Posts tonen met het label boekenbusiness. Alle posts tonen
Posts tonen met het label boekenbusiness. Alle posts tonen

maandag 29 juni 2020

De innovatie van Gloude Publishing: na digital only volgt exclusief papieren uitgave

De thrillerreeks 'Mooie moorden' van Tica Morgan is sinds negen maanden exclusief als Kobo Original te verkrijgen. Het nieuwe deel 'Volkerak' brengt Gloude Publishing daarentegen uitsluitend als papieren boek te koop. Een uniek experiment.

De vier thrillers rond rechercheur Zoë Janssen verschenen in oktober vorig jaar als digital only (e-boek en audioboek). De boeken werden opgenomen binnen Kobo Plus en zijn ook los te koop voor 9,99 euro per deel. En: ze zijn succesvol. Alle vormen en titels bij elkaar opgeteld komt Kobo Originals, die formeel als uitgever te boek staat, op meer dan 15.000 verkochte exemplaren. 'De waardering was meteen ook heel hoog', zegt Wanda Gloude, die het via haar bedrijf Out of the Book heeft geproduceerd. 'Ieder deel kreeg in deze relatief korte tijd al meer dan 125 lezersrecensies.'

En nu is er ook Volkerak, dat afgelopen zaterdag werd gepresenteerd bij Boekhandel Van der Meer in Noordwijk.Dit deel kost 19,99 euro en is iets dikker dan eerste vier delen: 65.000 woorden tegen 60.000 woorden (deel 1) respectievelijk 45.000 woorden (deel 2 t/m 4). Alle thrillers hebben een eigen moordzaak. Daarnaast hebben de digital only-delen een overkoepelende verhaallijn rond een tbs-er die achter Zoë Janssen aanzit, die in deel 4 een apotheose beleeft. Het verschenen papieren boek bevat opnieuw een verhaallijn met deze man, maar nu ook vanuit zijn perspectief. 

Het idee was vanaf het begin om online een fanbase op te bouwen om daarna een papieren boek te brengen. Gloude: 'Ik snap heel goed dat een boekhandel niet iedere debutant op voorraad kan nemen. Zeker niet van thrillers. Er verschijnt in Nederland één thriller per dag, de concurrentie is enorm. Via deze digitale weg kun je daarentegen heel gericht de doelgroep bereiken. Een partij als Kobo weet precies wie er allemaal van thrillers houdt. Van dit soort thrillers: met een girl next door in de hoofdrol, die haar onzekerheden laat zien, en met een heel Hollands decor. Deze reeks speelt zich af op Goeree-Overflakkee.'

Gloude volgt daarbij een afzonderlijke uitgeefstrategie per afzetkanaal. Ze wil dus niet iedere nieuwe titel meteen in alle vormen (papier, digitaal, audio) tegelijk lanceren. Ze ziet daarentegen een toekomst voor afzonderlijke strategieën. Daarom bracht Kobo de eerste vier delen, zoals een Netflix-serie, in een keer in de markt om zo bingereaden te stimuleren. Daarom komt er nu een (iets) omvangrijke roman in de fysieke boekhandel om lezers ook een ontspannen leeservaring te geven. En daarom is Gloude in gesprek over hoorspelachtige luisterboekafleveringen die je in de auto of voor het slapen gaan lezen. En dat zijn nog maar voorbeelden van de richting waarin ze het zoekt.

Lezers aan het bingereaden krijgen beschouwt Gloude bij Kobo als gelukt. 'Minstens de helft is na deel 1 door gaan lezen. Kobo kan ook zien hoeveel minuten iemand leest en of iemand een boek uitleest. Ook dat schijnt bovengemiddeld te zijn.' Het is nu spannend om te zien of deze lezers de stap naar de boekhandel zetten. 'De eerste reacties op Facebook zijn heel tof. Een lezer zei dat ze voor het eerst in zeven jaar in de boekhandel een boek voor zichzelf ging kopen, omdat ze niet kon wachten hoe de serie verder ging. Een ander ging dat zelfs voor het eerst doen. Maar hoeveel lezers nu ook het papieren boek willen? Het blijft een gok. Ik vermoed dat dertig tot veertig procent heus zal wachten tot de digitale uitgave er is. Daarnaast zullen we ook een ander lezerspubliek aanspreken dat nooit e-boeken leest of luisterboeken beluistert maar graag in de boekhandel koopt.'

Want het is natuurlijk niet de bedoeling om de verschillende boeken voor eeuwig als digital only dan wel 'uitsluitend fysiek' te laten bestaan. Gloude: 'Ik zou wel gek zijn als ik de eerste boeken bij succes niet ooit op papier uitbreng. En andersom ook niet. Maar je kan het vergelijken met het uitgeefbeleid rond midprices. Eerst breng je een gewone uitgave voor het publiek dat graag nieuwe boeken leest en een mooie uitgave waardeert, en als de loop eruit raakt, breng je een midprice, dat wordt opgepakt door een ander publiek. Zo komt Volkerak waarschijnlijk pas als e-boek beschikbaar als het boek toe is aan een nieuwe impuls.'

In ieder geval heeft de strategie gewerkt om Tica Morgan gespreid over verschillende verkoopkanalen te lanceren. Na het bewezen succes in Kobo Original heeft onder andere Bruna Volkerak ingekocht. 'Het is echt niet zo makkelijk om daar te liggen deze dagen.' De oplage en de totale inkoopaantallen houdt Gloude liever voor zich. 'Maar ik mag niet klagen. En er wordt al nabesteld. Ik ben ook heel benieuwd hoe lezers die haar werk nog niet kennen, zullen reageren. Ik doe daarom ook met vrouwenthrillers.nl een leesclub rond dit boek, waarbij de helft de serie al kent en de helft nog niet.'

Gloude Publishing bestaat nu ruim anderhalf jaar. 'De visie en de missie is gelukt', zegt ze daarover. 'Ik heb er ook veel lol in en werk met fijne mensen samen. Maar het is nu hard werken aan de groei. Zeker in deze tijd. Ik heb geen grote buffer en als je dan, zoals alle uitgeverijen, te maken krijgt met het cancellen van bestellingen vanwege corona, is dat pittig. Je komt dan niet meer uit met je calculatie. Ik heb ook twee titels moeten uitstellen. Gelukkig heb ik geen duur kantoorpand of vaste werknemers en kan ik bezuinigen door bijvoorbeeld tijdelijk geen pr in te huren. Dat doe ik nu zelf. Ik kan flexibel zijn.'

De nauwe samenwerking met Kobo Originals bleek in deze tijden praktisch. Gloude: 'Want met hen als uitgever hoef ik niet alles zelf te investeren. Met papieren uitgaven neemt de uitgeverij alle investeringen en risico’s voor zijn rekening. Een ander groot voordeel van digital is geen retouren! Met een uitgave van een papieren boek kunnen die je opeens duizenden euro's armer maken. Tegelijk profiteren we van de enorme boost die digitaal lezen tijdens corona heeft gekregen. Kobo had in april en mei supergoede maanden.Die combinatie met digitaal maakt mijn bedrijf daarom stabieler.'
(Eerder gepubliceerd op Boekblad.nl, 23 jun)

zondag 31 mei 2020

Interview: Jurriaan Rammeloo van KVB Boekwerk over vier jaar kennis vergaren over het boekenvak (Boekblad)

De financiering van KVB Boekwerk wordt – na goedkeuring van de Tweede Kamer – gecontinueerd. Een gesprek met programmaleider Jurriaan Rammeloo. Over de vliegende start, het slim omgaan met een innovatie-agenda en het aandragen van inzichten.

KVB Boekwerk, het kennis- en innovatieplatform voor de boekensector, is een succes. Voor Minister Ingrid van Engelshoven van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) is het zonneklaar. 'In de afgelopen jaren heeft KVB Boekwerk ruimschoots aangetoond [zijn] taken, kwalitatief goed en aansprekend te kunnen uitvoeren', schreef zij half maart aan de Tweede Kamer. En: 'De toegevoegde waarde van de KVB Boekwerk staat voor mij niet ter discussie.' De ondersteuning van de organisatie wordt daarom wat haar betreft tot en met 2022 voortgezet, wanneer de lopende evaluatieperiode van de wet op de vaste boekenprijs eindigt.
Een groot deel van dat succes mag op conto van programmaleider Jurriaan Rammeloo worden geschreven. De afgestudeerd kunsthistoricus was als partner van adviesbureau Blueyard, dat exclusief voor de culturele en creatieve sector werkt, vanaf het prille begin betrokken bij de organisatie. Hij werkte mee aan het verkennend onderzoek dat zijn collega Margot Gerené eind 2015 opstelde, was daarna kwartiermaker en kwam vervolgens zelf aan het hoofd van KVB Boekwerk te staan toen er bij een sollicitatie geen geschikte kandidaat werd gevonden en het te lang dreigde te duren voor de plannen konden worden gerealiseerd.
'Het was niet de bedoeling dat ik het zou doen', beaamt Rammeloo. 'Maar ik moet zeggen dat ik snel de smaak te pakken heb gekregen. Het is mooi om te zien hoe ondernemend het boekenvak is. Ik kende het niet, ik had me binnen de cultuursector vooral met andere kunstvormen bezig gehouden. Maar de enorme ondernemingszin geeft deze branche een grote dynamiek. Ik vind het mooi dat ik een bijdrage heb kunnen leveren aan het duidelijk maken van wat de cultureel maatschappelijke waarde van het boekenvak is, die te weinig werd gezien. Aan het vertalen van de ondernemende kracht van het vak naar het perspectief van cultuurbeleidsmakers.'

