handen, zonder tanden', waar de bundel zijn titel aan ontleent, tot het zeer persoonlijke 'L'envoye de Lanoye'. Typerend bevat het ook twee bewerkingen. 'Ongegronde eigendom' is een moderne variant van William Shakespeare's sonnet 134. En 'Tooglied in tijden van #me2' is een hilarische adaptatie van boek 6 en 7 van het Hooglied.
'Ik erken daarmee het bestaan van de traditie', zegt hij, 'maar ook dat ik me de vrijheid veroorloof om daarmee te spelen – ook dat is een invulling van het thema. Ik hoop dat de lezers de moeite nemen om de werken waaraan ik refereer ter hand te nemen. Wie dat doet, zal drie keer genieten: de eerste keer door mijn gedicht te lezen, de tweede keer door de oorspronkelijke werken van Shakespeare en de Bijbel te lezen, en de derde deer door nogmaals mijn gedicht te lezen en te zien wat ik met het origineel heb gedaan.'

Lanoye lijkt kritisch te zijn op het gebruik van het begrip 'vrijheid'. Het woord 'vrij' duidt óók vaak iets aan wat er niet is. Denk aan 'smetvrij' of 'vetvrij'. En zit er ook geen negatieve connotatie aan termen als 'vrije jongen' of 'vrije handel'? 'Zonder handen, zonder tanden' krijgt daarbij ook een politieke lading: wat betekent 'gastvrij' in een tijd waarin de grenzen sluiten? Dat gevoel bekruipt je zeker als je het gedicht leest in combinatie met het volgende, waarin Zuid-Afrikaanse dichters de vrijheid écht met betekenis bezingen.
De dichter laat deze interpretatie aan de lezer. 'Ik ben wel politiek. Maar: in mijn columns en essays. Dit zijn geen teksten voor de krant. Dit zijn gedichten waarin ik, zoals in het eerste, de filosofische onmogelijkheid van vrijheid wil aantonen. En het tweede gedicht, 'Bekentenissen van een knolgewas', is vooral een heel persoonlijk gedicht. Het gaat over waar ik vandaan kom en waar ik van ben gemaakt, en dat ik me in Zuid-Afrika zo misplaatst voel, maar tegelijk ook zó thuis. Ik wilde dat dubbele gevoel oproepen.'
(Eerder gepubliceerd in Bibliotheekblad)

Zie ook:

zondag 27 januari 2019

Interview: Eveline Aendekerk van de CPNB over haar eerste honderd dagen (Boekblad)

Eveline Aendekerk heeft in honderd werkdagen uitgebreid kennis gemaakt met het boekenvak. Deze week kon ze zichzelf en het beleid van de CPNB presenteren op de traditionele Nieuwjaarsborrel. Wat haar betreft is dé vraag voor haar organisatie in 2019: doen we de juiste dingen?

Hoe was je week?
'Die stond helemaal in het teken van de nieuwjaarsspeech. Mijn eerste, dus dit was het moment om mezelf neer te zetten, daarom vond ik het best spannend. Zo'n tribune voor je is overweldigend, en het publiek is behoorlijk kritisch. Maar ik denk dat het, ondanks de zenuwen, gelukt is om mezelf te presenteren zoals ik ben. Ik kreeg na afloop goede feedback, rechtstreeks en indirect. Het was open, kwetsbaar, maar ook duidelijk, met af en toe een grapje. Daar ben ik heel blij mee.'

De speech ging over veel dingen. Om te beginnen de cijfers die je bekend kon maken. Wat viel je daarin op?
'De omzet is eigenlijk heel stabiel. Voor het vierde jaar op rij lichte groei bij dit jaar een iets lagere afzet – dat vind ik prima cijfers. Maar je ziet onder die stabiele cijfers tegelijk een aardverschuiving bij onze stakeholders. De Nederlanders kochten al voor een groot deel boeken online, maar ook in 2018 heeft het onlinekanaal weer marktaandeel gewonnen op het fysieke kanaal.'

Is dat zorgwekkend?
'Ik kijk naar zo'n verschuiving als: "het is". Als: een feit. Om me vervolgens af te vragen: wat betekent dat voor de CPNB? Voor onze toegevoegde waarde? Onze campagnes? Onze strategie? Je ziet bijvoorbeeld dat de omzet en afzet van kinderboeken en fictie in de fysieke boekhandel nog steeds substantieel hoger is dan in het onlinekanaal. Non-fictie informatief wordt al zowel in afzet als in omzet meer online dan offline gekocht. Als we echt impact willen maken dan moeten we daar rekening mee houden in onze campagnestrategieën en inzet van middelen. Dat vergt niet alleen lef, maar ook veel data. En we hebben nu nog te weinig data voor dit soort beslissingen. Gfk meet het afzet en omzet aandeel per verkoopkanaal pas twee jaar. Maar het is cruciale informatie om mee te nemen in de gesprekken met onze convenantpartners die we dit jaar gaan voeren.'