De minister constateert ook een 'breed draagvlak' voor KVB Boekwerk. Dat moet je deugd doen.
'Het draagvlak was geïncorporeerd. KVB Boekwerk, zeiden we, wordt een programma, geen instituut. Het wordt een netwerkorganisatie. Dat betekent dat wij vanaf het begin heel veel samenwerken. Allereerst met de kernpartners: de Groep Algemene Uitgevers (GAU), de Koninklijke Boekverkopersbond (KBb),CPNB, Stichting Lezen en Nederlands Letterenfonds. Maar ook met de leveranciers van data: GfK, CB en de Koninklijke Bibliotheek (KB). KVB Boekwerk zelf heeft maar een heel klein team: drie mensen die er anderhalve dag tot twee dagen per week de tijd voor hebben. Dus 1 fte en een beetje. Wij doen zelden eigen onderzoek. Wij gebruiken data van anderen, die we met elkaar verbinden en vervolgens ontsluiten.'

De opmerking van Van Engelshoven was dus geen verrassing?
'Nee. Of laat ik zeggen: inmiddels niet meer. Aan het begin waren er best kritische geluiden. Als je iets nieuws opstart denken mensen toch: waarvoor is dat dan? Wat moet dat gaan doen? Het kost ook geld, al betaalt OCW mee voor KVB Boekwerk en valt het daarom in de praktijk mee. We moesten onszelf bewijzen. Dat was echt een opdracht. De stelling van de Raad voor Cultuur was immers: het boekenvak heeft zijn cijfers niet op orde. Gelukkig is het ons redelijk snel gelukt.'

Er waren ook sceptische ondernemers in het vak die twijfels hadden of hun – indirecte – investering in KVB Boekwerk wel zou renderen.
'Natuurlijk. Je moet eerst je meerwaarde aantonen voordat men daarin gelooft. Zeker over onze rol op het gebied van innovatie hoorde je toen de terechte opmerking: hoe kan een collectief programma als KVB Boekwerk voor mij als ondernemer bepalen hoe ík met innovatie omga? Begrijpelijk. Wij kunnen ook niet op de stoel van de ondernemer gaan zitten. Wij kunnen alleen trends en ontwikkelingen duiden en in zijn algemeenheid laten zien hoe boekhandelaren en uitgeverijen omgaan met innovatie: welke kansen ze zien, waar ze tegenaan lopen. We kunnen alleen kennis daarover verspreiden.'

Was het lastig om het programma op te zetten?
'We hadden juist een vliegende start. Ik begon als kwartiermaker in het jaar dat Nederland en Vlaanderen gastland waren op de Frankfurter Buchmesse. Het zou een goed idee zijn, bedachten we, om dan de eerste monitor van de boekenmarkt te presenteren aan de minister. Dat betekende: enorm veel werk in korte tijd. Het bleef lang spannend of we het wel op tijd af zouden krijgen. Maar dat presentatiemoment werkte ook als een drijvende kracht. Er bleken veel partijen bereid om mee te doen, omdat iedereen er belang bij had om het boekenvak in Frankfurt goed neer te zetten. Vervolgens waren we erin geslaagd om de monitor meteen goed neer te zetten. Je merkte aan de eerste reacties: "O, maar wacht, dit is goed, dit laat helder zien hoe het boekenvak ervoor staat, dit toont aan wat de waarde kan zijn van het boekenvak." En dat op een onafhankelijke manier. We bleken niet de spreekbuis van een van de ketenpartners, maar van de hele markt. Zo konden we verder.'

Lukte het goed om data boven tafel te krijgen? Want precies zoals de Raad voor Cultuur zei: er bestond al lang het gevoel dat het boekenvak over weinig data beschikte.
'Toch was er best veel harde data. Je moet alleen de juiste informatie uit alle bronnen halen om de verbanden te kunnen leggen. De crux was eerder: hoe krijg je toestemming om die data te gebruiken? Er zijn drie redenen waarom we die kregen. Ten eerste hielp het dat we een scherpe focus kozen. Wij beschrijven alleen informatie over de keten als geheel. Of zoals ik het altijd uitleg: informatie over de markt, en geen marketinginformatie. Geen boekhandel of uitgever kan marketing bedrijven met onze informatie. Dan raak je ook niet verzeild in gevoelige discussies tussen bedrijven.'

En ten tweede en derde?
'Wij hebben heel goede afspraken gemaakt met de dataleveranciers over wat wij wel en niet publiceren. Wij brengen niets naar buiten dat op een of andere manier andere bedrijven beconcurreert. Onze publicaties ondergraven bijvoorbeeld niet de positie van GfK als marktonderzoeksbureau. Ook de boekenmonitor van CB kan prima naast onze onderzoeken blijven bestaan. En ten derde hielp het wellicht om ieders medewerking te krijgen dat de Raad voor Cultuur het destijds zo scherp verwoordde. Het vak heeft zijn cijfers niet op orde? Ja, dát laten we ons niet zeggen.'

Was het eenvoudig om verbanden tussen alle ongelijksoortige data te leggen?
'Eigenlijk door heel strak te kijken: welke data heb je nodig om het uitgeversdeel te beschrijven, welke data voor het boekhandelsdeel, enzovoort? Dan kom je er al gauw achter dat bepaalde data geschikter is voor het een dan voor het ander. Boekhandels kun je bijna niet beschrijven met GfK-data, maar wel met CB-data. Maar als je de markt beschrijft kun je beter verkoopdata dan logistieke data gebruiken. En de KB is eigenlijk de beste bron om te kijken naar wat er gebeurt met auteurs en vertalers, omdat zij bijhoudt van welke auteurs een eerste druk verschijnt en zij als enige een en dezelfde naam voor een auteur gebruikt. Daar was nog nooit naar gekeken als bron van data. Zo zijn we uitgekomen op een monitor met vier losse pijlers naast de overkoepelende "markt" die we door het jaar steeds publiceren: makers, uitgevers, boekhandels, en consument.'

Bij publicatie van de eerste monitor werd gezegd: hij wordt uitgebreid. Is hij nu af?
'Zo goed als. Nu en dan voegen we een indicator toe, soms laten we ook iets vallen. Het is in ieder geval niet de bedoeling dat de monitor uitdijt en uitdijt. Dat voegt weinig toe.'

Wat zou je willen toevoegen?
'Een van de dingen waar we naar kijken is de rolverdeling tussen on- en offline. De online boekhandel is goed in longtail: dat titels die al langer uit de roulatie zijn toch beschikbaar zijn. Terwijl de offline boekhandel juist heel goed een titel kan maken. Daar zitten immers de frequente lezers, die fan worden van een titel en vervolgens andere mensen aansteken. De monitor laat nu al goed zien hoe complementair ze zijn, maar dat kunnen we nog beter duiden. Wat is bijvoorbeeld de rol van de on- en offline boekhandel bij debutanten? Bij de top 100 van titels? Of bij het stimuleren of afremmen van bestsellerisering?'

En wat nog meer?
'Ik zou de rol van de consument verder uit willen diepen, hoe ingewikkeld dat in de praktijk ook uit te voeren is. Daar heeft de markt echt wat aan: door te laten zien dat je niet meer kan spreken van dé consument, maar dat die divers en gesegmenteerd is. We moeten uitkijken dat we niet te diep gaan, want anders leveren we marketinginformatie. Dan gaan we alsnog concurreren. Maar het is wel hartstikke zinvol als de markt een beter beeld heeft van bijvoorbeeld de light lezer, die hooguit een boek per jaar leest, en de manier waarop je die zou kunnen verleiden om meer te lezen.'

Want als iedereen in die groep één boek per jaar meer koopt, zei CPNB-directeur Eveline Aendekerk ooit, groeit de markt enorm.
'Het grappige is dat ze dat zegt op basis van onderzoek van ons. Dat is heel leuk om terug te horen: dat zulke inzichten gemeenschappelijke kennis wordt.'

Naast de monitor publiceert KVB Boekwerk incidentele onderzoeken. Stemt de oogst van de afgelopen vier jaar tevreden?
'De onderzoeken zijn effectief gebleken. Kijk bijvoorbeeld naar het onderzoek naar de inkomenspositie van auteurs. Hoe zijn de royalty’s verdeeld? Dat groeide vervolgens uit naar een indicator van de monitor. Ook het onderzoek naar consumentengedrag, waar het boekenvak een lange traditie in heeft, was heel inzichtelijk. Daar kwam het inzicht vandaan dat er een grote groep lichte lezers is die wel degelijk in aanraking komt met de boekhandel en daarom in principe is te verleiden. We zijn nu bezig met een onderzoek naar de ontwikkeling in de antwoorden die de consument de afgelopen decennia heeft gegeven op vragen als: wat waardeer je in een boekhandel, zowel een fysieke winkel als webwinkel? Wat in een bibliotheek?'

Heeft de organisatie genoeg onderzoeken verricht?
'Het is een klein team. We moeten prioriteren. Maar dat helpt om echt duidelijke keuzes te maken. En als we een goed idee hebben, is het mogelijk om capaciteit te organiseren, zoals is gebeurd bij de studie naar de impact van het boekenvak. Dan is daar ook budget voor. We hebben in ieder geval alles kunnen onderzoeken wat we willen. Misschien waren niet alle uitgevers even blij met het onderzoek naar de inkomsten van auteurs. Misschien was niet iedere boekverkoper blij met het onderzoek naar de rolverdeling tussen de on- en offline handel. Toch hebben we het gedaan omdat we het nodig vonden dat inzichtelijk te maken. Dat is immers onze rol: op neutrale wijze laten zien hoe de keten werkt.'

De grote studie naar de impact van het boekenvak stemt je waarschijnlijk het trotst?
'Onder andere ja. Die studie is goed ontvangen: binnen en buiten het boekenvak, vooral door de minister. Ik ben er blij mee dat KVB Boekwerk – samen met Eerde Hovinga, een collega van Blueyard en expert in impactstudies – daarmee echt de waarde van het boekenvak heeft kunnen laten zien. Ik ben ook heel blij met de manier waarop we de monitor hebben neergezet. Of dat we de nuances hebben kunnen aanbrengen – én dat die is overgekomen, wat met nuances lang geen vanzelfsprekendheid is – in het denken over innovatie. En ik ben er trots op dat sectorinstituten als het SCP, Raad voor Cultuur en Boekman Stichting voor hun onderzoeken varen op data van KVB Boekwerk. In hun publicaties worden wij geregeld aangehaald. Sterker: ik kreeg laatst terug van OCW en SCP dat het boekenvak tegenwoordig voor hen een van de meest inzichtelijke sectoren is.'

Is er nog genoeg te onderzoeken?
'Er dienen zich altijd trends en ontwikkelingen aan die de moeite van het onderzoeken waard zijn. In deze huidige crisis hebben we bijvoorbeeld veel aan een internationaal onderzoek waar we aan meedoen. Een onderzoek van de Justus Liebig Universiteit Giessen, in samenwerking met Hoogleraar Boekhandel Jaap Boter van de UvA, naar het effect van winkelsluitingen. Daaruit komt naar voren dat er tot 33,4% vraaguitval kan ontstaat als een boekwinkel sluit. Die vraag gaat dus niet naar boekhandels in de omgeving of webwinkels. Nee, die verdwijnt. Het toont de waarde van de infrastructuur zoals we die in Nederland hebben opgebouwd. Je kunt ook sommige onderzoeken na enige tijd herhalen. In het begin hebben we gekeken naar start-ups in het boekenvak. Zien die deze markt als een kans? En wat doen ze dan? Omdat bijvoorbeeld technologie zich snel ontwikkelt, is het interessant daar nog eens naar te kijken.'

De derde activiteit van KVB Boekwerk is het aanjagen van innovatie. Hoe ging dat?
'Dat hebben we niet direct gedaan. Dat kan ook helemaal niet. Zoals ik eerder zei: wij kunnen de directie van boekhandels en uitgevers niet zeggen wat ze moeten doen. Het is hún bedrijf. De oorspronkelijke vraag van de minister was: maak een innovatie-agenda. Maar terugblikkend denk ik: zo kan je het alleen noemen zolang je geen route bepaalt waarlangs de ondernemer moet lopen. Onmogelijk.'

Wat hebben jullie wel gedaan?
'We hebben gekeken naar de manier waarop het boekenvak aankijkt tegen innovatie en hoe het daar mee bezig is. Ten eerste hebben we context geboden door aan te tonen hoe de boekenmarkt werkt. Het is nogal makkelijk om, zoals een aantal jaren geleden onder andere de Raad voor Cultuur deed, te roepen: "Je moet innoveren!". Maar de boekenmarkt is een geconsolideerde markt, van een beperkte omvang, die niet enorm groeit, en waarin de marges dun zijn. Dus wie wil investeren in innovatie, zal dat niet snel in de boekenmarkt doen. Van de start-ups die in deze markt actief zijn, hoef je ook geen disruptieve kracht te verwachten. Gelukkig heeft de minister dit standpunt overgenomen en ziet de Raad dat nu ook. Dat creëert lucht voor iedereen in de keten.'

Ook hebben jullie onderzocht wat het vak deed aan innovatie.
'Zeker. We hebben de kansen aangedragen die men zag, de drempels die men ervoer, de gedachten over de criteria die maakt dat een innovatie succesvol is. En al die kennis hebben we gedeeld, zodat iedereen er zijn voordeel mee kon doen.'

En gebeurde dat ook?
'Bij sommigen wel. Maar ik weet natuurlijk niet van iedereen wat er allemaal daadwerkelijk mee gedaan is.'

Kun je een concreet voorbeeld geven van een innovatie waarvan je dacht: daar heeft KVB Boekwerk een bijdrage aan geleverd?
'Nee. Onze bijdrage zit meer in duidelijk maken: wat kan voor jou als ondernemer een motivatie zijn om te innoveren. Of: wat kan de urgentie zijn. Misschien is het in deze markt ook helemaal niet mogelijk om echt te innoveren. Omdát het een geconsolideerde markt is, is het in innovatief opzicht reactief. Misschien zal een uitgever of boekhandelaar daarom eerder iets jatten uit een andere markt, wat daar goed werkt, dan helemaal zelf iets bedenken.'

Het jaarlijkse seminar zet het boekenvak toch ook op een spoor – zoals dit jaar over het thema gedragsverandering.
'Zeker. We hebben ook, in samenwerking met Stichting Lezen en CPNB, aandacht gevraagd voor het Lees:tijd-onderzoek. Of denk aan ons impactonderzoek. Dat zijn allemaal onderzoeken die aangeven waar kansen liggen. Voor de instellingen rondom het boekenvak, de grote bedrijven of de individuele boekhandelaar en uitgever. Al zijn zij in hun dagelijkse praktijk toch ook met heel andere dingen bezig, die veel tijd kosten. Dan zie je de krappe ruimte die er is om te innoveren.'

Hoe gaat KVB Boekwerk de komende jaren verder?
'Goede vraag, zeker in deze crisisperiode. Het plan is in ieder geval om de monitor te behouden, waarbij we er vooral voor zorgen dat hij actueel en toepasbaar blijft. We blijven ook onderzoeken uitvoeren die tot inzichten kunnen leiden bij onze verschillende partners. En we zullen, op het gebied van innovatie, trends en ontwikkelingen blijven aandragen. Op dezelfde voet verdergaan, kun je zeggen, maar met nadruk op consolideren en het toevoegen van inzicht, niet op uitbreiden.'

Zal dat onder jouw leiding blijven?
'Het gaat er mij om dat de functies van KVB Boekwerk goed worden doorgezet, ongeacht wie daar verantwoordelijk voor is. Inmiddels heb ik een team om mij heen verzameld dat zelfstandig aan allerlei projecten kan werken. Aan de andere kant zijn er nog genoeg – voor het boekenvak – interessante onderwerpen om nader te onderzoeken. Dat motiveert me. Maar ik vind het óók leuk om als onderdeel van Blueyard me bezig te blijven houden met een grote diversiteit aan onderwerpen binnen de culturele sector. Dus: we zien wel hoe het loopt.'
(Eerder gepubliceerd in Boekblad magazine, apr 2020)

vrijdag 6 september 2019

Interview: Alex Boogers over het boekenvak – de veranderingen van twintig jaar (Boekblad)

In twintig jaar schrijverschap heeft Alex Boogers het boekenvak flink zien veranderen. 'De uitgever neemt nu het zwaard in eigen hand om het landschap van de sociale media te veroveren.' Een gesprek over uitgeverijen, boekhandels en leesbevordering met de juryvoorzitter van de verkiezing voor Boekverkoper van het jaar.

Wat is er in twintig jaar eigenlijk niet veranderd in het boekenvak? Alleen al de manier waarop hij destijds bij uitgeverij Podium binnenkwam, barst Alex Boogers in een Rotterdams restaurant direct los. 'Ik benaderde [uitgever] Joost Nijsen met een brief. Een brief! Ik stelde mezelf voor als het meisje M.L. Lee dat haar manuscript níét toestuurde omdat hij niet zat te wachten op de verhalen die zij te vertellen had. Natuurlijk wilde Joost dat manuscript toch lezen, waarna zich een bloeiende correspondentie ontwikkelde. Dat leidde tot mijn debuutHet boek Estee. Maar tot aan de publicatie had Joost geen idee met wie hij te maken had. In deze tijd zou dat onmogelijk zijn.'
Ook het belang van typecasting is gegroeid. 'Het waanzinnige van sneeuw – mijn tweede roman – is een klassiek liefdesverhaal, maar tegen de achtergrond van zwetende kleedkamers, kickboksen en rauw geweld. Toen werd ik prompt de kickboksende schrijver. In die tijd was dat een diskwalificatie. De schrijvers uit het elitaire milieu hadden weinig op met vechtsport. Nu zou je zeggen: geweldig, een unique selling point, daar moet je iets mee. Want dat is hoe schrijvers tegenwoordig bekend worden: om het verhaal dat ze zíjn, en dan hebben ze ook nog een boek. Ik vond de kwalificatie vijftien jaar geleden vervelend, ik wilde die werelden aanvankelijk scheiden. Maar nu omarm ik het als mensen mij "de bokser" noemen. Dat ben ik immers óók.'
En vergeet de opkomst van de pr-machine niet. 'Ik heb nog meegemaakt dat Joost recensies voor me uitknipte en opstuurde met in de kantlijn opmerkingen als: "Eentje om in te lijsten". Soms had ik ook een interview. Maar daarna was het: op naar het volgende boek. Nu neemt de uitgever het zwaard in eigen hand om het landschap van de sociale media te veroveren, en dan zie je je naam en je boek op al die platformen overal terugkomen. Ik heb het allemaal: Twitter, Facebook, Instagram. Dat werd me een jaar of tien geleden aangeraden door mijn toenmalig redacteur. Ik doe er eerlijk gezegd weinig mee. Ik zet er foto's op van jongeren bij mijn lezingen op scholen, om te laten zien: je kan ze opgeven, want ze lezen toch niet, maar je kunt ze óók benaderen.'

Een constante daarentegen is dat je altijd bij Podium bent gebleven.
'Maar dát is juist veranderd. In de tijd dat ik de literatuur ontdekte, waren schrijvers nog vaak honkvast. Ze waren trouw aan hun uitgever. Sterker, ik wist niet eens dat dat kon: overstappen. Pas toen ik andere schrijvers leerde kennen, bleek dat zij vanuit hun ontevredenheid over het uitblijven van succes of de gang van zaken dachten: bij die uitgeverij kan ik dit doen, krijg ik dat, beloven ze me zus of zo. En steeds vaker stappen ze daadwerkelijk over. Ook omdat de generatie na mij veel meer gewend is om zelf via sociale media reclame voor hun eigen werk te maken, en daarom met meer recht van spreken dan vroeger een uitgeverij kan aanspreken als ze niet actief genoeg hun werk aan de man brengen.'