Je nieuwjaarsspeech markeerde het einde van je kennismakingsperiode van het vak. Van je eerste honderd dagen.
'Inderdaad. Het waren eigenlijk 137 dagen, maar als je alleen de werkdagen meetelt kom je op 100 uit.'

En hoe is de kennismaking bevallen?
'Wat ik in mijn eerste week al zei: het is een superleuke branche. Ik voel me hier enorm thuis. In de tussentijd ben ik er wel beter achter gekomen dat de opdracht van de CPNB – gezien de huidige ontwikkelingen – best omvangrijk is. En: hoe belangrijk de collectiviteit is. Dat klinkt flauw om te zeggen als directeur van de CPNB, maar ik meen het wel. De reden dat het boekenvak hier beter presteert dan in het buitenland is de hele infrastructuur van CPNB, CB, Stichting Lezen en andere instanties. Met andere woorden; de collectiviteit. Als er zulke aardverschuivingen plaatsvinden, moeten we samen strategieën ontwikkelen en samen voor het boek en het lezen gaan staan.'

Hoe waren je stages?
'Uiteindelijk heb ik er nog maar een kunnen doen: bij boekhandel Los. Dat was heel inspirerend. Je hoort en ziet dingen die je anders niet opmerkt. Je realiseert je ook hoe hard het werken is. Volgende week ga ik nog een dag naar de bibliotheek in Oosterhout en ook in de Boekenweek wil ik sowieso weer een dag meelopen. Meer lukte echt nog niet. Het is zo druk. Wel heb ik een heleboel uitgevers, bibliotheekmedewerkers en boekverkopers gesproken. Ik ging bijvoorbeeld tijdens onze campagnes zo veel mogelijk met onze auteurs mee het land in. En ik heb besloten dat ik die dagen meelopen erin hou. Dat hoort bij mijn baan, niet alleen bij de inwerkperiode.'

Hoe praat het vak over de CPNB?
'In de kern zegt iedereen zonder uitzondering: het is zo goed en belangrijk wat jullie doen. En ook: wat doen jullie veel. Maar het grappige is: diezelfde mensen hebben ook nog genoeg ideeën van zaken die we óók zouden kunnen oppakken. Iedereen vindt het dus tegelijk níet genoeg wat we doen. Ook gaat het soms om de timing: soms lopen acties tegelijk – en waar moet een winkel, zo zeggen ze, dan aandacht aan besteden? Wat mij betreft is overigens de vraag voor ons: doen we de juiste dingen?'

Was er geen kritiek?
'Gelukkig wel. Anders zou er niets meer te verbeteren en te winnen zijn. Je  hoort of leest – buiten de gesprekken die ik had – mensen wel eens narrig doen over de CPNB. Dat vind ik jammer. Dat wil zeggen: kritiek vind ik prima. Graag zelfs. Maar uit die in een gesprek, dan kunnen we er veel meer mee. Waarom moet de buitenwereld dat ook weten? Laten we ons als collectief naar de lezer toe in de eerste plaats gedragen als ambassadeurs, van het lezen, het boek en onze gezamenlijke campagnes!'

Wat is precies de opdracht van de CPNB die je uit je kennismakingsperiode hebt gedestilleerd?
'Dat de opdracht van de CPNB duidelijker kan en moet. Dát vaststellen wordt de belangrijkste taak voor 2019, zoals ik in mijn nieuwjaarsspeech aankondigde – samen met onze convenantpartners KBb, GAU en VOB. Volgens onze missie doen wij aan het bevorderen van het lezen en het stimuleren van het boekenbezit, hetzij door te kopen hetzij door te lenen. Maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Zeker in sterk veranderende tijden, waar het lezen van boeken minder vanzelfsprekend is en meer concurrentie heeft dan ooit te voren. We staan dus met z’n allen voor verschillende dillema's en uitdagingen, bovendien delen we een aantal doelen die op gespannen voet met elkaar staan.'

Kun je dat ook concreet maken?
'Een leesbevorderingscampagne hóéft niet tot verkoop te leiden. En een volledig commerciële campagne heeft niet altijd een leesbevorderend effect.Neem de Boekenweek voor jongeren. Een zeer belangrijke campagne. Als je zou zeggen: dat is een honderd procent leesbevorderingscampagne, hoef je ze binnen de campagne niet ook naar de boekhandel te lokken. Dan kun je volop inzetten op gedragsverandering door te laten zien hoe gaaf lezen is. Maar ik snap heel goed dat de boekhandel dan zegt: dat is voor mij niet zo interessant. En dan dringt de vraag zich weer op of en hoe we zo’n campagne kunnen en willen organiseren met elkaar.'