Jij zult toch door andere uitgeverijen aanbiedingen hebben gekregen?
'Natuurlijk. Maar ik heb een ongelooflijk gevoel van loyaliteit. Podium is toch de uitgeverij die niet na twee boeken tegen me zei: jammer, dit gaat niet lukken. Hoewel ik nooit voor een groot verlies heb gezorgd, begon het pas bij mijn vijfde boek De tijger en de kolibrie te lopen. Ten tweede: als iets niet gaat zoals het hoort, steek ik eerst mijn hand in eigen boezem. Ik vraag me af: welke steken heb ik zelf laten vallen? Vanuit die houding heb je zinvolle gesprekken met je uitgever over wat zij kunnen en moeten doen. Ook denk ik dat iedere uitgeverij, als je het over twintig jaar bekijkt, het netto ongeveer even goed heeft gedaan, met wisselende accenten. Dan scoort die ene met promotie, omdat ze een lijntje met een tv-programma hebben. Dan heeft die andere een sterke redactie, waar de schrijvers in dat fonds zich prettig bij voelen. Maar na zoveel jaar komt het bij allemaal onderaan de streep op hetzelfde uit.'

Podium heeft goed gereageerd op jouw klachten?
'Het is zeker niet alleen pais en vree geweest, ik schaam me niet om dat te zeggen. Ik ben ook weleens gefrustreerd geweest dat de uitgeverij niet alles deed wat ik had gewenst. Maar wat moet je dan? Wegrennen? Nee. Ik ben niet van de school dat het gras aan de andere kant groener is. Ik wil redelijk zijn, altijd denkend: wat is er mogelijk? Ik begrijp dat Podium klein is en daarom scherp moet schieten. Ze kiezen zorgvuldig hun strategie uit. Als het dan mislukt, zijn er verder weinig middelen, terwijl grote uitgeverijen er dan nog een bak geld tegenaan kunnen smijten. Maar die schieten juist weer met hagel. Is het daar dan beter? Ik weet dat niet. Zo hebben de uitgeverij en ik steeds gesprekken over de mogelijkheden in een altijd veranderende markt, met – tot nu toe – altijd bevredigend resultaat. Joost is in ieder geval een uitgever die niet roept: "kan niet! mag niet!", maar denkt in oplossingen.'

Wat betekent het precies dat je 'redelijk' wil zijn?
'Ik heb altijd meegedacht met de uitgeverij. Ik heb in de beginjaren nooit het hoogste voorschot bedongen, omdat ik me er niet prettig bij voel als een uitgeverij er zelf bij inschiet. Dat is mijn achtergrond. Mijn vader zei altijd: "Wordt jij een jongen die later zijn handje ophoudt of ga je werken voor je geld?" Een voorschot dat niet wordt terugverdiend voelt als een gift waar ik geen recht op heb. Iets soortgelijks geldt voor marketingbudgetten. Ook dat moet redelijk zijn. Ik weet nog dat Joost voorstelde om te adverteren op de voorpagina's van kranten. Hij vond het daar het moment voor. Ik reageerde sceptisch: "Wat voor effect heeft dat eigenlijk?" Hij moest toen héél hard lachen. Zo vaak als hij was gebeld door een auteur die wilde dat er voor hem werd geadverteerd en hij de boot af moest houden met precies dezelfde zin: "Maar wat voor effect denk je dat dat heeft?"'.

'Geen idee. Joost belde mij vlak voor de bekendmaking – als eerste, omdat ik inmiddels de oudstgediende ben – en legde uit dat de slagkracht van de uitgeverij wordt vergroot en hij meer tijd zal hebben voor zijn schrijvers. Hij vond de overname goed nieuws. Ik ga ervan uit dat het dat is.'

Zelf viert Boogers zijn schrijversjubileum bescheiden. Op 2 november staat hij er – op verzoek van Podium – bij stil tijdens een middag in boekhandel Donner, waar enkele collega's hem toespreken. 'Ik hoop dat ze me niet alleen pauwenveren in de reet steken. Het mag ook een ouderwetse roast zijn. Maar ik hoop nog meer dat het niet alleen over mij gaat, maar dat het een viering van het boek en van de literatuur wordt.' Daarnaast is het jubileum een mooie aanleiding om de verkiezing voor Boekverkoper van het jaar in goede banen te leiden. Ook dat is immers een manier bij uitstek om het boek in de breedte te promoten.
'Daar werk ik heel graag aan mee', zegt hij dan ook. 'Ik vind het van het grootste belang om zo vaak mogelijk de boekverkoper een duwtje in de rug te geven. Dat móét je gewoon doen. Je kan wel fijn de schrijver willen uithangen, maar uiteindelijk moet iemand lijfelijk jouw boek overhandigen aan de lezer. Iemand moet tegen hem zeggen: "Weet je wat geweldig is? Dít boek." Boekhandelaren staan met de poten in de modder, elke dag weer. Mede door het pittige arbeidersmilieu waar ik vandaan kom, heb ik daar diep respect voor.'
Hij laat de keuze voor de winnaar aan de jury. De jury bezoekt alle genomineerde boekverkopers, hij kan slechts een dag met hen mee. Maar hij kent genoeg boekhandels – als klant en als schrijver die overal te gast is geweest – om er een mening over te hebben. 'Ik was vorig jaar in Amerika. De boekwinkels in San Francisco waren zo'n onderdeel van de gemeenschap. Er was van alles voor kinderen beschikbaar: alsof het mini-speeltuinen waren, maar dan met boeken. Actuele onderwerpen kregen veel aandacht: een hele kast over Black Lives Matter bijvoorbeeld. De buurt werd sterk bij activiteiten betrokken. In de koffiehoeken kun je er echt afspreken. Daar werd ik heel enthousiast van.'

Dat vind je even belangrijk voor Nederland?
'Zeker. Een boekhandelaar moet een duidelijk beeld hebben van wat hij wil met het boek. Hij moet het onderdeel van de gemeenschap maken. Niet alleen een bepaalde laag bedienen: de senioren die nog altijd lezen, maar ook die groepen die weinig lezen en niet snel boekhandels bezoeken. Hij moet ook aan anderen dan de elitaire bovenlaag tonen: het boek is van en voor iedereen. Dat klinkt idealistisch, vind je niet? Dan is de belangrijkste vraag: waarom klinkt het idealistisch? Omdat het in de praktijk achterblijft – de vele goede boekverkopers niet te na gesproken, die dit daadwerkelijk proberen. Ik snap dat er geld moet worden verdiend. Dus als er een populair sportboek of een nieuwe thriller verschijnt, legt een boekverkoper er stapels van neer en maak hij daar flink reclame voor. Maar dat mag nooit het enige zijn. Geef mensen de boeken die ze zoeken. Maar ook: bied aan. Voed op. Maak lezers die nog niet weten dat ze het zijn.’

Kun je een voorbeeld geven?
'Een winkel als Coelers in Rotterdam schiet me te binnen. Die werd gerund door een paar lieftallige dames. Ze deden veel voor de gemeenschap. Nodigden schrijvers uit – ja, mij ook – en hadden op die avonden naast een justje en een wijntje allerlei lekkernijen. Heel leuk. Dat ging lang goed, maar toch zijn ze dit jaar omgevallen. Dat bewijst dat je, nu het leesklimaat veranderd en het lokaal publiek is gekrompen, ook moet uitreiken naar iedereen in de omgeving. Dat je moet weten wat er leeft onder jongeren, wat er speelt op scholen, waar bibliotheken mee bezig zijn. Je moet weten wie wel en niet leest, met welke schrijvers je welke groepen aanspreekt, debat- en discussieavonden organiseren, een koffietafel verzorgen. Daarmee wil ik niet zeggen dat Coelers heeft gefaald. Het is ook ontzettend moeilijk om iedereen in dit dorp of in deze buurt aan het lezen te krijgen.'

Welke boekhandel doet wat jij beoogt?
'Ik was eens in Zutphen bij een avond van Someren & ten Bosch die ze hadden georganiseerd met een school. Daar zaten gewoon 150 jongeren. Te gek. Op zulke momenten denk ik altijd: het kán dus wel. En zo heb je meer boekverkopers die hun enthousiasme echt weten te verspreiden. Margreet de Haan [van 't Spui]. Arno Koek [van Blokker]. Monique Burger [van De Nieuwe Boekhandel], die jammer genoeg weggaat. Remco Houtepen [van Venstra]. Monique van Oosterhout [van v/h Van Gennep]. En dat zijn echt niet de enigen.'

In hoeverre hebben boekhandels bijgedragen aan jouw succes?
'Veel. Als iemand als Remco Houtepen achter je boek staat, staat hij er ook écht achter. Over mijn roman Alleen met de goden uit 2015 zei hij nog net niet tegen zijn klanten: "als je dit niet meeneemt, doe ik je wat aan." Maar hoe groot de rol precies is? Ik denk wel groter dan in het begin van mijn carrière, toen mijn werk ook goed verkrijgbaar was en steun van boekverkopers kreeg. Toen was de rol van de recensent belangrijker. Sinds het boekverkoperspanel van De Wereld Draait Door is de invloed van boekverkopers echter gegroeid. Begrijpelijk ook. Een recensent kan prachtig verwoorden waarom een boek wel of niet goed is, maar een boekverkoper praat de taal van de gemiddelde lezer die een winkel binnenstapt en argeloos vraagt: "Goed boek?" Lezers moeten worden aangejaagd. Daarom is het panel zo aangeslagen. Vlak daarna begon Gerda Aukes ook met de Boekhandelsprijs. Boekverkopers namen steeds meer het heft in eigen handen.’

Zijn boekverkopers in deze tijd noodgedwongen ook beter geworden in het aan de man brengen van boeken?
'Ik ging als jongen naar de boekhandel om de nieuwste boeken te kunnen lezen. Ik kocht niets, daar was ik te arm voor. Maar ik pakte iets wat me aansprak, ging op de trap zitten en verdween in andere werelden. Ik ben de boekverkoper nog dankbaar dat hij dat me liet doen – na even te hebben gecontroleerd dat ik de boeken heel voorzichtig opengeslagen hield. Nu zou diezelfde boekverkoper naar die jongen gaan om hem een boek aan te reiken: "Probeer dit eens". Die hulp is nog beter.'

Je hebt zelf inmiddels twee boeken geschreven over het belang om iedereen, maar met name jongeren, het boek te bezorgen dat voor hem of haar lijkt te zijn geschreven. Waarom?
'De lezer is niet dood is ontstaan uit een lezing over – met een vreselijk woord – ontlezing. Ik kreeg daar een vreemd applaus op. Zo van: "Yes! Eindelijk wordt het eens gezegd." Ik liet de tekst aan Joost lezen. Begreep hij dat enthousiasme? Hij zei toen dat deze discussie enorm leeft en dat we de lezing moesten uitgeven. Vorig jaar werd dat schotschrift opgevolgd door het pamflet Lang leve de lezer. Maar de emotie erachter heb ik al lang. Ik verzet me sterk tegen het cultuurpessimisme. Van die cynische artikelen waarin staat dat jongeren niet meer lezen, of dat een journalist ineens valt over een woord als ‘leesplezier’, alsof jongeren geen plezier aan lezen mogen hebben, enzovoorts. Dat cynische geluid steeds. Journalisten die zulke stukken voor een paar honderd euro schrijven zouden voor dat geld scholen moeten bezoeken en moeten proberen van jongeren lezers te maken. Want dat kan wel. Ik merk het iedere keer als ik er ben. En ook al breng je daar maar één jongere in aanraking met het boek, waardoor hij voortaan iets anders tegen de dingen aankijkt, dan heb je in mijn ogen het hoogste bereikt wat je kunt bereiken. Je hebt iemand bewogen.’

Geven steeds meer mensen de strijd voor het boek op?
'Het is een carrousel. Er zijn altijd mensen die het boek dood verklaren. Altijd wijzen ze daar er een andere oorzaak voor aan. Maar je het ziet verhaal gewoon voortleven – soms alleen in een andere gedaante, zoals nu het luisterboek.'

Ik bespeur juist een tegenbeweging. Een recent rapport van de Raad voor Cultuur en de Onderwijsraad zegt bijvoorbeeld net als jij dat de strijd voor het boek begint met leesplezier en dat je dat vergroot door ervoor te zorgen dat iedereen het juiste boek voor zichzelf vindt.
'Ik ken dat rapport niet. Maar het is waar, het begint in eerste instantie toch vooral met begrijpend lezen en leesplezier. Voor iedereen is er één boek. Je moet het zoeken en toe-eigenen. Voor mij als puber was dat de autobiografie van Mohammed Ali, die ik zag staan toen ik bij toeval in de bibliotheek kwam. Ik kende hem van zijn partijen op tv, was nieuwsgierig en er ging een wereld voor mij open. Zijn stem kwam tot leven. Dát is leesplezier: de ontdekking dat je jezelf in een boek herkent, waarna je op verkenning durft uit te gaan. Het onderwijs moet ruimte bieden aan zo’n verkenningstocht. Dat kan als het gedeelte voor literatuur zwaarder meetelt en een aanzienlijk percentage van het totale cijfer voor het vak Nederlands beslaat, zodat leerlingen, die vooral praktisch zijn ingesteld, aangemoedigd worden om het belang van hun inspanningen in te zien. De docenten zouden meer tijd aan literatuur moeten kunnen besteden. Het vakgebied, kortgezegd, moet op de schop.'

De docent moet zich net als de boekhandelaar opnieuw uitvinden?
'Ja. Ik heb veel docenten gesproken die aanhoudend met vuur en bevlogenheid de literatuur brengen. Bewonderenswaardig, zeker. Maar dat gebeurt wel in de marges van hun dichtgetimmerde lesprogramma. Moet dat niet anders? Waarom is literatuur niet het belangrijkste onderdeel? Het lijkt er bijna op of je niet van de Nederlandse literatuur mag houden. Dat voelt als een eigenaardig soort zelfhaat. We bestaan immers uit de verhalen die we maken, die we lezen, die ons raken. Vraag maar aan de boekhandelaar die als een fanatieke geloofsboodschapper het woord verspreidt. Je moet uitreiken.'
(Eerder gepubliceerd in Boekblad magazine 7/8, 2019)

vrijdag 29 maart 2019

Waarom doen zo weinig uitgeverijen iets met Youtube? (Boekblad)

Uitgeverijen laten, op enkele uitzonderingen na, Youtube massaal links liggen. Terwijl het een van populairste websites van Nederland is geworden. Zou het helpen als de branche de handen ineen slaat?

Wat doet een redacteur van een uitgeverij eigenlijk? De vrolijke Lotte Dijkstra zwaait enthousiast in de camera. In deze vlog – gepubliceerd op 30 januari – gaat de redacteur van YA-uitgeverij Blossom Books, gezeten voor een kast met de nieuwste uitgave, eens haarfijn uitleggen hoe je een Nederlands manuscript redigeert. 'Want we hebben steeds meer Nederlandse auteurs, wat we superleuk vinden.' Waarna ze in dertien minuten een eerlijk en helder verhaal vertelt.
'Zo'n onderwerp bedenk je in twee seconden en vervolgens heb je het in twintig minuten opgenomen', vertelt uitgever Myrthe Spiteri. 'Alleen als we een film maken over bijvoorbeeld onze belevenissen op de Buchmesse kost het meer tijd. Dan moeten we er steeds bij nadenken. "O, we moeten nog iets filmen". Maar het meeste werk gaat zitten in het editen. In het begin waren we daar heel lang mee bezig, nu we het beter in de vingers hebben, zijn we klaar in een uur tot anderhalf uur.'
Deze tijd die de uitgeverij erin steekt, is de grootste kostenpost. Geld vereist het allemaal niet. De camera is Spiteri's eigen bezit. De noodzakelijke software staat op haar laptop: iMovie, in het geval van Blossom Books. 'We hebben alleen op een gegeven moment voor vijftig euro een lamp gekocht.' In ruil voor deze investeringen krijgt de uitgeverij commitment van hun doelgroep van YA-lezers – dit keer in de vorm van 284 weergaven op Youtube, acht dagen na uploaden.

Blossom Books is een van de weinige uitgeverijen die structureel video inzet voor zijn marketing. Ieder bedrijf heeft wel een Youtube-account, waar op onregelmatige basis filmpjes worden gepost: boektrailers, auteursinterviews en verslagen van taties. Maar het meeste lijkt erop te zijn gezet omdat het toevallig voorhanden was. Een met de telefoon opgenomen zingende Ivo Victoria op een boekpresentatie van Erik Jan Harmens op het Lebowski-kanaal is typerend.
Het bereik is dan ook gering. Tegenover de 790 abonnees van Blossom Books (op 8 februari) staan 288 abonnees voor A.W. Bruna, 54 abonnees voor Pluim, 71 abonnees voor Singel Uitgeverijen, 255 abonnees voor Kluitman, 31 abonnees voor Prometheus en 143 voor Lebowski Publishers (allen op dezelfde datum) – om een willekeurig aantal uitgeverijen te noemen. Behalve Blossom Books komt niemand ook maar in de buurt van de duizend abonnees.
De filmpjes hebben een daarbij passend aantal kijkers. Af en toe is er een uitschieter. Trailers van erg populaire merken scoren goed: de 17 seconden durende aankondiging van het Dylan Haegens-stripboek is meer dan 16.000 keer bekeken, de even lange commercial voor Suzanne Vermeers winterthriller meer dan 10.000 keer. Maar Stefan Buijsman die twee keer iets uitlegt over zijn wiskundeboek op het kanaal van de Bezige Bij? Respectievelijk 82 en 139 weergaven.
En dat terwijl Youtube een van de grootste sociale media-platformen in Nederland is. Het staat na Whatsapp en Facebook op nummer 3, volgens het Nationaal Sociale Media Onderzoek 2019, met 8,7 miljoen actieve gebruikers. 'Als je voor jongeren uitgeeft, moet je gewoon aanwezig zijn waar zij zijn', rechtvaardigt Spiteri dan ook de keuze om te vloggen. 'Iedereen kijkt de hele dag door filmpjes, of heeft ze op de achtergrond aanstaan, tijdens het huiswerk maken of zo.'
Er zijn ook plannen om in de nabije toekomst nog meer aandacht aan het kanaal besteden. 'Een nieuwe stagiaire gaat zich helemaal toeleggen op Youtube, zodat we een vast uploadmoment hebben, een duidelijker brand-pagina hebben, de indeling beter wordt en er vaker aandacht voor is in onze andere uitingen. Het moet professioneler om de duizend abonnees te halen. We vergeten bijvoorbeeld ook te vaak aan het einde te zeggen: "vergeet je niet te abonneren!".'
Zoals Dijkstra inderdaad niet had gedaan in de laatste vlog.