Begrijp ik goed uit je speech dat de CPNB in ieder geval méér dan nu aan leesbevordering wil doen?
'We moeten wel, willen we relevant blijven. En ik denk dat we andere strategieën en middelen moeten (durven) inzetten als het om leesbevordering gaat.'

Maar is leesbevordering niet eerder de taak van bibliotheken of Stichting Lezen?
'We zijn hierin partners. Bibliotheken en boekhandels doen al veel met scholen, en onze campagnes geven daar vaak een extra stimulans aan. Denk aan de Kinderboekenweek of komende week: de Nationale Voorleesdagen. De CPNB kan zich wat dat betreft nog beter profileren richting het onderwijs. Wij verkopen lespakketten en kerntitels aan hen, maar zijn daar nog onvoldoende zichtbaar. Op scholen moeten ze automatisch denken: "wil je iets met lezen, dan ga je naar de CPNB!" Als dat gebeurt kunnen we meer lespakketen verkopen waardoor wij meer geld kunnen investeren in de promotie van de leesbevorderende campagne onder ouders en kinderen. Dat is in het belang van al onze partners.'

Waarom heeft de CPNB niet eerder antwoord gegeven op die vraag?
'Dat antwoord was er wel, maar nu is de tijd ernaar om te kijken of dat antwoord nog het juiste is. Vergelijk het vak nu met dat van vijf jaar geleden en je ziet hoe recent de aardverschuivingen zijn. De verschuiving richting online die ik al noemde. De vijf wettelijke functies die de bibliotheek heeft gekregen, waarvan lezen & literatuur er slechts een is. De groei aan manieren waarop uitgevers hun boeken aan de man kunnen brengen. De opkomst van andere vormen van vrije tijdsbesteding, zoals series kijken. En laten we ook de (technologische) ontwikkelingen binnen het marketing vlak niet onderschatten. Die zorgen ook voor ontwikkeling.'

Het traject om jullie taak scherp te krijgen is dus geen impliciete kritiek op je voorganger?
'Integendeel, ik heb groot respect voor hoe Eppo [van Nispen] de boel met 200% enthousiasme door turbulente tijden heeft geloodst. Maar een organisatie die al zo'n negentig jaar bestaat, heeft zichzelf nu eenmaal vaak opnieuw uitgevonden. En als er een nieuwe directeur komt, is dat vaak een logisch moment om te bekijken: wat moeten we wel en niet doen. Ik vind het heel goed dat Eppo heeft gezegd: 'elke dag moet het boek worden gepromoot' – een goed statement, trouwens – maar nu komen we weer in een andere fase.'

Eppo van Nispen heeft ook de deuren van de CPNB al opengegooid, terwijl jij nu aankondigt dat ze makkelijker open moeten.
'Absoluut. Met Eppo is de CPNB weer veel vaker en enthousiaster naar buiten toegegaan. Zo toetsen we nu veel campagne-onderdelen bij onze partners. Maar dat kan nog verder gaan. Niet alleen: wat vinden jullie van dit campagnebeeld? We willen juist samen met het vak de campagne opzetten. Als een soort co-creatie. Ook kunnen we nog transparanter zijn. Daarom heb ik tijdens de speech onze zes interne doelen gedeeld. Voor het eerst hebben we nu ook met de uitgevers gedeeld welk rekenmodel we gebruiken om een totaalbeeld te krijgen van de boekenmarkt, omdat GfK maar 90% representeert. Dat hielden we altijd voor ons.'

Vooruitlopend op het traject hebben jullie wel al een aantal beslissingen genomen.
'Er is natuurlijk altijd laaghangend fruit. Waarom zouden we wachten dat te plukken? En bovendien: ook dit hebben we – heel transparant – eerst getoetst bij het collectief en andere betrokkenen. Zo konden de Griffels en Penselen anders worden georganiseerd, een wens van veel auteurs. Ook stoppen we met de Airport Library en LeesID. Een bibliotheek op Schiphol runnen om reizigers het mooiste van (literair) Nederland te laten zien, dat kunnen anderen beter. Hetzelfde geldt voor het digitaal boekenplankje. Daarnaast gaan we het boek in Nederland Leest weer centraal stellen en de non-fictiecampagnes samen onder de loep nemen.'

Tot slot: wat ga je vandaag doen?
'Mijn kinderen alvast voorlezen uit Een huis voor Harry het prentenboek van het jaar, dat de komende week centraal staat bij De Nationale Voorleesdagen. En daarna met elkaar naar mijn ouders, denk ik. Dat heb ik al lang niet gedaan. En zelf lezen natuurlijk. Ik ben bezig in Mooi doodliggen van A.F.Th. van der Heijden. Dat ga ik maar eens uitlezen.'
(Eerder gepubliceerd op Boekblad.nl, 20 jan)