Naast Blossom Books zijn maar een handvol uitgeverijen die proberen iets meer van hun Youtube-kanaal te maken dan een vergaarbak. Voor Atlas Contact vlogt redacteur non-fictie Marcella van der Kruk nu al ruim twee jaar. Balans maakt al lange tijd auteursinterviews, aanvankelijk over een actuele kwestie, nu gerichter over hun nieuwe boek. Daarnaast zijn er wel experimenten, zoals de interviewreeks Het Ambacht van Pluim, maar die zijn (vooralsnog) te kort van duur geweest.
'Ik begon ermee, samen met mijn [inmiddels vertrokken, md] collega Vincent Kolenbrander, toen Nederland gastland was in Frankfurt', vertelt Van der Kruk. 'Het was onze eerste keer naar de Buchmesse, we wisten niet goed wat we zouden aantreffen en dachten toen dat dat voor meer mensen zou gelden. Maar blogs waren er al zoveel, video's niet. Daarmee hoopten we een ander publiek te bereiken. Toen bleek dat zo leuk te zijn dat we ermee door gingen.'
Balans zag in video juist een mogelijkheid om meer te doen met haar auteurs. Dat waren deskundigen immers die niet alleen non-fictie schreven, maar ook hun licht konden laten schijnen over actuele, aanverwante onderwerpen. In maart 2017 startte daarom het eigen videoplatform Licht Media. Na een maand of tien werden nieuwe video's echter alleen nog geüpload op Youtube, al is het platform daarmee niet gestopt, verzekert oud-marketingmedeweker Hans Gaarlandt.

Deze drie uitgeverijen zijn alle redelijk tevreden met wat het oplevert. Het is uiteraard onbekend hoeveel weergaven leidt tot hoeveel verkopen, maar de band die je opbouwt met de kijkers kweken wél goodwill. En de aantallen abonnees en kijkers zijn misschien niet zo groot als gewenst, je moet ook niet te grote verwachtingen hebben. Het is niet realistisch om te mikken op structureel tienduizenden kijkers. 'Zo ontzettend groot is de Young Adult-community nou ook weer niet,' zegt Spiteri.
Bovendien kun je video's op meer plekken kwijt. Van der Kruks vlog 'Tussen de schrijvers' heeft op Youtube tussen de 50 en 2.500 weergaven, er komen er duizenden bij via de Facebookpagina van Atlas Contact – al telt het daar als viewals hij in je timeline voorbijkomt en je niet snel genoeg doorscrolt. 'Ik vind dat niet voldoende', zegt ze. 'Dat moet meer worden. Maar is het wel één van de manieren waarop je tegenwoordig je publiek bereikt. Het is een noodzakelijke aanvulling.'
Daarbij zijn er andere voordelen. 'Auteurs vinden het interessant dat je meer doet om hun verhaal te verspreiden', vertelt Gaarlandt – die evenmin écht tevreden is over het bereik. 'Rob de Wijk is naar Balans overgestapt nadat we zijn inzichten opnamen voor Licht. Zo raakten we in gesprek over een nieuw boek. Ook triggerde het media. Er was opeens beeld van een deskundige die zich uitliet. Dat hebben andere uitgeverijen vaak niet. Of ze nodigde de auteur dankzij een filmpje uit voor een talkshow.'

De voordelen van structurele, gerichte aandacht voor video lijken echter nog niet te zijn doorgedrongen tot andere uitgeverijen. Dat heeft te maken met prioriteiten stellen, denkt Spiteri. 'Er is al zo veel waar je in moet verdiepen. Als jouw doelgroep niet zoveel op Youtube aanwezig is, heeft het veel minder zin om je daar je tijd in te investeren’, zegt ze. En je moet er wel aandacht voor hebben, denkt Gaarlandt. 'Anders wordt het wél duur. Zoals iedere uitgeverij weet die weleens een trailer heeft laten maken.'
Deze drie uitgeverijen zijn dan ook begonnen omdat er iemand was die het echt leuk vond om te doen. Zoals Van der Kruk, die er ook nu nog vrije tijd voor opoffert. 'Je moet veel schroom overwinnen, omdat je bij het editen honderd keer naar jezelf met je rare stemmetje zit te kijken, maar dan is alleen maar leuk. Ook omdat het een mooie ingang biedt voor gesprekken. Dankzij de camera heb ik in Frankfurt [de Amerikaanse agent, md] Andrew Wylie aangesproken. Dat had ik anders nooit gedurfd.'

Ook Peter Minkjan is het opgevallen dat boekuitgeverijen kansen laten liggen. Hij is mede-oprichter van 5PM, dat Youtube-services levert aan uitgeverijen en werkt voor merken als De Telegraaf en Ziggo Sport. Hij heeft speciaal voor Boekblad gesurft langs het videoaanbod van uitgeverijen op Youtube, maar niets sprong er volgens hem uit – zonder dat hij zich daarmee expliciet uitlaat over bovenstaande voorbeelden. Nergens zag hij een duidelijk lijn, nergens echt professionalisme.
Veel uitgeverijen, merkt hij op, zetten direct in op wat uiteindelijk de laatste boodschap is: koop het boek. 'Al die boektrailers zijn in de eerste plaats commercials. Maar daarom zitten mensen niet op Youtube. Ze kijken films omdat ze vermaakt en geïnspireerd willen worden. Uitgeverijen moeten het daarom gebruiken om een publiek op te bouwen. Youtube is zo laagdrempelig dat het daar erg geschikt voor is. Het is ook al lang niet meer zo dat het alleen voor jongeren is. Iedereen zit op Youtube.'
Een manier om te inspireren is bijvoorbeeld een panelgesprek à la de boekverkopers in De Wereld Draait Door. 'Ik lees zelf graag Scandinavische thrillers,' vertelt Minkjan, 'en zocht daarom – tevergeefs – naar een expert die mij vertelt welk boek ik hierna moet lezen. Ik vond wel trailers, maar ik wil het van iemand horen die ik kan vertrouwen. Waarom is er geen redacteur die voor de camera over nieuwe titels vertelt? Of nog beter: een groep redacteuren van thrilleruitgeverijen.'
En doe het dan goed. 'Dat zit niet per se in de kwaliteit van video. Je hebt er echt geen high end tv-studio voor nodig, met alle faciliteiten. Men verwacht dat ook niet per se. Maar denk bij het uploaden van een film wél goed na over de omschrijving, de tags of het beeld dat de gebruiker ziet. Veel uitgeverijen doen dat laatste niet, en dan neemt Youtube gewoon het middelste beeld. En verspreid de video daarna zo breed mogelijk, dus ook via Twitter, je nieuwsbrief en meer.'
Het kost tijd om publiek op Youtube op te bouwen. Een influencer gebruiken, zoals Karakter deed met Enzo Knol, Royalistiq en het netwerk rond Jill Schirnhofer, is sneller scoren. Maar een uitgeverij die strak op een vast moment publiceert, wordt door de algoritmes van het platform steeds vaker als suggestie aan kijkers voorgeschoteld. 'Ook kwaliteit helpt. Hoe langer mensen kijken, hoe hoger Youtube de video waardeert. Maak dan liever een keer per maand iets echt goeds dan elke dag iets flodderigs.'

Als uitgeverijen in hun eentje video links laten liggen, suggereert Minkjan, is het goed om samen te werken. Iemand die – zou je kunnen zeggen – dat heeft geprobeerd, is Jörgen Apperloo. Hij is sinds 2014 de man achter Vlogboek, met 1467 abonnees (op 8 februari) met afstand de populairste boekvlogger in het taalgebied. Vorig najaar maakte hij voor het boekenplatform Hebban het actuele boekenprogramma 'Boekblik'. Maar de gehoopte samenwerking met uitgeverijen kwam er niet.
'Het idee was dat uitgeverijen het oppikten en zouden verspreiden via hun kanalen', vertelt hij. 'En dat ze daarna misschien financieel zouden bijdragen. Dat lukte niet. Uitgeverijen waren wel nieuwsgierig naar wat er gebeurde, maar deden er verder niets mee. Mede daarom leverde het weinig kijkers op. De eerste aflevering was met 703 viewsnog het best bekeken. Ik denk dat uitgevers erg aarzelend zijn om met iets nieuws te beginnen. Wat ik op zich snap, als je niet weet wat het oplevert.'
Toch bewijst juist Vlogboek dat er wel degelijk een publiek voor video's over boeken is. Apperloo – leraar Nederlands in Lisse – heeft zijn vlog oorspronkelijk opgezet voor zijn leerlingen, maar zijn snelle, fris gemonteerde filmpjes trekken een afwisselend, breed publiek. 'Vooral filmpjes over klassiekers die veel mensen hebben gelezen, zijn geliefd. Ook filmpjes over iets echt populairs, zoals ik heb gemaakt voor de Fontein over Leven van een loser, worden erg veel bekijken. Deze 22.000 keer.'
Dat er weinig andere boekvloggers zijn, is evenmin reden te vermoeden dat er geen belangstelling is. 'Vloggen over een boek is nu eenmaal een tijdsinvestering', vertelt Apperloo. 'Over je eigen leven vloggen kan je iedere dag wel. Een film bespreken lukt ook makkelijk. Maar een boek moet je eerst lezen en je een mening over vormen. Dat gaat niet zo snel. En dan moet je volhouden. Als je niet een half jaar elke week vlogt, zit je tegen die tijd nog op 18 abonnees en raak je ontmoedigd.'
Ook om die reden begrijpt hij de terughoudendheid van uitgeverijen wel. Succes op Youtube kost een serieuze inspanning en doorzettingsvermogen. 'Eigenlijk zou er daarom één plek moeten zijn waar uitgevers al hun materiaal op zetten. Als iedereen dan om de zeg zes maanden een video plaatst, volgens een min of meer vastgelegd format, trekt dat uiteindelijk meer kijkers. Zelfs als je alle trailers bij elkaar brengt, zal dat meer effect hebben.'
In dat geval moet alleen een organisatie dat opzetten. Wellicht de CPNB, die nu toch bezig is met een strategische oriëntatie.
(Eerder gepubliceerd in Boekblad magazine, mrt 2019)

zie ook:

woensdag 13 februari 2019

Het jaaroverzicht van Nadine Mussert (Boekblad)

Nadine Mussert nam dit voorjaar Boekhandel van der Meer in Noordwijk over. Vier maanden later werd ze verkozen tot boekverkoper van het jaar. Hoe kijkt zij terug op 2018?

'Het is altijd mooi als er nieuwe uitgeverijen bij komen. Niet alleen Pluim, waar ik na de lancering eerlijk gezegd weinig van heb gehoord. Ik hoorde dit jaar regelmatig dat er een nieuwe uitgeverij was gestart. Wel is het voor een boekhandel fijn als ze vervolgens samenwerken zoals binnen New Book Collective, zodat we met maar één partij afspraken kunnen maken. Zeker New Book Collective doet het goed. Ze hebben inmiddels een breed aanbod – van YA tot kookboeken – waar we van alles mee kunnen. En we kunnen afspraken met hen maken over marges, activiteiten, consignatieregelingen. Nu Van der Meer na de overname een krappere kredietlimiet heeft, moeten we creatief zijn om onze voorraad op peil te houden. Met sommige uitgeverijen lukt dat beter dan met andere.'

1 maart ECI wordt Bookspot
'Daar kan ik weinig over zeggen. Met mijn zes jaar ervaring in het boekenvak heb ik het gevoel dat de boekenclub van voor mijn tijd is. Ik hoor nooit iemand zeggen dat hij daar lid van is. Het abonnementsidee van Bookspot, wat hen ondanks een nieuwe imago als online boekhandel nog altijd uniek maakt, vind ik wél interessant. Van der Meer is begin dit jaar, in samenwerking met Singel Uitgeverijen, ook begonnen met zijn eigen boekenclub. De leden krijgen zes keer per jaar een boek uit hun fondsen plus een attentie van ons en een activiteit zoals een leesclubavond of een bezoek van de auteur. De laatste titel was Foonvan Marente de Moor, die in de winkel is geweest. Ze krijgen alleen geen korting. We hebben nu twintig leden. Dat kan denk ik veel meer worden, omdat mensen nu eenmaal naar Van der Meer komen om advies van ons te krijgen. Deze boekenclub ís ons advies. We moeten er alleen meer promotie voor maken.'

30 maart Stip Media nieuwe eigenaar Boekblad
'Fijn dat Boekblad bleef bestaan. Zoals elke beroepsgroep moeten we een overkoepelend nieuwsorgaan hebben. Natuurlijk heb je ook een Facebookgroep met Libris-boekhandelaren om nieuwtjes te delen, maar Boekblad is nodig om het nieuws te verdiepen. Dan lees je ook eens meningen van anderen, zodat je je een beter beeld kunt vormen van de ontwikkelingen in het vak. Voor mezelf, als nieuwkomer, vind ik het belangrijk om te lezen waar alle collega's zoals mee bezig zijn.'

'Begrijpelijk. Als een groot auteur als Tommy Wieringa of Paulien Cornelisse na zo veel jaar de ins en outs van het uitgeven kent, willen ze een keer helemaal hun eigen plan uitvoeren. Dat lijkt me een heerlijke uitdaging. Dat de inkoopbeurzen daardoor nog groter en voller worden – zoals op de najaarsbeurs absoluut het geval was – is dan maar zo.
Iets anders is de groei van selfpublishing onder amateurschrijvers. Wij zijn ermee gestopt om alle boeken van iedere auteur die hier aanklopt in consignatie neer te leggen. Het zijn er zoveel geworden, dat het totale aanbod dreigt te verschralen en het onze reputatie als experts over wat wel en niet de moeite waard is kan schaden. Ook moet iedere plek in de winkel wél iets opleveren. Boeken over Noordwijk nemen we nog altijd aan, maar de zoveelste roman? Het is alleen lastig dat goed uit te leggen. De amateurschrijvers zijn vaak ook klant. En ja, dat gaat weleens fout. Momenteel ligt een roman van een lokale schrijfster overal in Noordwijk, tot aan de bloemist aan toe, behalve bij ons – vermoedelijk omdat ze beledigd was nadat wij afhoudend reageerden op haar verzoek om de presentatie bij ons te houden.'

'Toen ik middenin de overname zat, leek het een grote chaos. Een vrije val, er kwam zoveel op me af. Achteraf ging het juist soepel. Het was aan het begin van een rustige tijd, we hadden de ruimte om als team op elkaar ingespeeld te raken en de beste indeling van de winkel te vinden. Ik heb daardoor echt mijn eigen stempel kunnen drukken, wat de klanten ook opvalt – ik hoor regelmatig dat er een nieuwe energie in de winkel hangt. En nu merk ik dat er in het najaar juist veel meer op me afkomt. Sinds de Kinderboekenweek is het zo druk, zeker in de weekenden is het bizar.
Het nadeel van het gekozen moment was dat ik in de rustige zomer dacht dat het kwam omdat de vorige eigenaren Peter van Blanken en Martha Baalbergen er niet meer waren. En niet aan de zomer, die voor iedereen pittig was. Omdat het weer zo mooi was, had niemand zin om naar de boekhandel te gaan. En omdat er weinig grote titels waren, had niemand een reden om te gaan. Ik had daar best moeite mee. Ik krijg altijd stress van financiële zaken. Persoonlijk, maar zeker ook als eigenaar van een boekhandel. Elke keer aan het einde van de maand verwachten zeven man personeel hun salaris. Elke maand ben ik daar weer nerveus over en kijk ik in die periode drie keer per dag op de rekening.
Toch schrik ik ook niet terug voor een gok. Toen Jimmy Nelson naar de winkel kwam, kocht ik 100 exemplaren van Homage to Humanityin. We wisten een goede deal te maken, maar toch: 100 exemplaren, terwijl Bol.com en Amazon in de onderlinge concurrentie elkaar bestoken met belachelijke kortingen. Ik hoorde van meerdere mensen: ga je die wel kwijtraken? Wij verkochten hem voor 100 euro in plaats van 125 euro. Maar dat bleek niet eens nodig. Ze gingen allemaal weg. We hebben zelfs mensen moeten teleurstellen. Ik denk dat deze activiteit daarom mijn hoogtepunt van het jaar was.'

12 juni Kobo Plus haalt top 20-uitgeverijen binnen
'Wij verkopen de Kobo-readers niet meer. Wij verkopen de Tolino, waar ik superblij mee ben. Maar het is jammer dat als Kobo met een abonnement komt, wij daar niet meteen Tolino Plus tegenover kunnen zetten. Ik hoor van Caroline Damwijk [directeur Libris Blz] dat er gesprekken zijn, ook over bijvoorbeeld de mogelijkheid om het e-boek bij het papieren boek te verkopen, maar het is nog afwachten waar dat toe leidt. Want het e-boek is belangrijk, dat bewijst de groei van Kobo Plus. Anders dan van de boekenclub hoor ik wél van mensen dat ze een Kobo Plus-abonnement hebben. Ik vraag me alleen af hoe belangrijk het e-boek precies is. Ik zie klanten met Tolino nog steeds papieren boeken kopen of weer teruggaan naar papieren boeken. Alleen tijdens vakantie is het handig. Ook voor mezelf: hoe fijn is het dan dat je ver weg toch bij een Nederlandse winkel – boekhandelvandermeer.nl! – e-boeken kunt kopen. Ik promoot de Tolino daarom niet actief. Het zwaartepunt ligt bij de winkel.'

13 juni KBb-vergadering in teken Boekenbon
'Toen werd de noodklok geluid. Ik schrok daar van. Ik was misschien naïef, maar ik wist niet dat de omzet van de boekenbon zó gekelderd was. Wij verkopen de bon goed en nemen hem vaak in. Ik vind ook dat hij moet blijven en heb daarom voor het KBb-plan gestemd. Ik snap de aantrekkingskracht van een eigen bon. Wij schrijven ook, bij wijze van Van der Meer-bon, een postkaart uit waarin de ontvanger als het ware wordt uitgenodigd om ons te bezoeken. Maar alleen als klanten er expliciet om vragen. In de Sint-periode is dat hooguit tien keer gebeurd. Ik geef dan toch de voorkeur aan de Boekenbon, ook al levert dat minder op. Het is een serviceproduct. Zodat klanten van Bruna hem hier kunnen inwisselen. Zodat je mensen die niet precies weten wat ze cadeau moeten geven, toch kunt helpen. Het scheelt daarbij dat we in Noordwijk weinig concurrentie hebben. De meeste bonnen die we innemen, hebben we zelf verkocht.'

14 juni Boekenweekthema 2019 is 'De moeder de vrouw'
'Ik dacht in eerste instantie alleen maar: leuk, daar kan ik wat mee. De vrouw als steunpilaar: van het gezin, maar net zo goed van de maatschappij of een bedrijf. Toen daarna de discussie losbarstte dacht ik: heel goed, die publiciteit. Publiciteit is altijd goed voor het boek. De ophef zelf deel ik niet. Vorige generaties zijn denk ik feministischer dan de mijne. Toen ik de boekhandel overnam, keek daar ook niemand van op. Ja, sommige noemden me een 'stoere vrouw', ook omdat ik het in mijn eentje doe. Tegen mannen zouden ze dat niet zeggen. Maar toch. Ik zag in het protest vooral nóg maar mogelijkheden om op het thema in te spelen. Inmiddels hebben we Els Kloek vastgelegd. Ook komt er een bandje liedjes spelen over moeders en oma's. En we gaan iets doen met een babyshower. Ook omdat ik tegen die tijd, eind maart, hier met een behoorlijk dikke buik rondloop.'

'Goed bedacht van Arno [Koek, md]. We hebben het idee meteen gekopieerd. Whatsapp wordt niet veel gebruikt: hooguit een keer per week, door bestaande klanten die anders zouden bellen of langskomen voor hun bestelling. Maar we hebben het ook niet echt gepromoot, buiten vermelding op de site en boekenleggers en een paar posts op Facebook. Dat is sowieso een probleem met internet. We zijn een winkel. Dáár gaat de aandacht naar uit. En we zijn maar een klein team, met weinig kennis van online. We zijn wel actief met nieuwsbrieven en sociale media. Dat werkt goed.
De verkoop via internet moet overigens wel beter. Voorafgaande aan de KBb-vergadering was ook de Libris-vergadering. Daar zei Caroline Damwijk: het gaat goed met het boek, maar de omzetstijging zit vooral online en gaat niet naar ons. We moeten daarom alles proberen om te profiteren van de groei van online. Een mooie pilot is de mogelijkheid om vanuit de winkelvoorraad te leveren. Als wij een internetbestelling krijgen, hebben we tot 16 uur de tijd om van daaruit de klant te helpen. Pas daarna gaat de bestelling naar CB. Zo kunnen we nog sneller zijn. Jammer is alleen dat we die deadline van 16 uur wel eens missen. Of dat de voorraad niet helemaal klopt, omdat sommige retouren niet automatisch worden verwerkt. Het is een kwestie van organisatie om dat goed op te pikken.
We willen zeker klanten – zeker ook uit Katwijk en Teylingen [de gemeente van Sassenheim, Voorhout en Warmond, md], die ons goed kennen maar die iets verder wonen – meer verleiden om op internet bij ons te bestellen. Daar moeten we alleen nog meer werk van maken. Tegelijk blijven we de voordelen van de winkel benadrukken. Tijdens de feestdagen spelen we in op de onzekerheid over de bezorging door PostNL. We schreven in onze nieuwsbrief: wilt u zeker zijn van uw cadeau, bestel dan bij ons.'

2 augustus AKO neemt RDC over
'Dat zijn spannende ontwikkelingen. AKO met RDC – en ze waren dit jaar ook begonnen met campusboekhandels en de boekenafdelingen van De Bijenkorf. Daarmee ontstaat er een wel heel grote partij naast Libris Blz, waar Van der Meer bij is aangesloten. Ik heb er persoonlijk geen last van: in Noordwijk zit geen AKO. Maar zulke groepen hebben een grote invloed op het hele boekenvak. Toen Polare en Libridis vlak na elkaar verdwenen, werd CB gedwongen de kredietlimieten te verscherpen. Daar kreeg iedereen mee te maken.
In Noordwijk zit alleen een Bruna. Maar ik kan niet zeggen dat ik op de voet volg wat deze keten doet. Belangrijk is vooral dat ik de goede relatie met deze ondernemer behoud. Hij is heel actief in de winkeliersvereniging. Daar heb je wat aan. En we hebben er het meest baat bij als we samen opkomen voor het belang van het boek. Als wij lokale uitgaven inkopen, zoals ieder jaar de Noordwijkagenda, verkopen we een deel van de oplage altijd aan hem door. Er zijn nu eenmaal mensen die liever naar de Bruna gaan. Prima. Dus "de concurrent helpen", zoals een klant laatst zei? Nee, zo zie ik dat niet.'

'Dat was een groot feest natuurlijk. Dat begon al in de aanloop naar de uitreiking. Dat leefde echt in het dorp en zorgde voor een boost in de omzet. Belangrijk, omdat de zomer zo pittig was en ik toen nog echt twijfelde of het door de overname kwam. Na de uitreiking bracht het me alleen maar meer. In de eerste plaats aandacht, uit het vak en van klanten. En daar had de winkel direct baat bij. Omdat ik bekender was in het vak, waren uitgevers sneller bereid te helpen. En omdat er meer aanloop was van klanten, tot mensen uit Brabant aan toe die eens wilden komen kijken, ook meer omzet. Het is steeds drukker geworden. En in november hadden we voor het eerst een plus ten opzichte van dezelfde maand vorig jaar.'

'Toen de CPNB mailde dat zij stageplaatsen zocht, heb ik Eveline Aendekerk gelijk uitgenodigd. Wij zijn het helaas niet geworden, dus ik heb haar nog niet ontmoet. Dat komt nog wel. Als de CPNB maar doorgaat met collectieve promotie. Daar hebben wij veel aan. De Kinderboekenweek was dit jaar een groot succes. Anders dan voorgaande jaren, toen nog wel eens een klant verdwaasd was door de grote aandacht voor kinderboeken in de winkel, leek iedereen het te weten. Tegelijk is het goed dat er gesneden is in het aantal acties. Juist omdat ze collectief zijn, ben je haast verplicht om mee te doen. Neem de Maand van de Spiritualiteit. Een dag is prima. Maar een hele maand? En nog wel in januari? We hebben het essay van Daphne Deckers nog steeds liggen.
Een van de redenen om minder collectieve acties te doen, is de ruimte als individuele winkel om acties te organiseren. Dat zijn we alleen maar meer gaan doen sinds ik eigenaar van Van der Meer ben, die al een reputatie had op dit gebied. Elke zaterdag en zondag is hier iets te doen. Ook als de activiteit meer kost dan hij oplevert: het levert altijd aandacht op in de lokale media, die dat niet beschouwen als reclame maar als nieuws. Zo blijft de winkel op het netvlies. Een van de nieuwe dingen is, sinds half oktober, de mogelijkheid om hier te eten. Iedere donderdag koken we voor maximaal twintig mensen uit een recent verschenen kookboek. Na een paar keer zat het al iedere donderdag vol. En ja, dan verkopen we ook exemplaren van het kookboek van die week.'

18 september Kabinet zet btw-verhoging door
'Op 1 januari is mijn voorraad in een klap 3% minder waard. Mijn boekhouder zegt dat het om zulke kleine bedragen gaat dat ik me niets van moet aantrekken, maar ik maak me wel zorgen. Ook omdat ik zo groen ben in het vak. Wat als de media in januari een beeld schetsen dat alles zo veel duurder is geworden? Wat betekent dat voor de omzet? En wat doen uitgevers? Ze zijn al lang begonnen met de prijs verhogen. De paperback van Michelle Obama kost nu al 26,99 euro. Best veel geld, ik kan me niet voorstellen dat die na 1 januari nog duurder wordt.
Tegelijk gaat de btw op e-boeken op termijn omlaag, nu is afgesproken dat ze onder het lage tarief gaan vallen. Ook dat maakt mij nerveus. Het prijsverschil valt nu mee. Ik hoor klanten vaak genoeg zeggen: voor vijf euro meer heb ik een fijn papieren boek dat mooi in de kast staat. Maar als dat prijsverschil groeit en klanten opeens wél kiezen voor de digitale versie? Ik probeer daar nu al op in te spelen door het aanbod uit te breiden: spellen, kraamcadeautjes zoals servies en kleding. Allemaal producten waar de btw niet zo'n grote invloed heeft, omdat je met de prijs kunt variëren. Op termijn willen we naar een assortiment met 60% boeken. Nu is dat iets tussen de 70% en 80% – maar wel al gedaald.'

'En Libris Woerden sloot daarom. Dat vond ik geen goed nieuws. Het is erg als concurrentie ertoe leidt dat andere winkels moeten verdwijnen. Ik denk niet dat in Noordwijk hetzelfde kan gebeuren, ook al groeit het aantal regionale ketens. De Kler heeft nu tien vestigingen in Leiden en omgeving. Paagman is uitgebreid naar Delft. H. de Vries en Van Stockum profileren zich door de naamswijziging sterker. Maar wij hebben zo'n sterke naam in het dorp dat ik me niet kan voorstellen dat klanten ons zomaar in de steek laten als een van deze partijen hier een winkel begint.
Wel hou ik de plaatsen in de omgeving in de gaten om eventueel zelf uit te breiden. Katwijk heeft geen boekhandel. Teylingen ook niet. Als daar een pand vrij komt dat geschikt is voor een boekhandel sluit ik niet uit dat wij de stap wagen. Niet meteen, de focus ligt nu echt op deze winkel, maar tussen nu en vijf jaar gaat dat zeker spelen. En dan ligt Katwijk het meest voor de hand. Wie daar woont, gaat nu vaak eerder in Noordwijk winkelen dan in Leiden, dat groter is en waar je eerder problemen met parkeren hebt. Parkeren is absoluut geen issue in Noordwijk.'

9 november Harry Potterpop-upstore sluit jubileumjaar af
'Uitgevers verkopen steeds vaker zelf hun boeken via pop-upstores. Ik denk dat die aandacht voor de boeken ook goed voor ons is. Onze YA-leesclub is bijvoorbeeld naar de Harry Potterwinkel gegaan. Maar voor de boekhandels naast de deur is zo'n pop-upstore misschien minder leuk. Ik heb er ook moeite mee als uitgevers leveren aan andere partijen in Noordwijk. Voor de Kinderboekenweek 2017 hadden we een Superjuffie-display gekocht, waarna de supermarkt mocht stunten met een andere editie. Dit jaar lag hier recht tegenover bij de Action de oudere druk van een reisgidsenserie tegen fors lagere prijs. Ik begrijp dat uitgeverijen wel moeten als de boekhandel niet genoeg heeft ingekocht. Maar leg het allemaal maar uit aan je klanten. Lastig.
Ik vind het wel een voordeel dat ik nu verantwoordelijk ben voor de inkoop. Peter en Martha kenden het spelletje met de uitgever goed en dachten daarom misschien makkelijker: laat maar zitten. Zij kenden de grenzen. Ik niet, ik ben megagroen in dat onderhandelen, en ik zeg daarom misschien wél: voorlopig koop ik even niets in van die of die uitgeverij. Wellicht kan ik zo de grenzen oprekken. Want er zijn best mogelijkheden. Ik heb van sommige uitgeverijen minder ingekocht omdat er minder makkelijk afspraken te maken waren – wat door de krappere kredietlimiet moest – en dan merk je dat dat toch wordt opgemerkt. Een aantal van hen heeft me dit najaar opgebeld om alsnog te proberen tot zaken te komen.'
(Eerder gepubliceerd in Boekblad magazine, dec 2018)